Skoda Fabia: Een overzicht van veelvoorkomende storingen en hoe ze op te lossen

De Skoda Fabia, een populaire auto in Nederland, staat bekend om zijn betrouwbaarheid en praktische bruikbaarheid. Echter, net als elke auto, kan de Fabia na verloop van tijd te maken krijgen met verschillende storingen. Dit artikel geeft een overzicht van enkele veelvoorkomende problemen en mogelijke oplossingen, zodat je als Fabia-eigenaar goed voorbereid bent.

Motorproblemen

Een van de meest voorkomende klachten bij oudere Fabia modellen (zoals de 1.4 16v uit 2006) zijn motorproblemen, zoals het kortstondig inhouden van de motor, vooral op de snelweg.

Mogelijke oorzaken en oplossingen:

  • Bobine: Een verdachte of defecte bobine kan de oorzaak zijn. Vervang de bobine en de bijbehorende bougie. Overweeg om alle bougies tegelijk te vervangen voor een optimaal resultaat.
  • Katalysator: Een defecte katalysator kan ook motorproblemen veroorzaken. Let op een rammelend geluid bij het erop slaan. De dealer kan een hoge prijs vragen voor vervanging, maar er zijn goedkopere alternatieven beschikbaar.
  • Gasklephuis: Een vervuild gasklephuis kan eveneens problemen veroorzaken.

Het uitlezen van foutcodes

Het uitlezen van foutcodes kan helpen bij het diagnosticeren van problemen. De vraag is of dit zelf gedaan kan worden.

Ja, dit is mogelijk met behulp van een OBD2-scanner (On-Board Diagnostics). Er zijn verschillende opties beschikbaar, van goedkopere dongles tot meer uitgebreide systemen zoals OBDeleven. OBDeleven kan alle VAG-specifieke modules en sensoren uitlezen, wat handig kan zijn voor het verder onderzoeken van foutcodes.

OBD2-scanners

De 'standaard' OBD2 lezers zijn op vrijwel alle auto's bruikbaar, maar die missen dus wel vaak de extraatjes die ik al noemde.

Lees ook: Škoda onderhoud: prijzen en details

De OBDeleven NextGen werkt inderdaad met iOS, ook de pro versie. Je kan het ook prima af met de niet-pro versie, alleen kan je dan niet het gasklephuis inleren. Wel foutcodes lezen en wissen, en geen sensoren uitlezen. Maar je kan altijd besluiten later nog los een Pro licentie te kopen, ben je ny weer 25 euro goedkoper uit.

Wat die ES680 in elk geval wel kan is algemene foutcodes(niet merkgebonden) uitlezen van andere automerken, én je kan er de specifieke Vagfoutcodes mee uitlezen.

OBD2 DTC’s zijn codes die in het motormanagementsysteem worden bewaard als er een fout optreedt in het systeem van het voertuig. De monteur heeft hierdoor een richtlijn waar hij moet beginnen om het probleem op te lossen. Het eerste karakter is een letter welke aangeeft waardoor de code is geactiveerd.

Hieronder een lijst met foutcodes:

CodeOmschrijving
P0000Gereserveerd door de SAE, gebruik niet toegestaan
P0001Regeling Brandstofhoeveelheid, circuit onderbroken
P0002Regeling Brandstofhoeveelheid, onwaarschijnlijk signaal
P0003Regeling Brandstofhoeveelheid, signaal te zwak
P0004Regeling Brandstofhoeveelheid, signaal te sterk
P0005Brandstof-afsluit-klep, circuit onderbroken
P0006Brandstof-afsluit-klep, signaal te zwak
P0007Brandstof-afsluit-klep, signaal te sterk
P0008Motor positiesysteem, cilinderrij 1, motorvermogen
P0009Motor positiesysteem, cilinderrij 2, motorvermogen
P000ANokkenas A (bank 1 inlaat), trage respons nokkenasverstelling
P000BNokkenas B (bank 1 uitlaat), trage respons nokkenasverstelling
P000CNokkenas A (bank 2 inlaat), trage respons nokkenasverstelling
P000DNokkenas B (bank 2 uitlaat), trage respons nokkenasverstelling
P000ERegeling Brandstofhoeveelheid, limiet overschreden tijdens aanleren
P000FBrandstof Systeem, klep voor overdruk geactiveerd
P0010Nokkenaspositie-bediening A cilinderrij 1, storing in circuit
P0011Nokkenaspositie-bediening A cilinderrij 1, timing te veel vervroegd
P0012Nokkenaspositie-bediening A cilinderrij 1, timing teveel verlaat
P0013Nokkenaspositie-bediening B cilinderrij 1, storing in circuit
P0014Nokkenaspositie-bediening B cilinderrij 1, timing te veel vervroegd
P0015Nokkenaspositie-bediening B cilinderrij 1, timing te veel verlaat
P0016Nokkenaspositiesensor (G40) Bank-1 / Krukaspositiesensor (G28), onjuiste verhouding
P0017Nokkenaspositiesensor (G300) Bank-1 / Krukaspositiesensor (G28), onjuiste verhouding
P0018Nokkenaspositiesensor (G163) Bank-2 / Krukaspositiesensor (G28), onjuiste verhouding
P0019Nokkenaspositiesensor (G301) Bank-2 / Krukaspositiesensor (G28), onjuiste verhouding
P001AInlaat (A) Nokkenasprofiel bank 1, open circuit
P001BInlaat (A) Nokkenasprofiel bank 1, signaal te zwak
P001CInlaat (A) Nokkenasprofiel bank 1, signaal te sterk
P001DInlaat (A) Nokkenasprofiel bank 2, open circuit
P001EInlaat (A) Nokkenasprofiel bank 2, signaal te zwak
P001FInlaat (A) Nokkenasprofiel bank 2, signaal te sterk
P0020Nokkenaspositie-bediening A cilinderrij 2, storing in circuit
P0021Nokkenaspositie-bediening A cilinderrij 2, timing te veel vervroegd
P0022Nokkenaspositie-bediening A cilinderrij 2, timing teveel verlaat
P0023Nokkenaspositie-bediening B cilinderrij 2, storing in circuit
P0024Nokkenaspositie-bediening B cilinderrij 2, timing te veel vervroegd
P0025Nokkenaspositie-bediening B cilinderrij 2, timing te veel verlaat
P0026Circuit regelsensor inlaatklep, cilinderrij 1, onaannemelijk signaal
P0027Circuit regelsensor uitlaatklep, cilinderrij 1, onaannemelijk signaal
P0028Circuit regelsensor inlaatklep, cilinderrij 2, onaannemelijk signaal
P0029Circuit regelsensor uitlaatklep, cilinderrij 2, onaannemelijk signaal
P002AUitlaat (B) Nokkenasprofiel bank 1, open circuit
P002BUitlaat (B) Nokkenasprofiel bank 1, signaal te zwak
P002CUitlaat (B) Nokkenasprofiel bank 1, signaal te sterk
P002DUitlaat (B) Nokkenasprofiel bank 2, open circuit
P002EUitlaat (B) Nokkenasprofiel bank 2, signaal te zwak
P002FUitlaat (B) Nokkenasprofiel bank 2, signaal te sterk
P0030Verwarming lambda-sensor 1 cilinderrij 1, onderbreking / storing in circuit
P0031Verwarming lambda-sensor 1 cilinderrij 1, kortsluiting naar massa
P0032Verwarming lambda-sensor 1 cilinderrij 1, kortsluiting naar plus
P0033Laaddruk regelklep turbo (N249), storing in circuit
P0034Laaddruk regelklep turbo (N249), signaal te zwak
P0035Laaddruk regelklep turbo (N249), signaal te sterk
P0036Verwarming lambda-sensor 2 cilinderrij 1, storing in circuit
P0037Verwarming lambda-sensor 2 cilinderrij 1, signaal te zwak
P0038Verwarming lambda-sensor 2 cilinderrij 1, signaal te sterk
P0039Laaddruk regelklep turbo (N249), onwaarschijnlijk signaal
P003ATurbocharger / Supercharger Drukcontrole ‘A’, inleergrens overschreden
P003BTurbocharger / Supercharger Drukcontrole ‘B’, inleergrens overschreden
P003CInlaat (A) Nokkenasprofiel bank 1, werking of zit los
P003DInlaat (A) Nokkenasprofiel bank 1, werking of zit vast
P003EInlaat (A) Nokkenasprofiel bank 2, werking of zit los
P003FInlaat (A) Nokkenasprofiel bank 2, werking of zit vast
P0040Lambda-sensor 1 Bank-1 / Lambdasonde 1 Bank-2, verwisseld
P0041Lambda-sensor 2 Bank-1 / Lambdasonde 2 Bank-2, verwisseld
P0042Verwarming lambda-sensor 3 cilinderrij 1, storing in circuit
P0043Verwarming lambda-sensor 3 cilinderrij 1, signaal te zwak
P0044Verwarming lambda-sensor 3 cilinderrij 1, signaal te sterk
P0045Regelsensor laaddruk turbo, onderbreking
P0046Regelsensor laaddruk turbo, onaannemelijk signaal
P0047Regelsensor laaddruk turbo, signaal te zwak
P0048Regelsensor laaddruk turbo, signaal te sterk
P0049Turbine turbo, te hoog toerental
P004ATurbocharger / Supercharger Drukcontrole ‘B’, onderbreking in circuit
P004BTurbocharger / Supercharger Drukcontrole ‘B’, onwaarschijnlijk signaal
P004CTurbocharger / Supercharger Drukcontrole ‘B’, signaal te zwak
P004DTurbocharger / Supercharger Drukcontrole ‘B’, signaal te sterk
P004ETurbocharger / Supercharger Drukcontrole ‘A’, signaal onderbroken of foutief
P004FTurbocharger / Supercharger Drukcontrole ‘B’, signaal onderbroken of foutief
P0050Verwarming lambda-sensor 1 cilinderrij 2, storing in circuit
P0051Verwarming lambda-sensor 1 cilinderrij 2, kortsluiting naar massa
P0052Verwarming lambda-sensor 1 cilinderrij 2, kortsluiting naar plus
P0053Verwarming lambda-sensor 1 cilinderrij 1 HO2S Heater, Resistance Bank 1 Sensor 1 (PCM)
P0054Verwarming lambda-sensor 2 cilinderrij 1 HO2S Heater, Resistance Bank 1 Sensor 2 (PCM)
P0055Verwarming lambda-sensor 3 cilinderrij 1 HO2S Heater, Resistance Bank 1 Sensor 3 (PCM)
P0056Verwarming lambda-sensor 2 cilinderrij 2, storing in circuit
P0057Verwarming lambda-sensor 2 cilinderrij 2, kortsluiting naar massa
P0058Verwarming lambda-sensor 2 cilinderrij 2, kortsluiting naar plus
P0059Verwarming lambda-sensor 1 cilinderrij 1 HO2S Bank-2 Sensor-1 Heater Resistance
P005AUitlaat (B) Nokkenasprofiel bank 1, werking of zit los
P005BUitlaat (B) Nokkenasprofiel bank 1, werking of zit vast
P005CUitlaat (B) Nokkenasprofiel bank 2, werking of zit los
P005DUitlaat (B) Nokkenasprofiel bank 2, werking of zit vast
P005ETurbocharger / Supercharger Druk-Controle ‘B’, Voedingsspanning, signaal te zwak
P005FTurbocharger / Supercharger Druk-Controle ‘B’, Voedingsspanning, signaal te sterk
P0060Verwarming lambda-sensor 2 cilinderrij 2 HO2S Bank-2 Sensor-2 Heater Resistance
P0061Verwarming lambda-sensor 3 cilinderrij 3 HO2S Bank-2 Sensor-3 Heater Resistance
P0062Verwarming lambda-sensor 3 cilinderrij 2, storing in circuit
P0063Verwarming lambda-sensor 3 cilinderrij 2, signaal te zwak
P0064Verwarming lambda-sensor 3 cilinderrij 2, signaal te sterk
P0065Luchtgestuurd Injectieventiel (N212), onwaarschijnlijk signaal
P0066Luchtgestuurd Injectieventiel (N212), kortsluiting naar massa
P0067Luchtgestuurd Injectieventiel (N212), kortsluiting naar plus
P0068Luchtdruk inlaat - Luchtmassa-hoeveelheid - afwijking stand gaspedaal
P0069Luchtdruk Inlaat - Lucht buitenlucht, verkeerde verhouding
P006AMAP Barometrische Druk, verhouding
P006BMAP Massa of Volume Lucht, verhouding (bank 1)
P006CMAP - Turbocharger / Supercharger, verhouding inlaatdruk
P006DBarometrische Druk - Turbocharger / Supercharger, verhouding inlaatdruk
P006ETurbocharger / Supercharger Druk-Controle ‘A’, Voedingsspanning, signaal te zwak
P006FTurbocharger / Supercharger Druk-Controle ‘A’, Voedingsspanning, signaal te sterk
P0070Sensor buitentemperatuur (G17), fout in circuit
P0071Sensor buitentemperatuur (G17), onwaarschijnlijk signaal
P0072Sensor buitentemperatuur (G17), signaal te zwak
P0073Sensor buitentemperatuur (G17), signaal te sterk
P0074Sensor buitentemperatuur (G17), signaal intermittent
P0075Regelsolenoïde inlaatklep cilinderrij 1, storing in circuit
P0076Regelsolenoïde inlaatklep cilinderrij 1, signaal te zwak
P0077Regelsolenoïde inlaatklep cilinderrij 1, signaal te sterk
P0078Regelsolenoïde uitlaatklep cilinderrij 1, storing in circuit
P0079Regelsolenoïde uitlaatklep cilinderrij 1, signaal te zwak
P007AInterkoeler, temperatu...

Katalysator problemen

Een veelvoorkomend probleem bij oudere auto's is een defecte katalysator. De dealer kan een hoge prijs vragen voor vervanging. Een katalysator kost een paar honderd, bobine een paar tientjes en wat speurwerk.

Lees ook: Waarop letten bij een Fabia?

Symptomen: Rammelend geluid, afkeuring bij de APK-viergastest, foutcode P0420 (lage efficiëntie katalysator).

Oplossingen:

  • Vervang de katalysator. Kies een goed merk, maar vermijd de duurste optie van de dealer.
  • Controleer de lambdasensoren. Deze kunnen vaker kapot gaan dan de katalysator zelf.
  • Soms kan een klein deukje in de metalen behuizing het rammelen verhelpen.

Waarschuwingslampjes op het dashboard

Je auto kent maar liefst 64 symbolen die iets betekenen of zeggen, maar veel bestuurders weten van de meeste lampjes niet wat ze betekenen en of er dus actie ondernomen moet worden.

Het is belangrijk om de betekenis van de waarschuwingslampjes op het dashboard te kennen. De kleur van het lampje geeft de ernst aan:

  • Wit: Aanwijzing of aanbeveling.
  • Groen: Functioneert naar behoren.
  • Geel/Oranje: Binnenkort laten nakijken.
  • Rood: Direct actie ondernemen.

Hieronder een overzicht van enkele belangrijke waarschuwingslampjes:

Lees ook: De rijke historie van Škoda Zutphen

  1. Indicator die aangeeft dat de koppeling ingetrapt moet worden
  2. Indicator die aangeeft dat het rempedaal ingetrapt moet worden
  3. Auto staat op stuurslot
  4. Grootlicht ingeschakeld
  5. Lage bandenspanning
  6. Stadslichten staan aan
  7. Problemen met koplampen / achterlichten / richtingaanwijzers
  8. Problemen met de remlichten
  9. Waarschuwing dat temperatuur onder de 4 graden zakt
  10. Info-indicator
  11. Voorgloeien dieselmotor
  12. Waarschuwing voor ijsvorming
  13. Probleem met het startsysteem
  14. De sleutel bevindt zich niet in de auto
  15. Batterij van de afstandsbediening is bijna leeg
  16. Waarschuwingsafstand tot een andere auto
  17. Onderhoudswaarschuwingslampje
  18. Adaptieve koplampen ingeschakeld
  19. Afstelling van de hoogte van de koplamp
  20. Problemen met variabele achterspoiler
  21. Problemen bij het activeren van een elektrisch dak
  22. De airbag aan de voorzijde is uitgeschakeld
  23. Handrem is ingeschakeld
  24. Mistlampen voor ingeschakeld
  25. Problemen met stuurbekrachtiging
  26. Mistachterlichten ingeschakeld
  27. Laag niveau van ruitenwisservloeistof voorruit
  28. Versleten remblokken
  29. Cruise control is geactiveerd
  30. Richtingaanwijzer(s) aan
  31. Problemen met de lichtsensor of regensensor
  32. Water in brandstoffilter
  33. Airbag uitgeschakeld
  34. Mechanisch probleem of elektrische fout
  35. Dimlicht ingeschakeld
  36. Vuil luchtfilter moet worden vervangen
  37. Parkeersensoren ingeschakeld
  38. Problemen met het roetfilter (DPF)
  39. Fout - ontkoppeling van de stekker van de aanhangwagen
  40. Luchtveringsproblemen
  41. Waarschuwing voor onbedoeld verlaten van de rijstrook actief (rijstrookbewaking)
  42. Problemen met de katalysator
  43. Gordelwaarschuwing
  44. Waarschuwingslicht auto staat op de handrem
  45. Dynamo- of accuproblemen
  46. ECO-modus ingeschakeld (instelling voor extra zuinig rijden)
  47. Downhill-assist staat ingeschakeld (alleen bij SUV's en terreinwagens, hulp bij afdalen)
  48. Problemen met het koelsysteem
  49. Probleem met het ABS
  50. Problemen met het brandstoffilter
  51. Portier niet (goed) gesloten
  52. Motorkap niet (goed) gesloten
  53. Brandstoftank in reservevoorraad beland
  54. Problemen met automatische versnellingsbak
  55. Snelheidsbegrenzer is actief
  56. Voorruitverwarming ingeschakeld
  57. ESP (Electronic Stability Program, oftewel anti-slip controle) is uitgeschakeld
  58. Achterklep niet (goed) gesloten
  59. Lage oliedruk
  60. Automatische ruitenwissers ingeschakeld
  61. Probleem met de motor
  62. Regensensor ingeschakeld
  63. Achterruitverwarming ingeschakeld

Service-intervalindicatie

De service-intervalindicatie informeert je over de tijd of het aantal kilometers tot de volgende servicebeurt. Informatie over de service-intervallen kun je vinden in het Serviceplan.

Afstand en dagen tot de eerstvolgende servicetermijn weergeven:

  1. Het contact inschakelen.
  2. De toets A indrukken en ingedrukt houden, tot op het display het menupunt Servicebeurt wordt weergegeven.
  3. Toets A loslaten.

Op het display verschijnen gedurende 4 seconden het symbool  en bijvoorbeeld de volgende meldingen over het aantal kilometers of de dagen tot de volgende servicebeurt:

Olieservice … / … Inspectie … / …OLIESERV IN … OF … INSPECTIE IN … OF …

Meldingen vóór het bereiken van de servicetermijn:

Voordat de servicetermijn wordt bereikt verschijnt op het display na het inschakelen van het contact het symbool  en een melding met betrekking tot het aantal kilometers of dagen tot de volgende servicebeurt.

Meldingen bij het bereiken van de servicetermijn:

Zodra het service-interval is bereikt, verschijnt op het display na het inschakelen van het contact het symbool  en bijvoorbeeld de volgende melding:

Olieservice nu!OLIESERVICE NUofInspectie nu!INSPECTIE NUofOlieservice en inspectie nu!OLIESERVICE + INSPECTIE NU

Service-intervalindicatie terugzetten:

Het wordt aangeraden om het terugzetten van de indicatie door een specialist te laten uitvoeren. Het wordt afgeraden de service-intervalindicatie zelf terug te zetten.

Brandstof

De benzine moet aan de Europese norm EN 228 voldoen. Alleen loodvrije benzine gebruiken die maximaal 10% bioethanol (E10) bevat. Het wordt aangeraden benzine met additieven te gebruiken, die bij tankstations bij de pomp verkrijgbaar is.

Gebruik de benzine met het voor jouw wagen voorgeschreven octaangetal. Benzine met een hoger octaangetal dan voorgeschreven kan zonder beperkingen worden gebruikt.

Voorgeschreven benzine 95/min. 92 resp. 93 RON:

Wij adviseren benzine 95 RON te gebruiken. Optioneel kan ook benzine 92 resp. 93 RON worden getankt (gering vermogensverlies, licht verhoogd brandstofverbruik). In noodgevallen kan ook benzine 91 RON worden gebruikt (gering vermogensverlies, licht verhoogd brandstofverbruik).

Voorgeschreven benzine min. 95 RON:

Minimaal benzine 95 RON gebruiken. Het gebruik van benzine met een hoger octaangetal dan 95 RON kan voor een vermogenstoename en een lager brandstofverbruik zorgen. In noodgevallen kan ook benzine 91, 92 resp. 93 RON worden gebruikt (gering vermogensverlies, licht verhoogd brandstofverbruik).

Voorgeschreven benzine 98/(95) RON:

Wij adviseren benzine 98 RON te gebruiken. Optioneel kan ook benzine 95 RON worden getankt (gering vermogensverlies, licht verhoogd brandstofverbruik). In noodgevallen kan ook benzine 91, 92 resp. 93 RON worden gebruikt (gering vermogensverlies, licht verhoogd brandstofverbruik).

Automatische versnellingsbak

Als de keuzehendel vanuit stand N (wanneer de hendel langer dan 2 seconden in deze stand heeft gestaan) in stand D of R wordt gezet, moet bij snelheden onder 5 km/h evenals bij stilstaande wagen en ingeschakeld contact het rempedaal worden ingetrapt.

D - Stand voor vooruitrijden (normaal programma):

In deze stand worden de vooruitversnellingen, afhankelijk van de motorbelasting, rijsnelheid en het dynamische schakelprogramma, automatisch op- en teruggeschakeld. Voor het inschakelen van stand D vanuit N moet bij een snelheid beneden 5 km/h resp. bij stilstaande wagen het rempedaal worden ingetrapt.

Onder bepaalde omstandigheden (bijvoorbeeld bij het rijden in de bergen of bij aanhangwagengebruik) kan het gunstig zijn tijdelijk naar het handmatige schakelprogramma over te schakelen, om de overbrengingsverhouding handmatig aan de rijomstandigheden aan te passen.

S - Stand voor vooruitrijden (sportprogramma):

Door laat op te schakelen wordt het vermogenspotentieel van de motor optimaal benut. Terugschakelen gebeurt bij hogere motortoerentallen dan in stand D.

Als de keuzehendel in stand S wordt gezet vanuit stand D, moet de grendelknop in de keuzehendel worden ingedrukt.

Handmatig schakelen (tiptronic)

De tiptronic biedt de mogelijkheid om handmatig via de keuzehendel of het multifunctioneel stuurwiel te schakelen.

Omschakelen naar handmatig schakelen:

De keuzehendel vanuit stand D naar rechts drukken. Na het omschakelen wordt op het display de momenteel ingeschakelde versnelling weergegeven.

Opschakelen:

  • De keuzehendel naar voren + drukken.
  • De rechterpeddel + naar het multifunctioneel stuurwiel trekken.

Terugschakelen:

  • De keuzehendel naar achteren aantippen -.
  • De linkerpeddel - naar het multifunctioneel stuurwiel trekken.

Tijdelijk omschakelen naar handmatig schakelen:

  • Als de keuzehendel in de stand D of S staat, de linkerpeddel - of de rechterpeddel + naar het multifunctioneel stuurwiel trekken.
  • Als de peddels - of + enige tijd niet worden bediend, wordt het handmatig schakelen uitgeschakeld.

Populaire artikelen:

Plaats een reactie