De fascinerende geschiedenis van Auto Union AG: De geboorte van Audi

Voordat het moderne Audi tot stand kwam, kende het bedrijf veel verschillende vormen. Wie Audi vandaag de dag bekijkt, zou kunnen denken dat het merk al zo lang het bestaat geschaard wordt onder de “premium” merken. Maar er waren veel verschillende bedrijven, fusies en uiteindelijk moederbedrijf Volkswagen voor nodig om Audi uit te laten groeien tot het hoog aangeschreven merk dat het vandaag de dag is.

Auto Union Logo

Oorsprong in verschillende bedrijven

Het huidige merk Audi is niet zonder slag of stoot gevormd. Audi is ontstaan na een fusie van vier verschillende bedrijven:

  • Audi (Audiwerke AG)
  • DKW
  • Horch
  • Wanderer

In 1899 richtte August Horch het bedrijf A. Horch & Cie. op. Zijn eerste auto bouwde Horch in 1901. In 1904 werd Horch's bedrijf omgezet in een NV met de naam Zwickau A. Horch & Cie. Motorwagen-Werke AG. Tegelijkertijd begon Jörgen Skafte Rasmussen het bedrijf DKW, wat stond voor "Dampfkraftwagen". Zoals de naam doet vermoeden specialiseerde Rasmussen zich in het bouwen van door stoomkracht aangedreven voertuigen.

Enkele jaren later, in 1909, verloor August Horch na een conflict zijn eigen bedrijf. Hierop besloot hij een nieuwe onderneming te starten: Horch Automobil-Werke GmbH. De rechter verbood hem echter om deze naam te gebruiken en dus vertaalde Horch zijn bedrijfsnaam naar het Latijn: Horch Audiwerke GmbH, kortweg Audi genoemd. Van 1911 tot 1914 was Horch met zijn Audi zeer succesvol in de Alpenfahrt.

Horch introduceerde in 1921 als eerste merk een auto met het stuur aan de linkerkant, de Type K. Een jaar later begon het fusiebedrijf Zschopauer Motorenwerke/DKW met de productie van motorfietsen. In de daaropvolgende zes jaar was het de grootste motorfietsenproducent ter wereld. In 1926 produceerde Horch de eerste Duitse achtcilinder die in grote serie werd geproduceerd. De motor was gebouwd door Paul Daimler. Ondertussen plukte DKW de vruchten van haar fusie met de motorenbouwer Zschopauer: DKW introduceerde haar eerste auto in 1928, aangedreven door motorfietsmotor.

Lees ook: Auto Union Zakynthos: Een overzicht

Fusie na fusie

Rasmussen deed goed werk met DKW. Zo goed zelfs, dat hij in 1928 Audiwerke AG kon overnemen. In 1931 liet hij in de Audiwerke AG fabriek een compacte DKW met voorwielaandrijving produceren. In 1932 fuseerden de vier automerken Audi (Audiwerke AG), DKW, Horch en Wanderer tot Auto Union. Auto Union had dankzij de fusie zeer veel know how op veel gebieden in huis. De samensmelting van de vier automerken Audi, DKW, Horch en Wanderer kwam symbolisch tot uitdrukking in het Auto-Union-logo met de ineengestrengelde ringen, het huidige Audi-logo.

Auto-Union is een Duitse autofabriek die ontstond uit de fusie van de merken Audi, DKW (‘Dampf-Kraft-Wagen’), Horch en Wanderer onder invloed van de depressie van de jaren dertig in 1932. Alle vier de fabrieken stonden in Saksen, onder meer in Zwickau en Chemnitz. Na de fusie bleven de merknamen in gebruik. Auto Union introduceerde in 1933 hun eerste auto (onder de naam Audi) maar maakte vooral veel furore in de racerij.

Een korte geschiedenis van Audi: Chaos en strijd gingen vooraf aan het succes van de autosport @c...

Tot 1940 produceerde Auto Union auto's onder de namen Audi en DKW en diverse raceauto's en studiemodellen. Auto Union kreeg het voor elkaar om in 1937 met een model met 545 pk de snelheidsbarrière van 400 km/u te doorbreken.

Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak, ging Auto Union zich uitsluitend toespitsen op de productie van militaire voertuigen. Vanwege de oorlog werd in mei 1940 de bouw van personenauto’s gestaakt; tot 1945 werd de Sd.Kfz. 222 door Audi geproduceerd, een lichte pantserwagen die een snelheid van 80 km/h kon behalen. Daarmee kwam een einde aan de civiele tak van Auto Union. In de loop van de oorlog werden de fabrieken zwaar gebombardeerd, en op 17 april 1945 werd de fabriek in Zwickau door de Amerikanen ingenomen. Pogingen om na de tweede wereldoorlog de autoproductie in het Oost-Duitse Saksen weer op te starten mislukten definitief in 1948.

Maar ex-werknemers van Auto Union richtten het merk in 1949 opnieuw op, ditmaal in het Beierse Ingolstadt, en begonnen personenauto’s te bouwen onder de merknaam DKW. In 1957-1959 werden verschillende vernieuwingen doorgevoerd. Daimler-Benz verwierf een meerderheid in de aandelen.

Auto Union en Daimler-Benz

Tot die bijzonderheden behoort onder andere de volledige overname van Auto Union GmbH door Daimler-Benz AG in 1958, totdat de meerderheid van het belang in 1965 verkocht werd aan Volkswagen. De overname van Auto Union leidde onder andere tot het ontstaan van de Mercedes-Benz fabriek in Düsseldorf en de bijdragen van Mercedes-Benz aan de ontwikkeling van verscheidene Audi’s in de jaren ’60.

Lees ook: Hoe auto afschrijving berekenen?

Mercedes-Benz kon de capaciteit van de fabriek in Düsseldorf goed gebruiken en kon uiteindelijk vergaande wijzigingen doorvoeren nadat Auto Union in mei 1961 de gehele productie had verplaatst naar Ingolstadt. De fabriek in Düsseldorf werd vanaf dat moment aangepast voor de productieverplaatsing van de L319 bestelwagen en de OM636 dieselmotoren. Ook de assemblage van stuurinrichtingen en schakelmechanismen zou voortaan in Düsseldorf plaatsvinden.

Ludwig Kraus werd vergezeld door een team van uiterst gemotiveerde jonge Daimler-Benz techneuten en hij nam een nieuwe motor mee. De M118 (werknaam “Mexico”) had een hoge compressieverhouding (1:11,2) en een speciaal inlaatsysteem welke sterke wervelingen in het inlaatmengsel veroorzaakte. Dit leidde tot een lager brandstofverbruik en sterk gereduceerde vibraties wat bevestigd werd tijdens de uitgebreide validatieperiode. Het motorblok debuteerde in 1965 in de Audi 72 (intern F103). Dit werd de eerste na-oorlogse Audi en de eerste na-oorlogse personenwagen van Auto Union met een vier-takt motor.

In 1965 werd Auto Union door Mercedes verkocht aan Volkswagenwerk AG, waarna de vooroorlogse merknaam Audi weer werd opgepakt. Bij deze deal zat de Audi 60, een auto waarvan Mercedes zelf niet veel verwachtte, maar een commercieel succes werd. Ludwig Kraus bleef in Ingolstadt en werd in 1965 benoemd tot Technisch Directeur toen Daimler-Benz het meerderheidsbelang van Auto Union verkocht aan de Volkswagengroep, die een jaar later ook het resterende belang zouden overnemen.

Zo begon Kraus in het geheim aan de ontwikkeling van de Audi 100 C1. Samen met de eveneens nooit geproduceerde W122 maakte de W118/W119 deel uit van een onderzoek van Mercedes-Benz naar auto’s in het middensegment. Opvallend was dat de W118/W119 een enkele deur links had en twee deuren rechts. Dit werd gedaan om op ware grootte met één auto een indruk te kunnen krijgen van zowel een coupé als een sedan.

Zowel enkele vormgevingselementen van de W118/W119 alsmede de M118 vier-cilinder motor kwamen dankzij de invloeden van Kraus terug in de Audi 100 die in 1968 debuteerde. De wagen vormde een belangrijke schakel naar de toekomst van het merk.

Lees ook: Vind de perfecte autodealer in Huizen

Moeder Volkswagen

Pas na de oorlog hervatte Auto Union weer haar oude werkzaamheden als producent van personenwagens. In 1965 werd Auto Union overgenomen door Volkswagen. Auto Union was op dat moment al vergevorderd in het ontwikkelen van hun eerste naoorlogse auto en die kwam er dan ook gewoon. Het werd de Audi 60. De Audi 60 was grotendeels gebaseerd op Mercedes-Benz techniek, ook de motor kwam van Mercedes-Benz af. Mercedes-Benz was bang dat het model geen succes zou worden dus verkochten zij het concept aan Audi. De Audi 60 werd weldegelijk een succes.

Na de overname door Volkswagen was Audi nog niet klaar met fuseren. In 1969 werd ook NSU inclusief zijn slagzin “Vorsprung durch Technik” aan Auto Union toegevoegd, waarna het bedrijf Audi NSU Auto-Union A.G. ging heten. Automerk NSU werd door Audi opgenomen. NSU hanteerde de slogan "Vorsprung durch Technik" (voorsprong door techniek) die vandaag de dag nogsteeds door Audi wordt gehanteerd. De slogan ” Vorsprung durch Technik ” werd voor het eerst gebruikt in januari 1971 in een driedelige serie dubbelzijdige advertenties van Audi NSU Auto Union AG.

De overname van Audi door Volkswagen was ook voor Volkswagen essentieel, zo bleek later. Volkswagen had te kampen met tegenvallende verkopen en een beperkt modelaanbod en dus was het voor beide partijen gunstig dat de Audi 50 en Audi 80 aansloegen. Volkswagen maakte hier gebruik van en bracht de op de 50 en 80 gebaseerde Polo en Passat op de markt. Daarnaast had Volkswagen de Golf en Audi de 100.

Het onderscheid tussen Volkswagen en Audi werd verder doorgevoerd: In 1984 werd de merknaam Audi NSU Auto-Union A.G. veranderd in Audi A.G. Vanaf dat moment werd Audi gepositioneerd als luxemerk van de Volkswagen Groep. Audi maakte faam in de rallysport en met de introductie van TDI dieselmotoren. Na de productie van de Ro 80 was stopgezet, stopte het gebruik van de naam NSU als productnaam. Audi NSU Auto Union AG opereert sinds 1 januari 1985 onder de naam Audi AG. Tegelijkertijd verhuisde het bedrijf zijn hoofdkantoor van Neckarsulm naar Ingolstadt.

Jaren '90 luiden forse groei in

Begin jaren '90 maakte Audi een forse groei door. Met name de introductie van de eerste A4, de opvolger van de populaire 80, was belangrijk voor het merk. Ook de introductie van de Audi A3 en Audi A8 mogen niet over het hoofd worden gezien. Langzaam maar zeker begon Audi naar de automobiele top te klimmen. Steeds vaker werd het merk in één adem genoemd met BMW en Mercedes-Benz.

De groei van Audi bleef zich gedurende de jaren '90 voortzetten en dat leidde tot diverse hoogtepunten, zoals de introductie van de populaire TT. In 1998 kocht Audi Lamborghini over, iets waarvan de Duitsers later ook in hun eigen producten profijt van zouden ondervinden.

Het nieuwe millennium: Audi voegt zich definitief bij de top

In het nieuwe millennium zette Audi een zeer belangrijke "laatste stap" op weg naar de top. Niet langer gold het merk als alternatief voor BMW of Mercedes-Benz, maar als volwaardige concurrent. De nieuwe generaties van de A3, A4, A6 en A8 werden allen regelrechte succesnummers en Audi geniet vooral veel aanzien door hun hoge kwaliteit van afwerking en populaire technieken als Quattro vierwielaandrijving, direct ingespoten FSI motoren en lichtgewicht aluminium bouwtechnieken.

Ook wonnen de laatste jaren de sportieve S- en RS-modellen aan populariteit. Sinds Audi zich heeft geschaard tussen de andere twee Duitse merken, en er gesproken kan worden van "de Duitse Drie", heeft het in Ingolstadt gevestigde merk zich flink uitgebreid met nieuwe modellen en concepten zoals de grote SUV Q7 en R8 sportwagen, waarbij Audi naar hartelust kan winkelen in de keuken van Lamborghini. Voor de komende jaren lijkt de rek er nog niet uit want er staan veel nieuwe modellen op stapel. Ook in de racerij blijft Audi hoge ogen gooien, met name in Le Mans, waar het het eerste merk werd dat met een dieselauto wist te winnen.

Audi Sport GmbH

Audi Sport GmbH is een volledige dochteronderneming van Audi AG. Het bedrijf, dat tot eind 2016 quattro GmbH heette, werd opgericht in 1983 en is sinds 1996 onafhankelijk. Audi Sport is verantwoordelijk voor het personaliseren van elk Audi-model, en niet alleen sportief, volgens de wensen van de klant. Bepaalde uitrustingspakketten worden S line genoemd, speciale producties ook wel Audi exclusive genoemd. Het eerste onafhankelijke project van het toenmalige quattro GmbH was de S6 plus, die in maart 1996 werd gepresenteerd.

Recente ontwikkelingen

Aan het begin van de jaren 2020 zet Audi zijn productgamma om naar elektromobiliteit en concentreert zich op productontwikkeling op geëlektrificeerde modellen. Tegen 2026 zullen 20 elektrische modellen worden aangeboden. Medio maart 2021 kondigde bedrijfsbaas Markus Duesmann aan dat het bedrijf de ontwikkeling van een nieuwe generatie benzine-en dieselaandrijvingen stopzette. De plannen van de EU voor een nog strengere Euro 7-emissienorm vormen een enorme technische uitdaging met weinig voordelen voor het milieu. Dat beperkt de verbrandingsmotor extreem. Na de overdracht van de aandelen van de minderheidsaandeelhouders op 16 november 2020 is Audi 100% eigendom van Volkswagen AG

Dwangarbeid tijdens WOII

In een door Audi geïnitieerd onderzoek van 500 pagina’s naar Auto Union, de voorloper van het merk, wordt duidelijk welke gruweldaden het toenmalige management verweten kan worden. In de studie ‘Wartime Economy and Labour Deployment by Auto Union AG Chemnitz during World War II’, die vandaag gepubliceerd werd, wordt vastgesteld dat Audi tijdens de Tweede Wereldoorlog veelvuldig gebruik heeft gemaakt van dwangarbeid. Iets dat nooit een geheim is geweest, overigens.

Uit de studie blijkt dat het Auto Union-management de ‘morele verantwoordelijkheid’ draagt voor 4.500 dwangarbeiders uit concentratiekamp Flossenbürg - waar de lijken werden opgestapeld en verbrand - die zijn omgekomen tijdens werkzaamheden in een Auto Union-werkkamp te Leitmeritz. Audi heeft hierop geschokt gereageerd volgens Wirtschaftswoche, en zegt toenmalige dwangarbeiders die nog in leven zijn te willen compenseren. Ook zal het de teksten in het bedrijfsmuseum en in Audi’s online omgeving aanpassen. Audi-topman Peter Mosch wil daarnaast de pensioenkas van het bedrijf, die genoemd is naar Bruhn, een andere naam geven.

Populaire artikelen:

Plaats een reactie