De Dorpsstraat in Castricum is wellicht de meest interessante straat van het dorp, sfeerbepalend voor het dorpscentrum, met zijn kerken, bioscoop, winkels en cafés. In de voorgaande jaarboekjes van de Werkgroep Oud-Castricum werd een aanvang gemaakt met de geschiedschrijving van de Dorpsstraat. Dit artikel beschrijft de huizen met even nummers aan de Dorpsstraat die zijn gelegen tussen de Verlegde Overtoom en de Schoolstraat.
Zicht op de Dorpsstraat vanaf de Oudeweg (Rusthof). Het weiland rechts werd ook wel gebruikt voor veiling van aardbeien en was ook het kermisterrein. Collectie Oud-Castricum.
De Eerste Automatiek en de Kermis in Castricum
In 1953 begon Jacobs als eerste een automatiek in de Dorpsstraat 53. Je ging daar naartoe voor een zakje patat of om een kroket uit de muur te halen. Hij had een mooi stekkie zo tussen Brandjes en Bertus Eikel in. Hij heeft daar tot 1966 gezeten. Vanaf 1928 werd op het terrein jaarlijks in augustus de kermis georganiseerd en kwam de benaming kermisterrein in zwang. Daarvoor werd de kermis gewoon op de Rijksstraatweg gehouden.
Manifestatie van de padvinderij op het kermisterrein, met een ingenieus aangelegde kabelbaan. Op de achtergrond het cafébedrijf hoek Dorpsstraat-Burgemeester Mooijstraat.
De kermis was een jaarlijks hoogtepunt. Vroeger gingen de meeste mensen niet op vakantie, maar gaven ze wel veel geld uit op de kermis. Naast Funadama, het vroegere cafébedrijf aan het eind van de Dorpsstraat bij de spoorovergang, werd zelfs over het aangrenzende water een grote danstent gebouwd, waar men zich op de klanken van een gehuurd dansorgel kon vermaken.
Lees ook: Duik in de Geschiedenis van Autobedrijven
De kermis duurde toen 3 dagen en de verstokte kermisganger liet zich geen tijd ontgaan en sloeg al vroeg aan het drinken. Onder invloed van drank deden zich dan ook van tijd tot tijd ongeregeldheden op de kermis voor. Het was dan wel kermis, maar de tuinders moesten ook in die dagen hun producten kwijt op de veiling, waarna ze de gewoonte hadden op het kermisterrein met hun karren te wachten op de kopers die hun waren kwamen ophalen. Dat gaf wel eens strubbelingen met de kermisexploitanten. Om de tuinders zoet te houden kregen ze dan een bon voor een borrel. Dat alles is nu verleden tijd. De laatste kermis op het terrein werd gehouden in 1949. Daarna was het zoeken naar een geschikte plaats om kermis te houden, wat nog niet meeviel.
De Opkomst van Winkels en Bedrijven
De panden langs de Dorpsstraat die we zullen bespreken, zijn gelegen op een min of meer driehoekig stuk land, ingesloten door Dorpsstraat, Overtoom en Schoolstraat, met ongeveer in het midden de kerk (zie de kadasterkaart uit 1822). Het was een zekere Jan Adam van Soll die het bescheiden pand liet bouwen. De kaart toont nog twee nabijgelegen bouwwerken, die van oudere datum zijn en ook in het bezit waren van Van Soll. Het pand dat we hier bespreken, werd waarschijnlijk in gebruik genomen als bakkerswinkel. Aan de Overtoom was een bergplaats. Het pand met kadasternummer 1392, gelegen tussen Dorpsstraat en Overtoom, was bakkerij en woonhuis.
Dorpsstraat 37 met in het witte pand S. Schram in 1960. Foto JosPe.
Hendrik Schram en de Schilderswerkplaats
De komst van Hendrik Schram naar dit gedeelte van de Dorpsstraat betekende het begin van een bedrijvigheid, waaraan nog lang de naam Schram verbonden bleef. Hendrik Schram liet niet alleen het hiervoor besproken pand bouwen. Een voorgaande foto toont al omstreeks 1900 aan de andere kant van zijn oorspronkelijke pand een nieuw bouwwerkje, dat hij reeds kort na zijn vestiging in Castricum liet optrekken, waarschijnlijk nog in 1891. Het voorste gedeelte was ingericht tot woonhuis en het achterste gedeelte, met de grote voordeur, was de schilderswerkplaats. Het was de reeds genoemde Hendrik Schram die het omstreeks 1904 liet bouwen.
Schaarse oude foto’s tonen een winkelpand, waarbij op het raam in de voordeur de naam Schram is te ontcijferen, zodat aannemelijk is dat het pand door Hendrik Schram in gebruik werd genomen ten behoeve van zijn schildersbedrijf. Hendrik overleed in 1915 op 65-jarige leeftijd. Het pand dat onderwerp is van deze bespreking verkocht Hendrik Schram in 1912 aan zijn zoon, de huis- en rijtuigschilder Simon (Siem) Schram, die in dat jaar op 25-jarige leeftijd in Castricum was gehuwd met Agatha Buur. Siem Schram overleed in 1948 en in dat jaar verviel zijn bezit aan zijn kinderen en aan zijn tweede vrouw Margaretha Christina Schaap, met wie hij in 1940 was getrouwd.
Lees ook: Betrouwbaar auto-onderhoud
Verbouwingen en Uitbreidingen
Nog kort voor zijn dood had hij toestemming gekregen voor de verbouw van zijn pand, waarbij in het woongedeelte van de benedenverdieping een tweede winkel werd gerealiseerd. De ingrijpende verbouwing van het pand Dorpsstraat 37 in 1960 wordt het duidelijkst geïllustreerd door de bouwtekeningen van de zijgevel. In 1952 werd het bedrijf voortgezet als ‘Vennootschap Schram’, met als vennoten de weduwe Schram-Schaap en de kinderen uit het eerste huwelijk.
Dorpsstraat 37 veranderde in een ‘doe-het-zelfcentrum’, met als bedrijfsleiders de gebroeders Gerardus (Gerrit) Schram en Joseph (Sjef) Schram, die inmiddels ook een bedrijf waren begonnen aan de Overtoom, een werkplaats met bovenwoningen, welke bezittingen in de vennootschap werden ingebracht. Nog in 1968 treden de broers gezamenlijk op bij de opening van een glashandel aan de Overtoom, maar vanaf ongeveer dat jaar lijkt elk zijn eigen weg te zijn gegaan. Alleen Sjef Schram wordt nog als eigenaar van de verschillende zaken genoemd.
In 1971 omvatte zijn bedrijf volgens krantenadvertenties de winkel Dorpsstraat 37, waar onder andere verf, behang en ijzerwaren werden verkocht, een Hubo-Houtshop, gevestigd Overtoom 3-5, een keukencentrum, gevestigd Kooiplein 4-10 en een sportzaak, gevestigd Kooiplein 26. Theo van der Meer kwam van Dorpsstraat 43, waar hij in 1968 met zijn vrouw Marian van der Zwet zijn slagerij was begonnen. Met de komst van Van der Meer waren uiteraard ingrijpende in- en uitwendige veranderingen nodig om het pand in een slagerij om te toveren.
Andere Markante Ondernemers en Winkels
Doorkijk Dorpsstraat omstreeks 1921, met rechts het houten huisje van Siem Schram, ingeklemd tussen de panden die bekend werden als ‘De Gezonde Apotheek’ van Ytzen Beintema en ‘De Nieuwe Winkel’ van Jan Stolk. Volgens Wim Beintema, zoon van Ytzen, heeft dit te maken met het feit dat zijn vader een goede kennis was van de familie Veenstra, die zich eveneens vanuit Friesland aan de Dorpsstraat in Castricum had gevestigd en die we hierna nog zullen ontmoeten. Na het opgeven van zijn winkel ging Beintema, inmiddels weduwnaar, in de kost bij de genoemde familie Veenstra. Later woonde hij met zijn tweede vrouw Grietje Boerwinkel aan de Beverwijkerstraatweg. Ytzen Beintema stond bekend als een sociaal bewogen figuur.
Doorkijk Dorpsstraat omstreeks 1921, met rechts het houten huisje van Siem Schram, ingeklemd tussen de panden die bekend werden als ‘De Gezonde Apotheek’ van Ytzen Beintema en ‘De Nieuwe Winkel’ van Jan Stolk.
Lees ook: Overzicht Autoservice Den Blanken
Jan Stolk en 'De Nieuwe Winkel'
In 1897 verkocht hij dit pand aan een zekere Jan Stolk, geboren in 1853 in Nieuwer Amstel, die in het rechtergedeelte een kruidenierswinkel begon en in het linkergedeelte met zijn gezin ging wonen. Jan Stolk kan worden gezien als de initiator van diverse bouwactiviteiten, die het straatbeeld van dit gedeelte van de Dorpsstraat drastisch hebben veranderd. We bespraken in het vorige artikel reeds het pand Dorpsstraat 31-33, dat hij in 1906 liet bouwen en dat recent door nieuwbouw werd vervangen.
In 1917 nam Jan Stolk het winkelgedeelte van zijn eigen pand onderhanden en voerde hij een ingrijpende verbouwing door. Er kwam onder andere een verdieping bovenop en het geheel kreeg, zoals uit diverse foto’s blijkt, een karakteristieke voorgevel. Het woongedeelte bleef overigens zoals het was. Jan Stolk heeft niet lang plezier gehad van zijn vernieuwde kruideniersbedrijf, want hij overleed in 1921 op 68-jarige leeftijd. Zijn zaak aan de Dorpsstraat werd nog kort beheerd door zijn zoon Hannes Stolk, die zijn vader reeds geruime tijd had geassisteerd.
Anton Gorter en het Garagebedrijf
De bezittingen van Jan Stolk in de Dorpsstraat werden in het openbaar verkocht en kwamen via enkele tussenpersonen, waaronder Siem Schram, in 1924 in handen van Anthonius (Anton) Gorter, die in dat jaar op 23-jarige leeftijd was gehuwd met Guurtje Mooij en nu in de Dorpsstraat een bestaan hoopte op te bouwen. Anton had al jong voor rijwielhersteller geleerd in het bedrijf van zijn buurman Jaap Lute, Dorpsstraat 22 en bij rijwielhandelaar Cornelis Stolk. Voor de winkel verscheen al spoedig een benzinepomp van maatschappij ‘De Automaat’.
Gorter was een ambitieuze figuur en breidde in 1925 zijn activiteiten uit. Hij kocht een autobus met ongeveer 15 plaatsen voor vervoer in de zomer, volgens een min of meer vaste dienstregeling, naar het strand. Dat was een succes. Gorter kreeg in deze periode behoefte aan een garage en in 1928 werd vergunning verleend voor een drastische verbouwing van het woongedeelte van het pand.
Anton Gorter in de deuropening van zijn rijwielherstelwerkplaats, gevestigd in de voormalige ‘De Nieuwe Winkel’. Naar de versierde etalage te oordelen werd de foto waarschijnlijk kort na de opening in 1924 genomen.
Na vijf jaar aan de Dorpsstraat was gevestigd, verkocht hij zijn garagebedrijf alweer in 1929 aan Maartje van Egmond, die gehuwd was met zijn broer Gerard Gorter. Hij ging nu werken bij een garagebedrijf in Beverwijk. Later exploiteerde hij een café aan de Beverwijkerstraatweg. Daarna ging hij in de Geelvinckstraat wonen en in een garagebedrijf in Amsterdam werken.
Jacobus Fontijn en de Busdienst 'De Zeemeeuw'
Koper was Jacobus Fontijn, eigenaar van autobus- en touringcarbedrijf de ‘Zeemeeuw’, opgericht in 1933 te Wormer. De 52-jarige Jacobus Fontijn nam de exploitatie in 1934 ter hand en vestigde zich daartoe met zijn vrouw Antje Hille aan de Stationsweg 13. Over de busdienst van Fontijn naar het strand werd een en ander opgetekend uit de mond van chauffeur Henk Kuijs, in een artikel over het Castricumse strandleven, gepubliceerd in het 24e jaarboekje. Er werd gereden in Chevrolet- en Opelbussen, waarin plaats was voor circa 25 personen.
Een bouwtekening toont dat het rechtergedeelte van het pand, ooit ‘De Nieuwe Winkel’, nu een puntdak kreeg en de bovenverdieping een erker. Omdat er nu twee gescheiden huizen met een woonfunctie waren ontstaan, werd de huisnummering aangepast. Rechts behield nummer 39. In 1940 kregen Jacobus en Herman Fontijn te maken met de gevolgen van de bezetting. Het strandvervoer hield op te bestaan en volgens de plaatselijke krant kon slechts met een beperkte dienstregeling alleen nog het vervoer naar Duin en Bosch en de koloniehuizen in Bakkum worden verzorgd.
Snackbar Panda en de Dorpsstraat in de Moderne Tijd
In 1953 de eerste snackbar aan de Dorpsstraat. Het werd een automatiek-snelbuffet, met als exploitant Samuel (Siem) Boer, afkomstig uit Amsterdam. Om de bestaande nummering van de Dorpsstraat, die eindigde met 37, de snackbar en begon met 39, slagerij Van der Meer, niet aan te tasten, kregen de nieuwe panden de nummers 39 A tot en met D toebedeeld. In dit gedeelte van de Dorpsstraat hebben sindsdien een reeks van middenstanders hun bedrijf uitgeoefend. voor Castricum, de Sleutelkoning, restaurant ‘De Griek’ en café de Balustrade, voorheen Bal Lute enzovoorts.
Snackbar Panda. Dorpsstraat 39 in Castricum. In 1953 de eerste snackbar aan de Dorpsstraat. Het werd een automatiek-snelbuffet, met als exploitant Samuel (Siem) Boer, afkomstig uit Amsterdam. Foto M. Sneijder.
Vroeger was het veld aan de Dorpsstraat en Oude Overtoom, waarop deze panden zijn gebouwd, in gebruik voor de volkstuinderij. Later werd het grasland, waarop paarden liepen. Eigenlijk was dit land een echte ‘Brink’ in het dorp. Er werd een muziektent gebouwd, die onder andere werd gebruikt voor de concoursen die werden georganiseerd door de plaatselijke fanfarekorpsen.
