Autobedrijven, automobielbedrijven, garagebedrijven, garages, autohandels, auto-dealers, auto-service-bedrijven, of auto-reparatie bedrijven: binnen de branche wordt van veel namen gebruik gemaakt. Autobedrijven in de strikte zin des woords houden zich bezig met verkoop en onderhoud van automobielen.
Bedrijven die zich bezig houden met verkoop, onderhoud en/of herstel van auto's vallen onder de noemer automobielbedrijven.
Zie ook: Economische geschiedenis geschiedenis 3.104.
Een autobedrijf houdt zich bezig met de verkoop en het onderhoud van automobielen.
Daarnaast zijn er bedrijven die zich uitsluitend richten op reparatie of service.
Lees ook: Meer over Autobedrijf Henk Goris
De term "automobielbedrijven" omvat een breed scala aan activiteiten binnen de auto-industrie.
De branche kent vele benamingen, waaronder garagebedrijven, autohandels, en auto-servicebedrijven.
Autobedrijven spelen een cruciale rol in de economie, vooral met de komst van stoommachines en later elektriciteit.
MAN schrijft geschiedenis met de serieproductie van de eTGX en de eTGS | Transportwereld
Een Ford Model T uit 1927, een iconische auto uit de vroege jaren van de automobielindustrie.
Vroege Ontwikkelingen en Innovaties
De opkomst van automobielbedrijven is nauw verbonden met de technologische vooruitgang.
Lees ook: Betrouwbaarheid bij Henk van Rossum
De uitvinding van de stoommachine en later de elektriciteit waren cruciaal voor de ontwikkeling van de auto-industrie.
Deze innovaties maakten het mogelijk om efficiëntere en betrouwbaardere voertuigen te produceren.
Automobielbedrijven hebben een lange en rijke geschiedenis, die teruggaat tot de vroege dagen van de auto-industrie.
Voorbeelden van Andere Bedrijven en Industrieën
Om een breder beeld te schetsen van de economische en industriële context, is het interessant om te kijken naar andere bedrijven en industrieën die in dezelfde periode actief waren.
Zo was er de steenkoolindustrie, die een belangrijke rol speelde in de energievoorziening van de fabrieken.
Lees ook: Jouw mobiliteitspartner: Autobedrijf Henk Beens
Steenkool, ook wel eens “zwart goud` genoemd, is een verzamelnaam voor een groot aantal delfstoffen met zeer verschillende eigenschappen.
Alle zijn zwart van kleur en worden in lagen, meestal diep onder de aardoppervlakte, aangetroffen; ze danken hun ontstaan aan langzame ontleding en omzetting van grote hoeveelheden (meestal plantaardig) materiaal.
Steenkool werd op grote schaal toegepast nadat James Watt in 1769 de stoommachine had uitgevonden; daarvóór werd het wel al gebruikt voor de huisverwarming en als keukenbrandstof.
Ook de winning van gas uit steenkool werd winstgevend (zie: Gasfabrieken).
Ook andere bedrijven, zoals Gereedschapmakenj te Krommenie, speelden een rol in de economische ontwikkeling.
Het bedrijf werd in 1970 opgericht door acht voormalige werknemers van Thomassen & Drijver/Verblifa (Verenigde Blikfabrieken) nv die in verband met de sluiting van de vestiging van dit bedrijf te Krommenie, zonder werk dreigden te komen.
Voor de financiering van hun bedrijf maakten de acht gebruik van het geld dat zij kregen in het kader van de afvloeiingsregeling.
Leiding van het bedrijf was in handen van Cees Bakker.
De acht werden werkgever, aandeelhouder en werknemer tegelijk, met de bepaling dat als een van hen zou vertrekken, die de aandelen aan de bv zou verkopen.
Drie van de oprichters werden aangewezen als bedrijfsleiding.
Bij het vaststellen van de lonen werd uitgegaan van het salaris dat men bij het vroegere bedrijf verdiende.
Machines werden dankzij de medewerking van Thomassen & Drijver/Verblifa goedkoop in huurkoop verkregen.
Een hal in het oorspronkelijke bedrijf werd ingericht als werkruimte.
De Acht houdt zich onder meer bezig met de productie van stempels en matrijzen.
Daarnaast waren er bedrijven zoals de voormalige zeepziederij van de firma Jan Dekker aan het Zaandijkerwegje te Wormerveer.
Nadat de zeepfabricage werd beëindigd is het gebouw lang als pakhuis in gebruik geweest.
Na enkele fusies, de firma Jan Dekker lieerde zich aan de Chemische fabriek Naarden en deze werd later door Unilever overgenomen, en ten gevolge van de deplorabele staat van het gebouw kwam het verouderde pand buiten gebruik.
Unilever bood het object aan de belendende industrie Loders Croklaan BV aan.
Deze wilde het pand aanvankelijk slopen, maar enkele Zaanse instellingen die zich beijveren voor het behoud van historisch belangrijke en/of beeldbepalende gebouwen tekenden hiertegen bezwaar aan.
De Adelaar is mede daardoor op de voorlopige monumentenlijst van de provincie geplaatst.
Het fabrieksgebouw van de Adelaar is dus nog aanwezig en wordt gekenmerkt door een grote op het dak van de watertoren geplaatste adelaar van beton, volgens sommigen van gegoten ijzer.
Het gebouw is in 1906 herbouwd, na een verwoestende brand.
Ook op het dak van het eerste gebouw uit 1896 stond een adelaar.
Bij de brand van 1906 viel deze in de Zaan.
In 1991 was er het voornemen het pand, mede met reeds toegezegde subsidies van de provincie en de gemeente, te restaureren en tot kantoortoren van Loders Croklaan in te richten.
In het pand, rijksmonument sinds 2004 vanwege de unieke toepassing van betonskeletbouw, is sinds april 2008 het modebedrijf Vanilia gevestigd.
Ook papierwarenbedrijven zoals ADO-Scholtz in Krommenie waren van belang.
De basis voor het bedrijf werd gelegd in augustus 1927 toen de grossierderij in handelsdrukwerk van N.G. Kerssens werd ondergebracht in de Algemene Drukkerij Onderneming (ADO), een drukkerij-combinatie van Schouten en Van Diepen uit Assendelft.
Tegelijkertijd werd Kerssens opgenomen in de directie.
In 1962 splitsten de drukkerijen Schouten en Van Diepen zich af en nam Kerssens de bedrijfsnaam en de voorraden van ADO over.
Na de overname van de Amsterdamse firma Scholtz (decoratieve linten en corsages) werd de naam gewijzigd in ADO-Scholtz, die zich vestigde in een voormalige bakkerij van coöperatie Werkmanskracht aan de Wilhelminastraat te Krommenie en later aan de Noordervaartdijk.
Kort daarop werd het Alkmaarse cartonnagebedrijf Succes in het bedrijf opgenomen.
Het bedrijf behoorde tot de vijf grootste leveranciers op verpakkingsgebied van het land en verkocht ruim 7.000 artikelen, waaronder verpakkingen en decoratiematerialen, die de klant zelf moest verwerken.
Daarnaast had het een industriële verpakkingstak (1991).
Bij ADO-Scholtz waren in 1991 30 personen in dienst.
Volgens de Staatscourant van 6 februari 2012 is A.D.O. SCHOLTZ B.V.
