De Geschiedenis van T Zand Automobielen in Nederland

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief. Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

  • Kenmerken van het archief
  • Inleiding op het archief
  • Inventaris of plaatsingslijst
  • Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere. De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

Ford in Nederland: Een Vroege Start in Rotterdam

In 1999 verscheen een jubileum boekwerkje over Ford in Nederland 1924-1999. Enkele Conam leden hadden twijfels bij de viering van dit jubileum en over de titel van het boek. Het boek begint de geschiedenis met de oprichting van 'Ford Motor Co. of Holland' in 1924 waarbij Ford zelfstandig het importeurschap gevestigd in Rotterdam voor eigen rekening neemt.

Lees ook: Mercedes-Benz reparatie Loon op Zand

De foto hieronder laat een deel zien van de fabriek aan de Van Helmondstraat in Rotterdam.

Ford fabriek aan de Van Helmondstraat in Rotterdam

De foto toont het middelste van de drie gevels met rond dak. Op de linker gevel stond 'N.V. Ford' met daaronder 'automobielen', op de middelste gevel stond 'Motor' met daaronder 'of Holland' en daar weer onder 'trucks' en op de rechter gevel stond 'Company' met daaronder 'tractoren'.

Ford huurde deze drie leegstaande 'vliegloodsen', tezamen ongeveer 2500 m2. van Van Berkels Patent (een fabrikant van onder andere vleessnijmachines en weegschalen). In de periode 1918/1920 zijn hier door Van Berkel onder andere 35 stuks tweedekker watervliegtuigen type WA gebouwd voor de Marine Luchtvaartdienst, dat was heel wat in die tijd. De hallen op de foto zijn de “ex-vliegtuigbouw” hallen.

De oudste jubilaris in 1949 was de heer P. Pijpers. Deze was werkzaam bij een Amerikaans scheepvaartkantoor, toen een advertentie zijn aandacht trok. "Het was een automobielmaatschappij welk administratief personeel zocht, en de daarbij gestelde vergoeding overtrof ruim de gemiddelde waarden. Een klant van dit kantoor adviseerde [Pijpers] om te solliciteren, daar hij wist dat het Ford betrof. De zoon van deze adviseur werkte bij Ford Antwerpen, en werd na de Tweede Wereldoorlog directeur van Ford Nederland in Amsterdam.

Lees ook: Passie voor auto's in Loon op Zand

Op 1 februari 1924 kwam ik dus bij Ford in dienst en werd direct geplaatst in de afdeling Verkoop, die eigenlijk nog niet eens bestond. Wij zaten op een kamer in het Weimar Hotel met vier personen: één Amerikaan, één Ier, een stenotypiste en ondergetekende. Op 6 Maart kwam de oprichtingsakte tot stand en verhuisden we van het hotel naar de Van Helmondstraat, waar het werk aanving met een dertigtal mensen.

De service-plant werd ondergebracht in drie constructieloodsen met halfrond gebogen daken, welke gehuurd werden van Van Berkels Patent. Daarnaast was een kantoor, op welks plafond later een lunchroom (kantine) uit Ford kisten werd gebouwd. De mensen hadden tot taak het binnenhalen van wagens en de reparaties. De wagens werden toen te Antwerpen gebouwd en per aak naar Rotterdam verscheept. In zo'n aak konden 60 tot 125 wagens worden geborgen: luxe auto's onder in het ruim en de vrachtwagens bovenop. Ook kwamen tractoren binnen en tractoronderdelen, waarmee de montage begon.

Toen Van Berkels Patent na enige jaren (1928) haar gebouwen weer zelf nodig had, was het voor Ford zeer moeilijk in Rotterdam een geschikt onderdak te vinden, zodat uiteindelijk de Gemeente één van de Nenijto tentoonstellingshallen naar de Galvanistraat liet verhuizen, om ons uit de nood te helpen. Ook deze hal, die van een met hout beklede ijzerconstructie was, was verre van volmaakt daar in de loods een tegelvloer op zandgrond was aangelegd. Toch werden in deze hal de eerste trucks geassembleerd. De lijn bestond uit een baan van hoekijzers, waarop de trucks vooruit werden geschoven. Trouwens, alles geschiedde met 'elleboogstoom' en menig Amerikaan die ons kwam bezoeken, heeft smakelijk gelachen als een chassis door enige Rotterdammers werd opgepakt en al wankelend op de lijn werd gezet.

Het eerste gebouw dat speciaal voor het Ford bedrijf werd ontworpen, was ook te Rotterdam gedacht, waarvoor een terrein van 3 ha werd aangekocht. Toen in 1930 in Rotterdam de eerste paal voor een nieuwe Ford-fabriek in de grond werd geslagen, oordeelde Henry Ford dat de locatie te ver lag van diep water lag en trok hij zich terug. Hoewel het Rotterdamse gebouw werd voltooid, is het nooit door ons betrokken, en werd het gehele bedrijf naar Amsterdam verlegd (1932). Zie hier een krantenartikel uit het Rotterdamsch Nieuwsblad van 6 oktober 1930, een bewijs dat Henry's nieuwe grootse aanpak van Ford Europa sneller ging dan de onderhandelingen van een schuurtje in Rotterdam.

Lees hier de nieuwste visie op Ford Rotterdam en waarom men waarschijnlijk in Amsterdam terecht kwam.

Lees ook: Loon op Zand Rijbewijs Verlengen

Zaanlandse Automobielhandel & Garage Onderneming

Garagebedrijf in Zaandam. Het bedrijf werd opgericht in januari 1920 door C. Poel, W. Perk en C. Steemeijer onder de naam nv Zaanlandse Automobielhandel & Garage Onderneming v/h C. De activiteiten bestaan uit handel, verkoop van auto's, onderdelen, motorbrandstoffen, reparatie en leasing. De juridische vorm veranderde van nv via bv in een holding met vestigingen in Zaandam, Krommenie, Wormer, Alkmaar, Heerhugowaard en Uitgeest.

Het is in 1948 vijfentwintig jaar geleden, dat de N.V. v.h. C. Steemeijer als dealer voor Ford-automobielen optrad. Dat was in 1923, toen de heren Molenaar en Poel de zaak van wijlen de heer C. Steemeijer voortzetten en dit de burgers van Zaandam door middel van een reclamebiljet bekend maakten.

Dit biljet bevatte o.a. de volgende zinsneden, die als aanbevelingen moesten dienen : „De garage, thans electrisch verlicht, biedt stalling aan vijftien auto's, waarvan momenteel tien plaatsen zijn bezet. Ook motor- en gewone rijwielen kunnen worden geborgen. Wij belasten ons gaarne met het toezicht op en het onderhoud van de wagen, terwijl wij zullen trachten steeds enige buitenen binnenbanden voor u in reserve te houden“.

Dat schreef men in het jaar 1923 toen door middel van de N.V. v.h. C. Steemeijer de eerste T-Fords uit de garage rolden.

De Ford T: "Blikken Liesje"

Hoe auto's de moderne economie vormgaven: van Ford tot Tesla

Als ooit een auto in het middelpunt van spottende belangstelling heeft gestaan, dan is het de T-Ford geweest. In Holland werd dit blikken product van wijlen Henri de Grote nooit anders dan een rijdend benzineblik genoemd. In Amerika had de „vierpitter” de naam „Thin-Lizzy“ ofwel „blikken Liesje”.

De iconische Ford T

Deze blikken Liesjes rolden door de wereld. Met zeildoekkappen, die men op zomerse dagen kon opvouwen, met dunne wielen en af en toe kuren, die de chauffeurs vertwijfeld naar het hoofd deden grijpen. In cabarets en moppenbladen werden de auto's van Ford bespottelijk gemaakt en ook Louis Davids bleef niet achter. „Zijn olieman die een Fordje had opgedaan“, wordt zelfs nu nog als gevraagde gramofoonplaat gedraaid.

Maar Henry Ford lachte, uitgaande van de stelregel : „Het hindert niet wat de mensen van je zeggen, als er maar over je gesproken wordt !” Daarom tuften de T-Fords, die bijna onsterfelijk leken te functioneren, ook door de Zaanstreek. Soms met twee emmers zand op de treeplanken, want zo'n ding mocht eens in brand vliegen.

Maar meer dan thans, nu de auto een kostbaar gebruiksvoorwerp is geworden, was in die dagen het autorijden een liefhebberij. Een auto was een bezit, dat door de familie werd vertroeteld. Na iedere reis werden eventuele deukjes en onreinheden weggewerkt. Het instappen voor de reis was een gebeurtenis waar de buren voor naar buiten kwamen. Vader zette zich met een zeker decorum achter het stuur, na eerst met veel krachtsinspanning de slinger te hebben rondgedraaid en greep dan vakkundig de gashandles, die op het stuur waren aangebracht. Onder gejuich en gewuif van de achterblijvenden zette de zaak zich in beweging. Op weg naar verre landen, naar de bollenvelden of het strand.

Fietsers stapten af om de stofspuitende auto te laten passeren, kinderen, in vroeger dagen gewaarschuwd voor paardenwagens, renden hun huis in. Want er kwam een auto aan.

Van Antwerpen naar Zaandam

De auto's stonden in Antwerpen. Voordat de auto's in Zaandam arriveerden, moest er nogal wat gebeuren. Want in Antwerpen stond de Fordfabriek. De auto's werden niet gebracht, die moesten worden gehaald. Een feest voor hen, die dit karwei mochten opknappen. Naar gelang bestellingen waren binnengekomen, reisde een ploegje monteurs met de trein naar de Scheldestad en aanvaardde in optocht de weg terug. Later moesten de wagens uit Rotterdam worden gehaald.

Na de T-Ford kwam de A Ford. Een omwenteling op automobielgebied, die later, in 1932, door de V 8 zou worden voortgezet. Met de V 8 kwamen de acht-cylinders. Zo reden duizenden Fords, huilbuien op wielen en „sleeën“, waarin men wegzinkt in de luxueuze bekleding, de garage uit.

Er reed in ‘48 nog een Ford van het jaar 1928 op de weg. Bereden door directeur Poel, die niet wil scheiden van de oude maar nog steeds goedlopende wagen, die nog in staat is zijn maximale tachtig kilometer per uur te halen, en die de Custom 1949 er voor cadeau geeft.

De N.V. Albert Heijn nam de eerste Ford van de N.V. v.h. C. Steemeijer, die het dealerschap van Ford nog niet bezat, af. Dat was op 4 september 1920. Veertien dagen later was er slechts een ruïne van deze op massieve achterbanden rijdende, hobbelende Ford-vrachtwagen over. De Gooise stoomtram greep de auto in de flank. De eerste Ford in de geschiedenis van het dealerschap betrof een touringwagen met vijf wielen, één als reserve, voor de prijs van ƒ 1356,54.

Bij het bedrijf waren in 1990 in de Zaanstreek 65 personen werkzaam en in de regio Alkmaar 55 personen. De totale omzet in 1990 bedroeg circa 85 miljoen gulden.

Dekkerautogroep: Een Nieuwe Integratie

Zes samenwerkende Ford-dealers in Noord-Holland, waaronder Verenigde Automobielbedrijven Zaandam gaan per 1 april 2009 onder één naam verder: Dekkerautogroep. De dealers werkten al vele jaren samen binnen de Steemeijer Holding.

Directeur-eigenaar Dekker koos voor de naam Dekkerautogroep. De integratie moet resulteren in schaalvergroting, met voordelen voor de klanten en de efficiency van de ondernemingen. Evert Overtoom, namens de directie van de nieuwe dealergroep belast met de dagelijkse leiding. “Afgezien van de nieuwe naam op de gevels en op onze visitekaartjes en publiciteitsuitingen vindt de synergie vooral ook achter de schermen plaats. Ieder bedrijf kan nu het totale bestand aan gebruikte auto's aanbieden. Ook vinden dezelfde acties plaats en kunnen bij grote drukte in de werkplaats medewerkers elkaar helpen.”

Ford Alkmaar zal fungeren als centraal punt voor de Dekkerautogroep.

Dekkerautogroep Zaandam, vanouds met een showroom aan de Westzijde en werkplaats annex magazijn aan de Zeemansstraat, verhuist eind 2014 naar een nieuw gebouw aan de Stormhoek. De scheiding tussen showroom-verkoop en werkplaats bleek geen gelukkige situatie maar het was ook niet onoverkomelijk.

Pionieren met de Automobiel in Middelburg

Bron: o.a. De garage van P.A. Pieters tijdens de Citroënkaravaan, in mei 1925 (Bron: ZB, Beeldbank Zeeland, recordnr.

Op de hoek van de Seissingel en de Seisweg maakt smid Pieters de overstap naar de verkoop van automobielen. Of nou ja, overstap.

Krap negen jaar nadat P.J. Wijtenburg de eerste autogarage opende aan de Lange Delft, besluit ook P.A. Pieters in 1920 de overstap te maken op de automobielverkoop. Of nou ja, overstap.

In 1910 werd de smederij annex fietsenzaak van C.P. Gilde aan de Seissingel R 71-73 overgenomen door Pieters en een compagnon. Waar Pieters pioneerde met de automobiel, deed voorganger Kees Gilde dat met de fiets. Voor Pieters was het dus tijd om de Middelburgse bevolking klaar te stomen voor het volgende fenomeen: de auto.

Toch zal hij hier minder kopers mee trekken dan zijn voorganger dat deed met de fiets. Voor de gewone consument is een auto dan nog niet bereikbaar. Menig Walchenaar zal in de jaren twintig met grote ogen langs de autogarage gelopen zijn. De garage stond op de hoek van de Seissingel/Seisweg, in het verlengde van de inmiddels verplaatste Seisbuitenbrug.

Zo’n nieuwe ontwikkeling als de automobiel sprak tot de verbeelding.

Drukte bij de Seisbuitenbrug, ca. 1945. Op de achtergrond de garage van Mullié & Kunst, die de garage in 1935 overnamen.

Citroën Film Voorstellingen

Halverwege de jaren twintig verwerft Pieters het dealerschap van Citroën. Een heuse Citroënkaravaan trekt op een lentedag in 1925 door de provincie, om de nieuwe types te promoten en uit te proberen. Omdat het een lange dag was geweest, is er geen tijd meer om door de binnenstad van Middelburg te rijden.

‘Er werd daarom direct door gereden naar de Garage van den distrits-agent, den heer P.A. Pieters, aan den Seissingel. Hier werden de wagens zoo spoedig mogelijk schoon gemaakt en toen opgesteld in de garage om belangstellenden in de gelegenheid te stellen ze rustig te bekijken waarvan door velen een dankbaar gebruik werd gemaakt.’ (Middelburgsche Courant, 9 mei 1925, p.

De filmvoorstellingen van 1935 waren een andere manier om de Citroënmodellen bij het publiek bekend te maken. In de Electro Bioscoop aan de Markt konden films bekeken worden over de (dan nog jonge) geschiedenis van de auto en de expedities met Citroëns in Centraal-Afrika.

Sloop van Garage 't Zand

De garage wordt in 1935 verkocht aan de heren Mullié & Kunst. Zij zullen de zaak tot 1969 openhouden. De Middelburgse garage M. De Dreu & Co verkopen er vanaf dan ‘gebruikte wagens’ (PZC, 6 december 1969, p. 10).

In 1972 worden de panden gesloopt na een brand.

Garage ’t Zand is niet meer. Afgelopen week heeft de slopershamer een einde gemaakt aan de voormalige garage en het bijbehorende benzinestation. De bodemsanering zal komende week beginnen. Het gebouw stond al geruime tijd leeg.

Century Autogroep: Een Overzicht van de Geschiedenis

De oorsprong van Century gaat terug tot 1932. In dat jaar richten de heren Lucas Koster, Aaldrik Koster en Hendrikus ten Wolde een bedrijf op, genaamd Century. De ondernemende beleggers begonnen een automobielstallingsbedrijf dat plaats bood aan 100 automobielen.

Als naam wilden ze een bedrijfsnaam met een knipoog naar de 100 parkeerplaatsen. Ze kozen voor Century, wat in het Engels 100 jaar betekent. Maar wat ook een verbastering is van Centum, Latijns voor 100. Waarom de naam wordt uitgesproken als Centurie is niet bekend. Feit is wel dat onze bedrijfsnaam sinds jaar en dag wordt uitgesproken als Centurie.

In 1946 verkopen de eigenaren de garage aan de heer Piet Maans. Deze verkrijgt in 1947 van importeur Pon’s Automobiel Handel het officieel dealerschap voor Volkswagen. Zo kan Century als één van de eerste garages in Nederland de Kever gaan verkopen.

Met de komst van de T1, de 1e bestelwagen van Volkswagen, start Century met de verkoop van bedrijfswagens. Het idee voor de T1 is afkomstig van de heer Ben Pon. Na een inspirerend bezoek aan de Volkswagenfabriek in 1947, schetst hij het alom bekende busje. De serieproductie van het nieuwe model begint op 8 maart 1950.

Populaire artikelen:

Plaats een reactie