Zelf een trekhaak monteren op uw Peugeot 308: Een complete handleiding

Veel Peugeot 308-bezitters kiezen ervoor om zelf een trekhaak te monteren. Dit kan een uitdagende, maar ook lonende klus zijn. Deze handleiding biedt u een overzicht van de belangrijkste stappen en aandachtspunten bij het zelf monteren van een trekhaak op uw Peugeot 308.

Peugeot 308 met trekhaak

Voorbereiding en benodigdheden

Allereerst is het belangrijk om de juiste trekhaak en kabelboom te selecteren. Kies bij voorkeur een autospecifieke kabelboom, omdat deze de juiste verbindingen, aansluitingen, kabellengtes en -diktes heeft om in uw auto te monteren. Autofabrikanten leveren auto’s af met en zonder trekhaakvoorbereiding. Dit is niet aan de buitenkant zichtbaar en ook niet af te leiden uit de voertuiggegevens. Brink ondervangt dit probleem door bij de voertuig specifieke kabelsets een extra kabelboom te leveren.

Type trekhaak

Er zijn verschillende soorten trekhaken beschikbaar, waaronder vaste, afneembare en wegdraaibare modellen. Voor wie een auto heeft waarvan de kentekenplaat op bumper hoogte zit is het raadzaam een afneembare trekhaak te kiezen i.v.m. zicht op kenteken.

Gereedschap en materialen

  • Trekhaak
  • Autospecifieke kabelboom
  • Gereedschapset (sleutels, schroevendraaiers, etc.)
  • Trim verwijder-set
  • Trekveer
  • Tapijtmesje
  • Tie-wraps
  • Klemverbindingen
  • AMP-tang met moment (indien nodig)
  • Krimpkous (indien nodig)
  • Montagehandleiding

Montage van de trekhaak

Het montageproces van de trekhaak begint in veruit de meeste gevallen met de demontage van uw achterbumper. In de montagehandleiding geven we in veruit de meeste gevallen exact aan waar de montagepunten van de achterbumper zich bevinden.

Tijdens het losnemen uit de houders, kan de achterbumper vallen en beschadigd raken. Ondersteun de achterbumper dus goed zodat deze niet valt. Een hulpmiddel bij bumperdemontage is WD40. Deze water afdrijvende spray kunt u in de montagepunten spuiten en zorgt ervoor dat de bumper soepeler uit de montagepunten glijdt.

Lees ook: Stapsgewijze Cilinderkop Revisie

Na demontage kunt u de achterbumper het best op een degelijke standaard plaatsen. In veruit de meeste gevallen lukt het om een trekhaak te ontwikkelen met de juiste pasvorm ten opzichte van de achterbumper. Soms blijkt dit helaas onmogelijk en moet u een bumperuitsnede maken om ruimte te maken voor de huls of om een doorgang te creëren voor de kogel.

In die gevallen leveren we bijna altijd een bumpersticker, welke exact de afmetingen heeft van de noodzakelijke uitsnede. Deze bumpersticker kunt u aan de binnenzijde van de achterbumper plakken en biedt een enorm tijdsvoordeel. Instructies over plaatsing kunt u vinden in de montagehandleiding en/of op de sticker zelf. Zorg er altijd voor dat de bumperuitsnede netjes wordt afgewerkt.

De dwarsbalk moet u op verschillende plekken onder de auto met bouten vastzetten op door de autofabrikant aangegeven bevestigingspunten. De dwarsbalk beschikt daarom over voertuig specifiek gemaakte zijplaten.

Per type auto verschilt de verankering van deze zijplaten aan het chassis vanwege de plaatsing van de bevestigingspunten en ook het aantal. Volg de montagehandleiding voor de juiste werkwijze. Voor aanvang van het plaatsen van de dwarsbalk is het goed deze eerst goed te controleren.

Om het schroefdraad van de bevestigingspunten te beschermen tijdens het lakproces worden deze afgedicht met rubberen dopjes. Om een goede en langdurige montage te garanderen, is het vervolgens zaak dat u de raakvlakken van de dwarsbalk met het chassis van de auto goed reinigt.

Lees ook: Kleine autoschade zelf oplossen

Incidenteel kan het voorkomen dat u nog een extra gat in de dwarsbalk moet boren. Om roestvorming te voorkomen, is nabehandeling van deze gaten noodzakelijk.

Bij enkele automodellen kan het voorkomen dat de chassisbalken afgedekt worden door de dwarsbalk na montage. Het is dan raadzaam om de naden tussen het chassis en de dwarsbalk af te kitten om waterdoorgang te voorkomen. Zet de bouten waarmee de dwarsbalk vastgezet wordt in eerste instantie handvast.

Dit biedt u de mogelijkheid om de balk nog enigszins te verschuiven en helemaal op de juiste plaats te duwen. Ook voor de montage van de huls geldt, dat deze volgens de montagehandleiding gedaan moet worden om een veilige constructie te garanderen. Aandachtspunt hierbij is dat u beide bouten om de huls mee te bevestigen ook door de zijplaten van de dwarsbalk steekt. Als dit niet het geval is, zit de huls niet vast en kan de kogel niet op de juiste positie aangebracht worden.

De huls dient u ook met vastgestelde aanhaalmomenten af te monteren. Om een veilige constructie en eventuele wegdraaibaarheid achter de bumper te garanderen geldt ook voor de montage van de stekkerplaat dat u deze volgens de montagehandleiding uitvoert.

Het volgen van de montagehandleiding is bij de montage van de kogel eveneens cruciaal. Alleen dan kunnen we een veilige constructie garanderen. Aandachtspunt hierbij is dat de montage van de kogel ten allen tijde uw laatste werkzaamheid is en dus pas plaatsvindt wanneer u de bumper reeds heeft teruggeplaatst.

Lees ook: Volvo motorcontrolelampje zelf resetten

Na de montage van de trekhaak moet u nog verschillende controles uitvoeren. Check eerst of alle bevestigingsmaterialen daadwerkelijk gebruikt zijn. Kijk vervolgens of u de montage spelingsvrij heeft uitgevoerd. Als beide voor elkaar zijn, test dan de werking van de trekhaak indien u een afneembaar of wegdraaibaar systeem gemonteerd heeft.

Controleer ten slotte of de stekkerdoos inderdaad achter de bumper weg te draaien is. De eerste paar keer kan deze beweging zwaar gaan.

Montage van de kabelboom

Het montageproces van de voertuig specifieke kabelset begint met een zorgvuldige check van de elektronica in uw auto. De instellingen van uw voertuig heeft u natuurlijk op uw eigen voorkeuren afgesteld. Denk hierbij aan instellingen zoals radiocode, stoelstand en stoelverwarming.

Om veilig te kunnen werken, is het noodzakelijk om de accupolen los te halen. Dit voorkomt dat er storingen optreden op het moment dat u in een later stadium de elektrische verbinding maakt.

Hybride en elektrische voertuigen

Schenk extra aandacht aan het stroomvrij maken van uw auto als u over een hybride of elektrisch voertuig beschikt. Met de komst van deze auto’s deden nieuwe technologieën hun intrede met nieuwe risico’s, zoals gevaarlijke elektrische spanningen tot vele honderden volts. Bij kabelsetmontage aan hybride en elektrische auto’s moet u daarom altijd het protocol NEN-9140 handhaven.

Op die manier kunt u de kabelset op de voorbereide connector monteren, maar ook op een andere plaats in het voertuig als deze ontbreekt. Het entreepunt voor de kabelboom wordt altijd aangegeven in de montagehandleiding. Meestal bevindt dit punt zich in het achter paneel van het voertuig, om de kans op waterinvloed te minimaliseren. De plaats van het entreepunt is altijd voorgeschreven door de autofabrikant en veruit in de meeste gevallen voorbereid. In sommige gevallen is boren nog noodzakelijk.

Bekabel de stekkerdoos en monteer deze op de stekkerplaat van uw trekhaak. Bij het gebruik van een 13-polige stekkerdoos hebben de eerste zeven pinnen dezelfde functie als die van de standaard zevenpolige stekkerdozen.

Met dit systeem kunt u de pinnen van de kabelset eenvoudig aansluiten op de stekkerdoos. Tijdrovende schroefmontage van elke individuele draad is met EasyPin niet langer noodzakelijk. Elke draad kunt u razendsnel handmatig inbrengen in de stekkerdoos.

De eerste positie is door het entreepunt in het achter paneel van uw auto. Via dit entreepunt kunt u de kabel doorvoeren richting de kofferruimte. Hierbij zijn voorzichtigheid en precisie geboden. Als u de kabel te ruw door het metaal van het voertuig trekt, kan dit schade aan de kabelboomtule tot gevolg hebben. Hierdoor zal de bedrading bloot komen te liggen.

Vanuit de kofferbak moet u de kabel eveneens doorvoeren naar de voorzijde van het voertuig. Verwijder hiervoor de interieurpanelen aan de binnenzijde van uw auto met zorg. Werk de bekabeling netjes weg in de ruimtes achter de panelen en zorg ervoor dat panelen ook na de kabeldoorvoer weer netjes op hun oorspronkelijke positie passen.

TrekveerMet een trekveer is de kabel eenvoudig van achter naar voren te leiden. Dit bespaart veel tijd, omdat u niet alle panelen hoeft te verwijderen.

Door de kromme kop van dit gereedschap minimaliseert u ten opzichte van een stanleymes de kans op beschadiging aan de onderliggende kabels.

Om de bekabeling te geleiden zijn tie-wraps handig. Pas alleen op bij het aantrekken van de tie-wraps.

De volgende stap is de kabelset met het voertuig te verbinden. Het is van groot belang dat u hierbij de instructies in de handleiding opvolgt. Alleen op deze manier kunt u een goede, veilige en storingsvrije verbinding maken. Bij enkele automerken is het relatief eenvoudig om gebruik te maken van stekkerterminals (de aansluitingen op het uiteinde van een kabel).

Deze kunt u eenvoudig op de gewenste en genummerde positie bijsteken in de connectoren. Let er hierbij wel op dat de terminals richtingsgevoelig zijn.

Toch verschillen ze totaal. Scotch locks zijn geschikt voor kabels met een gemiddelde doorsnee van 0.75 mm2 tot 1.5 mm2. Klemverbindingen zijn speciaal gemaakt voor bedrading van 0.35 mm2, een dikte die exact overeen komt met de dikte van een CAN-Bus kabel.

De klemverbindingen bevatten op het uiteinde kleine mesjes. Als u hier de kabel insteekt, maken de mesjes een kleine inkeping in de wand van de kabel. Zo wordt de draad niet onderbroken, maar ontstaat er een zekere verbinding.

In enkele gevallen is het noodzakelijk dat u een kabel door moet knippen. Een nieuwe verbinding dient u dan te maken door het aanleggen van een nieuwe AMP-stekker op het uiteinde van de draad. Het gebruik van een AMP-tang met moment creëert de optimale verbinding.

Een soortgelijke verbinding als de AMP-stekker maakt, kan ook een krimpkous tot stand brengen.

Bij het maken van connecties met CAN-Bus zijn minder bedrading en connectoren nodig in het voertuig. Ook hierbij is het van groot belang dat u de instructies in de handleiding opvolgt. Alleen op deze manier kunt u een goede, veilige en storingsvrije verbinding maken op de CAN-Bus. Een aantal punten hebben extra aandacht nodig.

De CAN-Bus in het voertuig is bewust getwist om het signaal op een juiste manier te geleiden, zonder dat deze onderbroken wordt. Het is daarom erg belangrijk dat na de montage van de kabelsets de twist intact blijft. Anders wordt het signaal onderbroken.

Ondanks dat het bij bepaalde productgroepen gevraagd wordt, raden we het solderen op de CAN-Bus sterk af. Autofabrikanten wijzen in veel gevallen de garantie af als u deze methode toepast. De weerstand op een bepaalde plaats wordt namelijk zo sterk verhoogd dat de CAN-Bus storingen kan gaan vertonen.

Om een juiste montage te garanderen en nadien garantie te kunnen verlenen is het van groot belang dat alleen de meegeleverde onderdelen tijdens de montage worden gebruikt.

De bedrading van CAN-Bus is erg dun. Om deze reden mag u alleen gebruik maken van meegeleverde klemverbindingen om een connectie te maken met CAN-Bus. Hiervoor zijn scotch locks totaal ongeschikt. Gebruik deze nooit in combinatie met CAN-Bus.

Als u de connecties gemaakt heeft, volgt het aansluiten van massapunten. Het is ook hierbij weer van groot belang dat u de instructies in de handleiding opvolgt. Alleen op deze manier ontstaat een goede, veilige en storingsvrije aansluiting.

De handleiding vermeldt exact waar de massapunten voor de kabelset zich bevinden in het voertuig. Deze zijn door de autofabrikant getest.

Bij de modernste voertuigen kunt u de stroom het best uit de zekeringkast onder de motorkap halen. Voor deze optie heeft Brink fuse taps ontwikkeld. Deze chip is eenvoudig in de zekeringkast te pluggen en pakt automatisch de benodigde stroom voor de kabelset op.

Een andere manier om een stroomverbinding te maken, is om stroom direct van de batterij af te tappen. Dit neemt wel risico’s met zich mee en vraagt om een goede nacontrole. Check of de batterij niet leegloopt en of deze methode de geheugencircuits van uw auto niet verstoort.

Activering en controle

Het kan voorkomen dat u na montage de kabelset moet activeren binnen het voertuig. Bij het activeren wordt de trekhaak aangemeld in de auto-elektronica, zodat alle aanwezige elektronica in uw auto op de juiste manier blijft functioneren en zich aanpast zodra er een trailer is aangekoppeld. Met algemene diagnoseapparatuur kunt u de meeste kabelsets zelf activeren. Bij een aantal autotypes kan slechts een dealer de kabelset activeren. Hier zijn extra kosten aan verbonden. Om hier vooraf bewust van te zijn, meldt Brink deze wijze van activeren altijd in de technische specificaties van de kabelset.

Voordat u uw auto weer kunt gebruiken, dient u een uitvoerige nacontrole uit te voeren op de functionaliteit van de gemonteerde kabelset.

Zelfdiagnosefunctie

Een deel van de voertuig specifieke kabelsets is uitgerust met een zelfdiagnosefunctie. Deze ingebouwde module toont na montage een rood of groen signaal. Rood betekent een niet-succesvolle montage, die u nog eens moet nalopen. Groen houdt in dat u alle stappen succesvol doorlopen heeft. Dankzij de zelfdiagnosefunctie bent u er altijd zeker van dat de installatie van de kabelset uiteindelijk op de correcte wijze verlopen is.

Automatische verlichtingscheck

Als een voertuig specifieke kabelset niet over een zelfdiagnosefunctie beschikt, kan de Easy Trailer Check uitkomst bieden. Deze functie is ook slechts in een deel van ons kabelsetassortiment ingebouwd. Dankzij de Easy Trailer Check hoeft u niet langer de controle van de verlichting op uw aanhanger met twee mensen uit te voeren. U kunt dit in uw eentje doen.

In een tijdsbestek van 11,5 seconden laat de Easy Trailer Check de achterlichten, remlichten, knipperlichten, mistlichten en het achteruitlicht achter elkaar branden. Deze cyclus herhaalt zich vijf keer.

Gebruik geen testlampjes

Het gebruik van ouderwetse testlampjes biedt bij hedendaagse voertuigen geen uitkomst meer. Hetzelfde geldt voor kleine testers met led lampjes. CAN-Bus systemen worden vanwege een te geringe stroomafname van deze producten niet meer geactiveerd en schakelen al na een aantal minuten over op de slaapstand.

Als uw kabelset niet over een automatische verlichtingscheck beschikt, zult u de controle met twee personen moeten uitvoeren. Nadat u de stekker van uw aanhanger in de stekkerdoos heeft geplaatst, neemt uzelf plaats achter het stuur, schakelt u het contact in en bedient u alle verlichtingsfuncties van uw auto. De ander checkt of de achterlichten, remlichten, knipperlichten, mistlichten en het achteruitlicht op uw aanhanger het ook daadwerkelijk doen.

Overige nacontroles uitvoeren

Tijdens de montage van uw kabelset is het nodig om interieurpanelen te demonteren. Monteer deze na een goed verlopen verlichtingstest weer op hun oorspronkelijke plaats en loop na of de interieurdelen niet beschadigd zijn. Test vervolgens alle functionaliteiten van uw auto van elektrische raambediening tot buitenspiegelafstelling.

Populaire artikelen:

Plaats een reactie