Leden van het Koninklijk Huis leggen grote afstanden per auto af voor bezoeken door het hele land. Het wagenpark van het Koninklijk Huis is door de jaren heen aanzienlijk veranderd,
17 All New 2026 Middleweight Adventure Motorcycles Unveiled At EICMA 2025
Hofauto's: Van Renault tot Audi
De eerste auto die de stallen binnenreed was een Renault, die Prins Hendrik in 1908 had gekocht. Daarop volgden meer auto's. Vanaf 1911 kreeg Spijker tien keer de opdracht een auto te leveren. Tijdens de Eerste Wereldoorlog kwamen er een paar Spykers. In totaal werden er tien Spykers afgeleverd. Wel bewaard gebleven en maakt onderdeel uit van de permanente expositie van Het Loo. In 1908 deed de auto zijn intrede bij het Hof. Tussen 1925 en het einde van de jaren 50 was de Cadillac de hofauto.
Nadat het Koninklijk Huis was overgestapt op het automerk Ford, zijn sinds 1998 de officiële hofauto’s van de merken Volvo en Audi. De hofauto's hebben een blauwe kleur. Het merendeel van het wagenpark bestaat inmiddels uit hybride of volledig elektrische auto’s. In 2022 zijn de verouderde dienstauto’s van Koningin Máxima en Prinses Beatrix vervangen door een verlengde hybride auto van het merk Audi. Toch wordt er ook nog steeds in Fords gereden, in type variërend van Focus tot Mondeo. De hofauto's hebben een standaardkenteken dat begint met de letters AA.
De Audi A8 L van koning Willem-Alexander kennen we inmiddels wel, maar is te bijzonder om over te slaan. In het midden van de Audi is bijvoorbeeld 45 centimeter extra aluminium toegevoegd om de auto van een royale hoeveelheid beenruimte te voorzien. De L uitvoering is van zichzelf ook al langer dan de ‘normale’ A8, waardoor de totale lengte van de auto neerkomt op 5,72 meter.
Naast een oceaan aan beenruimte is er ook ruimte voor een kleine koelkast. Ook zijn er in de rug van de voorstoelen uitschuiftafeltjes verwerkt zodat de koning ook onderweg zijn werkzaamheden kan verrichten. Daarnaast is de auto voorzien van twee 10,2-inch LCD-schermen.
Lees ook: Dijk en Waard: Alles over auto's
Kenteken AA-86 van de Audi A8L van Koning Willem-Alexander
Koning Willem-Alexander heeft sinds begin dit jaar een nieuwe dienstauto: een verlengde Audi A8. De Audi is in Nederland aangepast aan de wensen van de koning. Zo is er een koelkastje, een televisie en draadloos internet aan boord. De stoelen zijn bekleed met lamsleer. De 6.3-liter motor levert een vermogen van 500 paardenkrachten. Tot begin dit jaar werd de vorst vervoerd in een verlengde Volvo S80. Dat merk domineerde toen al tien jaar het wagenpark van de Oranjes. De oude verlengde Volvo S80 houdt het Koninklijk Huis ‘nog even in reserve’.
Koninklijke Klassiekers en Bijzondere Modellen
Prins Bernhard van Lippe-Biesterveld stond in zijn tijd bekend als ware Ferrari-fanaat. Zijn voorliefde voor het Italiaanse merk blijkt uit de exemplaren in zijn wagenpark. De prachtige auto heeft een smaakvol, donkergroen uiterlijk en een fraai zandkleurig interieur. Het design van de Superfast werd destijds uiteraard verzorgd door Pininfarina.
Koningin Juliana kocht in september 1957 deze fraaie Rolls-Royce. De grootmoeder van Willem-Alexander koos voor de lange wielbasis zoals gebruikelijk is voor de Nederlandse vorsten. ‘Landaulette’ houdt in dat het achterste gedeelte van het dak ingeklapt kan worden. De Rolls-Royce heeft de beschikking over een zescilinder en een automatische versnellingsbak die speciaal voor de gelegenheid is vervaardigd door General Motors.
DAF Kini
Lees ook: Zelf krassen uit je autolak halen
De DAF Kini is niet van Willem-Alexander, maar staat in het DAF museum in Eindhoven. Bij de geboorte van de koning in 1967 kreeg de Oranjefamilie de Kini van DAF. De auto is in de basis een DAF 32, aangepast door de Italiaanse ontwerper Alassio Michelotti. Onder de motorkap ligt een kleine luchtgekoelde tweecilinder boxermotor, goed voor zo’n 30 pk.
Ongelukken en Incidenten
Ook zijn groovader, prins Bernhard, kon er wat van. Zo raakte deze in 1937 zwaar gewond toen hij - op weg naar een jachtpartij - zijn Ford Lincoln cabrio met veel te hoge snelheid tegen een vrachtwagen aanreed. Het ongeluk heeft geen invloed op de interesse van de prins voor alles wat snel is, zoals vliegtuigen en auto’s.
Zo vloog hij tijdens zijn studententijd in 1988 met een Ford Sierra XR4i uit de bocht en belandt vervolgens in een Leidse sloot. En we zijn natuurlijk allemaal wel bekend met het ongeluk in 1995 met de Volvo 850 toen hij op weg was naar de wintersport.
17 All New 2026 Middleweight Adventure Motorcycles Unveiled At EICMA 2025
Koningin Máxima heeft inmiddels ook ’ervaring’ als het om aanrijdingen gaat. Bij het verlaten van de uitrit van Paleis Huis ten Bosch op 18 oktober 2001 komt haar auto in botsing met die van een slager uit Wassenaar. Een reeks rechtszaken volgt. Ze reed zelf naar België toe. Dat ging niet helemaal zonder slag of stoot: ze was vergeten te tanken en dus kwam ze zonder benzine te staan op de snelweg tussen Antwerpen en Brussel.
Het Koninklijk Staldepartement
Het Koninklijk Staldepartement werd in 1815 door Koning Willem I opgericht. De Afdeling Koets- en Rijstal van het Koninklijk Staldepartement bevat ongeveer dertig paarden en ruim zeventig rijtuigen. Het grootste deel van de Koninklijke rijtuigen staat opgesteld in Paleis Het Loo Nationaal Museum in Apeldoorn. Het onderhoud van de rijtuigen gebeurt grotendeels in eigen beheer.
Lees ook: Expertise van De Veiling Auto's B.V.
In het Koninklijk Staldepartement bevindt zich onder meer de galatuigenkamer. De paarden zijn verdeeld in rij- en koetspaarden. De chef van de rijstal is de rijknechtmajoor. In de koetsstal staan ongeveer 24 koetspaarden, die volgens traditie allemaal zwart zijn.
De Gouden Koets en de Glazen Koets
Het allereerste rijtuig waarmee de mensen van de ene plek naar de andere plek gingen waren koetsen en sleeën met paarden. Ook de Koninklijke Familie ging met de koets. Het Staldepartement beschikt over zes galaberlines. De rijtuigen zijn zwart en ossenbloedrood gelakt en worden met twee of vier paarden bespannen. De galaberlines worden regelmatig gebruikt.
Koning Willem I bestelde de Glazen Koets in 1821 bij de Brusselse rijtuigbouwer Pierre Simons, die het rijtuig in 1826 afleverde. Het is daarmee het oudste rijtuig van het Koninklijk Staldepartement. De Glazen Koets heeft een donkerblauwe kast, afgezet met een brede vergulde lijst van laurier- en eikenbladeren. De Glazen Koets wordt alleen bij speciale gelegenheden gebruikt.
De Gouden Koets
De Gouden Koets is bestemd om door acht paarden te worden getrokken, vandaar de bijzondere hoogte van de bok. De koetsier moet immers het gehele span kunnen overzien. Bij hun ontwerp gingen de gebroeders Spijker uit van het staatsierijtuig zoals dat in de negentiende eeuw veel voorkwam. De versiering van de koets is uitgevoerd in Hollandse renaissancestijl, de stijl van de Gouden Eeuw.
Koningin Wilhelmina en Prins Hendrik maakten op hun huwelijksdag, 7 februari 1901, voor het eerst van de Gouden Koets gebruik. Ook werd hij gebruikt bij de doop van Prinses Juliana (1909) en de doop van Prinses Beatrix (1938). In 1903 werd de Gouden Koets voor de eerste maal gebruikt om de Koningin en Prins op Prinsjesdag naar het Binnenhof te rijden.
Van 27 augustus 2015 t/m 6 september 2015 was de Gouden Koets voor het publiek van dichtbij te zien in het Koetshuis van museum Paleis Het Loo. De Gouden Koets is sinds 2016 in restauratie. Op vrijdag 18 juni 2021 opent in het Amsterdam Museum de tentoonstelling De Gouden Koets. Het rijtuig wordt tot en met 27 februari 2022 in bruikleen gegeven aan het Amsterdam Museum.
| Voertuig | Gebruik |
|---|---|
| Audi A8L | Officiële gelegenheden |
| Volvo S80 (verlengd) | Reserve voertuig |
| Gouden Koets | Prinsjesdag, huwelijken, inhuldigingen |
| Glazen Koets | Speciale gelegenheden |
