Als u in het verkeer een ernstige snelheidsovertreding maakt of te veel alcohol of drugs hebt gebruikt, kan uw rijbewijs door de politie worden ingevorderd. Dit gebeurt dan vaak ter plekke, bij middelengebruik na de voorlopige ademanalyse (deze controle wordt op het politiebureau dan herhaald met een nauwkeuriger apparaat) of een drugstest.
Procedure na Invordering
Als uw rijbewijs voorlopig is afgepakt door de politie, wordt deze aan het Openbaar Ministerie (OM) doorgestuurd. Deze moet dan beslissen of het rijbewijs wordt teruggegeven óf langer wordt ingehouden tot dat een strafzaak is voorgekomen.
Dit kan een strafzaak zijn bij de politierechter, meervoudige strafkamer óf een zogenaamd OM Hoorgesprek. Dit is een hoorzitting bij de Officier van Justitie waar een straf kan worden opgelegd voor te hard rijden of het rijden onder invloed. Voor deze beslissing geldt een wettelijke termijn van tien dagen.
Als de Officier van Justitie niet tijdig beslist, dan moet het rijbewijs (voorlopig) aan u worden teruggegeven. Als het rijbewijs is ingevorderd door politie, kunt u naar onze mening het beste even de beslissing van de Officier van Justitie afwachten. Vaak ontvang je na een aantal dagen een brief met de beslissing.
Maakt u een ernstige fout in het verkeer? Dan wordt uw rijbewijs door de politie ingevorderd. De politie stuurt het ingehouden rijbewijs naar de officier van justitie bij het Openbaar Ministerie (OM). De officier van justitie beslist binnen 10 dagen of het rijbewijs ingehouden wordt of dat u het terug krijgt.
Lees ook: Stappen voor oliecontrole Volvo
Valt de 10e dag in het weekend of op en feestdag, dan hoort u de beslissing de eerste werkdag daarna. Krijgt u het rijbewijs niet terug? Dan wordt u opgeroepen voor een OM hoorzitting of u krijgt een dagvaarding om voor de rechter te verschijnen. Bij een OM hoorzitting legt de officier van justitie een straf op. Heeft u zeer dringende redenen waarom u het rijbewijs (voorlopig) eerder nodig heeft?
Mogelijkheden tot Teruggave
Als het rijbewijs afgepakt blijft, dan kan je vervolgens een klaagschrift indienen bij de rechtbank. In dit klaagschrift kunt u of een advocaat uitleggen waarom uw belangen bij voorlopige teruggave van het rijbewijs groter zijn dan het voorlopig inhouden in verband met verkeersveiligheid. Hierbij is ook van belang de mate van overschrijding van de snelheid en/of de hoogte van het promillage van alcohol bij de analyse of de mate van in het bloed aangetroffen drugs.
Zeker als het rijbewijs nodig is voor uw werk, is het verstandig niet zomaar akkoord te gaan met de voorlopige invordering van uw rijbewijs en de zitting bij de rechter af te wachten. Ook kunt u het rijbewijs nodig hebben voor mantelzorg of andere grote persoonlijke belangen.
Het is belangrijk dan ook goed - zo mogelijk samen met een verkeersrecht advocaat - naar uw specifieke situatie te kijken én de richtlijnen voor strafvordering die in uw zaak van toepassing zijn. Bovendien hanteert het Openbaar Ministerie vaak zwaardere straffen als richtlijn dan een rechter in de latere strafzaak.
Vervolgens kan een klaagschrift worden ingediend bij de rechtbank. Nadat wij een klaagschrift hebben ingediend zal de rechtbank een zitting bepalen in raadkamer. Dit is een speciale (korte) procedure waarbij u naar de rechtbank moet komen om uw zaak te bespreken in een mondelinge behandeling. Als advocaat gaan wij dan mee om aan de hand van de zaak én richtlijnen teruggave van het rijbewijs te bepleiten. Overigens wordt in onze zaken het rijbewijs ook regelmatig alsnog teruggegeven door de Officier van Justitie nadat wij een klaagschrift hebben ingediend.
Lees ook: Rijbewijs Controleren: Hoe Werkt Het?
Als uw rijbewijs is ingevorderd door justitie mag u overigens niet rijden totdat het rijbewijs is teruggeven al dan niet op last van de rechtbank. Mocht u tóch gaan rijden dan is dat overigens een misdrijf. Op het rijden tijdens een ingevorderd rijbewijs of tijdens ontzegging van de rijbevoegdheid staat in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken.
Ook wordt dit als misdrijf aangetekend op uw strafblad waardoor u later mogelijk problemen kunt krijgen bij een aanvraag voor een verklaring over het gedrag (VOG). Ook zal dit uw kansen op het voorlopig terugkrijgen van uw rijbewijs in raadkamer verkleinen. Dit is van belang bij het indienen van een klaagschrift.
Bent u het niet eens met de beslissing van de officier van justitie? Dan kunt u een Verzoek teruggave rijbewijs indienen bij de rechtbank. Als uw zaak voor de rechter komt, dan moet u zich verantwoorden voor de overtreding. De rechter beoordeelt of u een ontzegging van de rijbevoegdheid krijgt. De tijd dat u uw rijbewijs kwijt was voor de rechtszitting, wordt afgetrokken van deze periode.
Rol van de Politie en CBR
De politie kan uw rijbewijs invorderen als u de veiligheid op de weg ernstig in gevaar brengt.
- U heeft een alcoholgehalte in uw bloed van meer dan 1,3 promille.
- U rijdt 50 kilometer per uur of meer te hard.
Bij invordering stuurt de politie uw rijbewijs naar de officier van justitie. In de periode dat u uw rijbewijs kwijt bent, mag u geen enkel motorrijtuig besturen.
Lees ook: Wat is DSC en hoe werkt het?
Bij een snelheidsovertreding is uiteraard de mate van overschrijding van belang, maar ook de recidiveregeling snelheidsovertredingen van het Openbaar Ministerie waar de uitgangspunten voor strafoplegging zijn vermeld. Deze zijn overigens niet altijd gelijk aan die van de rechtbank.
De politie doet na een ernstige verkeersovertreding ook een melding aan het CBR. Het CBR onderzoekt of de bestuurder wel geschikt en rijvaardig is om aan het verkeer deel te nemen. Wanneer u binnen vijf jaar twee keer bent veroordeeld voor rijden onder invloed wordt uw rijbewijs ongeldig.
Als er voor het beginnersrijbewijs twee ernstige verkeersovertredingen zijn geregistreerd, wordt u door de officier van justitie gemeld bij het CBR. Het CBR kan uw rijbewijs schorsen of een maatregel opleggen.
Wordt u staande gehouden terwijl de bevoegdheid tot het besturen van een motorrijtuig is ontzegd? Is uw rijbewijs door het CBR ongeldig verklaard of geschorst? Is het rijbewijs door de politie (in)gevorderd? Of is het rijbewijs van rechtswege ongeldig geworden vanwege rijden onder invloed? Dan pleegt u een ernstig verkeersmisdrijf.
Dynamische Verkeerscontroles
Bij dynamische verkeerscontroles werkt het zo dat de politie verkeerscontroles gaat doen bij personen waarvan de politie vermoedt dat ze crimineel actief zijn, met het doel met die personen in contact te komen. Dat wil zeggen dat de politie op deze manier criminele activiteiten wil ontdekken of verstoren en zo veel mogelijk informatie over criminelen wil verzamelen. De dynamische verkeerscontroles hebben dus meer doelen. Bij een dynamische verkeerscontrole is altijd een opvallende politieauto betrokken met daarin geüniformeerde agenten. Zij voeren de daadwerkelijke controle uit.
Het kan zijn dat de politie auto's controleert die van een bepaalde plaats afkomen. De keuze kan ook worden bepaald aan de hand van bepaalde risicokenmerken, zoals huurauto's. Vaak is één van de betrokken auto's (van de politie) met ANPR uitgerust. Ook kunnen de agenten via een boardcomputer of via de mobiele telefoon een kenteken natrekken. Er zijn legio databanken. Men gebruikt bij een dynamische verkeerscontrole de databases die relevant zijn voor het opsporen van criminelen.
De politie geeft het stopteken op grond van de Wegenverkeerswet. Dit wordt als middel gebruikt om in contact te komen. De rechter kan uit het proces-verbaal van bevindingen vaak opmaken of dat het om een dynamische verkeerscontrole ging, omdat daarin bijvoorbeeld is opgenomen dat het een huurauto betrof van een maatschappij die aan criminelen verhuurt en dat om die reden een verkeerscontrole is gehouden, dat na de verkeerscontrole ook vragen zijn gesteld met betrekking tot criminaliteit en dat om toestemming is gevraagd te fouilleren en te zoeken.
Verder is het gebruikelijk dat men van de persoon om wie het gaat, nagaat of hij criminele antecedenten of openstaande boetes heeft of gesignaleerd staat. Er zijn twee redenen om een persoon na te trekken: om een inschatting van de risico's te maken en om te kijken of de gemaakte selectie klopt en de politie niet een eerzame burger aan de kant heeft gezet.
Het doel van de dynamische verkeerscontrole is het in contact komen met (potentiële) criminelen en het vergaren van informatie onder de in 'Het Blauwe boekje' vermelde omstandigheden. Bij die controles is het de politie te doen om strafvorderlijke fishing expeditions: opsporingsactiviteiten op basis van vage risicokenmerken zonder enige verdenking ter zake van enig strafbaar feit, waardoor informatie kan worden vergaard die bij een reguliere verkeerscontrole niet toegankelijk zou zijn.
Wegenverkeerswet 1994 (WVW1994) Artikel 164
Deze instructie gaat in op de vordering tot overgifte c.q. de invordering van het rijbewijs op grond van artikel 164 Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW1994). Verder geeft de instructie aan in welke gevallen de officier van justitie het ingevorderde rijbewijs kan inhouden en wat de daarbij te volgen procedure is.
Vordering tot Overgifte en Invordering
Op grond van artikel 164, eerste lid, WVW1994 kunnen niet alleen Nederlandse rijbewijzen, maar ook buitenlandse rijbewijzen en - in voorkomend geval - internationale rijbewijzen worden ingevorderd. De vordering tot overgifte kan alleen worden gericht tot bestuurders van motorrijtuigen.
Het is van belang onderscheid te maken tussen “de vordering tot overgifte” enerzijds en de “invordering” anderzijds. Van een invordering is pas sprake, indien het rijbewijs na de vordering tot overgifte daadwerkelijk in handen is gekomen van de opsporingsambtenaar.
De opsporingsambtenaar moet de overgifte van het rijbewijs nadrukkelijk vorderen. Daarbij dient de verdachte erop te worden gewezen dat hij zich schuldig maakt aan het misdrijf van artikel 9, zevende lid, WVW1994, indien hij nadien een motorrijtuig gaat besturen dat behoort tot een categorie waarvoor het (in)gevorderde rijbewijs is afgegeven.
Wanneer een wegsleepregeling van kracht is en de opsporingsambtenaar dat nodig acht, kan het motorrijtuig in bewaring worden gesteld. De teruggave van het motorrijtuig vindt, tegen een ondertekend bewijs van ontvangst, plaats door de opsporingsambtenaar. Het motorrijtuig wordt pas teruggegeven, nadat de verdachte heeft voldaan aan de vordering tot overgifte van het rijbewijs of heeft aangetoond geen rijbewijs te kunnen inleveren of indien de officier van justitie zich niet langer verzet tegen de teruggave van het motorrijtuig.
Procedure bij Vermissing of Diefstal
Een aantal bestuurders van motorrijtuigen kan na de vordering tot overgifte door de opsporingsambtenaar geen rijbewijs afgeven, omdat het rijbewijs vermist of gestolen is. De enkele stelling van de verdachte dat zijn rijbewijs vermist of gestolen is, is daarbij niet voldoende. Deze stelling moet op enige wijze onderbouwd kunnen worden.
Melding en Verzending
Het rijbewijs en (invorderings)proces-verbaal dient door de opsporingsambtenaar onverwijld naar de officier van justitie te worden gezonden. Door de opsporingsambtenaar wordt zowel van de vordering tot overgifte als van de invordering van het rijbewijs onverwijld melding gemaakt in het rijbewijsregister.
De overgifte van het rijbewijs kan worden gevorderd wanneer er sprake is van een overtreding van een bij of krachtens de WVW94 vastgesteld voorschrift, mits door deze overtreding de veiligheid op de weg ernstig in gevaar is gebracht.
Alcohol en Drugs
Het ernstig vermoeden dat het alcoholgehalte van de adem van de bestuurder hoger is dan 350 µg/l (beginnend bestuurder) of 570 µg/l wordt onder meer aanwezig geacht, indien ten tijde van de ademtest het selectieapparaat de waarde “F” aangeeft en bij beginnende bestuurders de waardes “F”, “F/G” en “A/G”.
Indien er sprake is van een bloedonderzoek wordt op het aanvraagformulier aangegeven dat er sprake is van een ingevorderd rijbewijs of vordering tot overgifte.
Indien het rijbewijs is ingevorderd op grond van artikel 164, tweede lid, onderdeel c, WVW1994 (weigeren van medewerking aan een onderzoek) of op grond van artikel 164, derde lid, WVW1994 (ernstig in gevaar brengen van de veiligheid op de weg), wint de opsporingsambtenaar inlichtingen in over eventueel recidivegevaar van de verdachte. Deze gegevens dienen te worden vermeld in het proces-verbaal van invordering.
Buitenlands Rijbewijs
Indien er een grond is voor de invordering van het rijbewijs, dient deze invordering ook plaats te vinden als de verdachte houder is van een buitenlands rijbewijs. Op deze wijze wordt voorkomen dat houders van Nederlandse rijbewijzen ongelijk worden behandeld ten opzichte van houders van buitenlandse rijbewijzen.
Bestuursrechtelijke Invordering
In het voorgaande stond de strafrechtelijke invordering van het rijbewijs centraal. Daarnaast voorziet de WVW1994 ook in de mogelijkheid dat een rijbewijs bestuursrechtelijk kan worden ingevorderd. Een bestuursrechtelijke invordering van het rijbewijs vindt plaats in het kader van de bestuursrechtelijke vorderingsprocedure ex artikel 130 e.v. WVW1994. Aan een bestuursrechtelijke invordering ligt het vermoeden ten grondslag dat de houder van een rijbewijs onvoldoende rijvaardig dan wel onvoldoende lichamelijk of geestelijk geschikt is om motorrijtuigen te besturen.
Bij het gelijktijdig van toepassing zijn van zowel een strafrechtelijke als een bestuursrechtelijke verplichting tot invordering van het rijbewijs zal ten aanzien van het fysieke rijbewijs voorrang worden gegeven aan de strafrechtelijke invordering. Dit betekent dat het rijbewijs door de opsporingsambtenaar naar het OM moet worden gestuurd.
Bevoegdheid Officier van Justitie
Op grond van artikel 164, vierde lid, WVW1994 is de officier van justitie bevoegd om een ingevorderd rijbewijs in te houden in de gevallen bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, b, d of e. In al deze gevallen koppelt artikel 164, vierde lid, WVW1994 de bevoegdheid tot inhouding niet aan een nadere voorwaarde.
Indien het rijbewijs op één van de hiervoor genoemde gronden is ingevorderd is steeds sprake van een wettelijk vermoeden van recidivegevaar ter zake van die gevallen en is de officier van justitie bevoegd dat rijbewijs onder zich te houden. Dat geldt niet wanneer gelet op bijzondere omstandigheden toch niet gezegd kan worden dat ernstig rekening moet worden gehouden met de mogelijkheid van herhaling, en geldt ook niet wanneer er klemmende redenen zijn om van die maatregel af te zien.
Indien het rijbewijs wordt ingevorderd omdat de verdachte heeft geweigerd mee te werken aan een adem- of bloedonderzoek bestaat er géén wettelijk vermoeden van recidivegevaar en kan het rijbewijs slechts worden ingehouden, indien op grond van andere feiten of omstandigheden ernstig rekening moet worden gehouden met de mogelijkheid van herhaling. Er moeten dus andere omstandigheden aanwezig zijn waaruit het recidivegevaar kan worden afgeleid.
Ten aanzien van de hiervoor genoemde gevallen geldt dat artikel 164, zesde lid, WVW1994 maar één termijn noemt als uiterste termijn waarbinnen het onderzoek ter terechtzitting moet zijn aangevangen c.q. een strafbeschikking moet zijn uitgevaardigd, en dat is een termijn van zes maanden. Deze bepaling maakt dus geen onderscheid tussen misdrijven en overtredingen.
Binnen het OM wordt er echter voor gekozen om bij overtredingen een kortere termijn te hanteren, namelijk een termijn van vier maanden. Op grond van de laatste zin van het zesde lid van artikel 164 bestaat een doorzendplicht. Het rijbewijs wordt niet aan de houder teruggegeven, wanneer het een rijbewijs betreft waarvan op grond van de WVW94 de overgifte is gevorderd, of ten aanzien waarvan een verplichting tot inlevering bestaat of waarvan ingevolge de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) de inlevering is gevorderd.
Indien het rijbewijs wordt teruggegeven door Parket CVOM wordt de houder ten spoedigste per aangetekende post van de beslissing tot teruggave in kennis gesteld. Het rijbewijs wordt bij deze kennisgeving gevoegd. Bij teruggave van het rijbewijs door het arrondissementsparket wordt de houder ten spoedigste schriftelijk in kennis gesteld van de beslissing tot teruggave en van de mogelijkheid om het rijbewijs ten parkette in ontvangst te nemen of wordt de houder ten spoedigste per aangetekende post van de beslissing tot teruggave in kennis gesteld. Het rijbewijs wordt bij deze kennisgeving gevoegd.
Gezien het tijdsverloop is het van belang te controleren of er een adreswijziging heeft plaatsgevonden. Indien een voorkeursadres is opgegeven wordt het rijbewijs naar dat adres gestuurd.
CBR Mededelingenprocedure na Aanhouding Alcohol of Drugs
Wanneer u bent aangehouden door de politie voor rijden onder invloed van alcohol of drugs, kan het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) een mededelingenprocedure starten. Deze procedure is bedoeld om uw rijgeschiktheid te beoordelen en te bepalen of u veilig deel kunt nemen aan het verkeer.
De mededelingenprocedure is een proces waarin het CBR de rijgeschiktheid van een bestuurder beoordeelt na een aanhouding voor rijden onder invloed van alcohol of drugs. Het doel van de procedure is om te waarborgen dat bestuurders geen gevaar vormen voor zichzelf of anderen op de weg. Deze procedure wordt vaak gestart nadat de politie een bestuurder heeft aangehouden voor rijden onder invloed.
Het CBR verlangt een keuring om de verkeersveiligheid in Nederland te waarborgen. Rijden onder invloed van alcohol of drugs kan uw reactievermogen, coördinatie en rijgedrag negatief beïnvloeden. Dit verhoogt het risico op ongevallen. Daarom moet het CBR controleren of u nog steeds geschikt bent om een voertuig te besturen.
Na de mededelingenprocedure ontvangt u een oproep voor een keuring bij een erkende specialist. De keuring kan de volgende onderdelen bevatten:
- Fysieke keuring: hierbij wordt uw gezondheid gecontroleerd om te bepalen of er lichamelijke effecten zijn die uw rijgedrag beïnvloeden. Het CBR kijkt specifiek naar de gevolgen van alcohol- of drugsgebruik.
- Psychiatrische evaluatie: een psychiatrische beoordeling wordt uitgevoerd om te onderzoeken of u voldoende controle heeft over uw gedrag en of er sprake is van verslavingsproblemen.
- Onderzoek naar alcohol- en drugsgebruik: laboratoriumonderzoek in combinatie met de fysieke-en psychiatrische keuring wijst uit of er nog steeds sprake is van problematisch alcohol- of drugsgebruik.
Afhankelijk van de resultaten van de keuring kan het CBR verschillende besluiten nemen:
- Geen beperkingen: als de keuring aantoont dat er geen problemen zijn, kunt u uw rijbewijs behouden.
- Beperkingen of voorwaarden: als er aanwijzingen zijn voor problematisch gedrag, kan het CBR voorwaarden stellen, zoals een termijn van sober rijgedrag of het volgen van een behandelingsprogramma.
- Rijverbod: in ernstige gevallen kan het CBR besluiten om uw rijbewijs in te trekken voor een bepaalde periode. Na afloop van deze periode kan een herkeuring plaatsvinden om te beoordelen of u weer rijgeschikt bent.
Als u te maken krijgt met een mededelingenprocedure, is het belangrijk om goed voorbereid te zijn. Zorg ervoor dat u alle benodigde documenten meeneemt naar de keuring en wees vooral heel eerlijk over uw alcohol- of drugsgebruik om problemen na de keuring te voorkomen. Het kan nuttig zijn om een verslavingsdeskundige of psycholoog te raadplegen om te laten zien dat u verantwoordelijkheid neemt en stappen onderneemt om veilig deel te nemen aan het verkeer.
