Autorijden is voor veel mensen een belangrijk onderdeel van hun zelfstandigheid en mobiliteit. Echter, als u epilepsie heeft of een epileptische aanval heeft gehad, zijn er specifieke regels en voorschriften waar u rekening mee moet houden. In Nederland is het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) de instantie die beoordeelt of iemand met epilepsie veilig de weg op kan.
Rijgeschiktheid en Epilepsie
Rijgeschikt wil zeggen dat je lichamelijk en geestelijk veilig een motorvoertuig kunt besturen. Het CBR gebruikt het woord rijgeschiktheid. Nee, je hebt je rijbewijs gehaald en dat geeft aan dat je veilig een motorvoertuig kunt besturen. Het CBR noemt dit rijvaardig. Na één of meer epileptische aanvallen ben je een tijd niet rijgeschikt. Na één of meer aanvallen mag je een tijd niet rijden. Je moet je houden aan de periode uit de wet. Nee, je moet je houden aan de periode dat je geen aanvallen mag hebben. Dit staat in de wet.
Als u ooit een epileptische aanval heeft gehad en uw rijbewijs wilt halen of verlengen, moet u dit aangeven in uw Gezondheidsverklaring (Eigen verklaring). De Regeling eisen geschiktheid 2000 beschrijft de eisen waaraan bestuurders moeten voldoen. Als iemand gezondheidsproblemen heeft, onderzoekt het CBR of hij of zij voldoet aan de geschiktheidseisen. Dus ook mensen die een epileptische aanval hebben gehad.
De Gezondheidsverklaring
Als u epilepsie heeft of één of meerdere epileptische aanvallen heeft gehad, geeft u dit aan het CBR door. Het is nodig dat u zich bij het CBR meldt, omdat het voor de veiligheid van uzelf en anderen belangrijk is dat u een beperkt rijbewijs krijgt. Dit betekent dat u code 105 op uw rijbewijs moet krijgen, als u mag blijven rijden.
Hoe werkt het invullen van de Gezondheidsverklaring?
Lees ook: Nieuw rijbewijs nodig? Lees dit!
- Koop een Gezondheidsverklaring (bij gemeenteloket, rijschool of CBR).
- Vul het formulier zover mogelijk in.
- Kruis ‘Ja’ aan bij de vraag of u een hersenziekte heeft.
- Als u epilepsie heeft en medicatie gebruikt, kruist u bij deze twee vragen ook ‘Ja’ aan.
- Laat uw behandelend arts of verpleegkundig specialist de achterkant (het ‘medische deel’) invullen.
Het CBR informeert u over de noodzakelijke onderzoeken. Soms kan het CBR u goedkeuren op basis van de informatie van uw behandelend arts. In andere gevallen is een aanvullende gezondheidskeuring nodig door een onafhankelijk neuroloog, eventueel aangevuld met een rijtest. Als u 75 jaar of ouder bent, dan volgt er in ieder geval een aanvullende keuring door een onafhankelijk arts.
Wanneer mag u (niet) rijden na een epileptische aanval?
Nadat u een epileptische aanval heeft gehad, mag u een tijdje niet rijden. Nadat u een epileptische aanval heeft gehad, mag u een tijdje niet rijden. Na uw eerste epileptische aanval moet u 6 maanden wachten. Als u meerdere aanvallen heeft gehad, moet u 12 maanden wachten, geteld vanaf uw laatste aanval.
Belangrijke punten:
- Eerste epileptische aanval: U moet minimaal 6 maanden aanvalsvrij zijn voordat u weer mag rijden.
- Meerdere aanvallen: Bij twee of meer aanvallen moet u 12 maanden aanvalsvrij zijn voordat u weer mag rijden.
Er zijn uitzonderingen voor hoe lang u niet mag rijden na een epileptische aanval. Bespreek dit daarom met uw neuroloog, zodat u precies weet hoe lang u moet wachten. Afhankelijk van het type aanval, kan de periode dat iemand niet mag rijden anders zijn. Deze uitzonderingen staan in paragraaf 7.2 van de Regeling eisen geschiktheid.
Uitzonderingen:
Lees ook: Alles over je rijbewijs
- Met alleen aanvallen in de slaap mag je na 1 jaar weer rijden. Overleg dit met je neuroloog en stuur een Gezondheidsverklaring in.
- Heb je twee jaar geen aanvallen gehad? Dan mag je gewoon rijden.
- Ben je korter dan twee jaar aanvalsvrij, dan mag je tijdens het afbouwen en 3 maanden erna niet rijden.
Opeens weer een aanval gekregen? Nee, je mag niet rijden.
Sporadische aanvallen: als er meer dan twee jaar tussen de laatste aanval en de voorlaatste aanval zit.
Als er tijdens de wijziging of afbouw van medicijnen een aanval voordoet, dan wordt er rijongeschiktheid ingesteld gedurende drie maanden, mits de medicatie direct wordt aangepast. Is dit niet het geval?
Rijbewijs Halen of Verlengen met Epilepsie
Rijbewijs halen met epilepsie: Vul de Gezondheidsverklaring in voordat u met rijlessen begint. Dit geeft zekerheid over uw geschiktheid om een rijbewijs te behalen. Het CBR beoordeelt uw situatie en bepaalt of u veilig kunt deelnemen aan het verkeer.
Rijbewijs verlengen met epilepsie: Heeft u een groot rijbewijs (categorie C, CE, C1, C1E, D, DE, D1 of D1E), bent u 75 jaar of ouder, of heeft u eerder een epileptische aanval gemeld? Dan moet u bij verlenging van uw rijbewijs een Gezondheidsverklaring invullen. Het CBR verwijst u naar een neuroloog of arts voor een beoordeling. De neuroloog of arts levert informatie aan het CBR, dat vervolgens beslist over uw rijgeschiktheid.
Lees ook: Rijbewijs Verlengen Losser
Onderzoek door een Neuroloog
Als u onderzocht moet worden door een arts, ontvangt u bij dit bericht formulier(en) voor de arts en/of eventuele verwijzingen naar specialist(en). In dit bericht staan ZD-code(s) waarmee de arts uw informatie snel en digitaal kan invullen en naar het CBR kan sturen. Soms kan uw eigen behandelaar de gegevens invullen voor het CBR.
Maak een afspraak voor het invullen van het formulier met een neuroloog. De arts en/of specialist(en) onderzoeken u en vullen de formulieren in. Aan dit onderzoek zijn kosten verbonden. U mag de ingevulde formulieren altijd inzien. Maak of vraag een kopie voor uw eigen administratie.
Wat gebeurt er na de keuring?
- Het keuringsrapport wordt normaliter binnen 14 dagen na de keuring verzonden naar het CBR (wettelijk max. vier weken).
- U ontvangt binnen vier weken bericht van het CBR.
- U heeft het recht het keuringsrapport te blokkeren.
Het CBR beoordeelt al uw informatie en via Mijn CBR ontvangt u bericht. Als het CBR alle informatie heeft die nodig is, volgt via Mijn CBR het bericht of u rijgeschikt bent en of u uw rijbewijs kunt verlengen.
Medicatie en Autorijden
Het gebruik van medicijnen voor epilepsie kan ook invloed hebben op uw rijvaardigheid. Het is essentieel om de bijwerkingen van uw medicatie goed te kennen en met uw arts te bespreken of deze invloed hebben op uw vermogen om veilig te rijden. Het CBR neemt ook de effecten van uw medicijnen in overweging bij hun beoordeling.
Stappen voor veilig rijden met epilepsie en medicatie:
- Consultatie met uw arts: Bespreek uw medicatie en de mogelijke bijwerkingen op uw rijvaardigheid.
- Gezondheidsverklaring invullen: Geef aan dat u epilepsie en medicijnen heeft.
- Medische beoordeling: Het CBR zal uw situatie beoordelen op basis van de informatie van uw arts of neuroloog.
Wel of niet rijden met epilepsiemedicijnen
De meeste medicijnen tegen epileptische aanvallen leveren geen problemen op voor het rijden. Er zijn wel enkele uitzonderingen: de medicijnen fenobarbital, fenytoïne, carbamazepine (bij een dosis van meer dan 600 milligram per dag) en primidon hebben wel invloed op uw rijvaardigheid en kunnen dus gevaarlijk zijn in het verkeer. Uw patiënt mag dan ook niet rijden in het eerste jaar dat hij of zij deze medicijnen gebruikt. Als uw patiënt deze medicijnen langer dan 1 jaar gebruikt, mag hij of zij wel gewoon rijden. En als uw patiënt minder dan 600 milligram per dag gebruikt van het medicijn carbamazepine, kan uw patiënt ook gewoon rijden. Ook tijdens het eerste jaar dat hij of zij dit medicijn gebruikt.
Ook tijdens het eerste jaar dat hij of zij dit medicijn gebruikt. Als iemand medicijnen gebruikt tegen epilepsie, krijgt deze persoon wel altijd code 105 op het rijbewijs. Dit betekent dat uw patiënt geen beroep kan uitoefenen waarbij hij of zij mensen meeneemt in de auto, zoals taxichauffeur of rijinstructeur.
Let op: de regels voor epileptische aanvallen gelden hier ook nog steeds. Dus als iemand langer dan een jaar medicijnen slikt, maar kortgeleden een aanval heeft gehad, mag hij of zij niet rijden.
Op rijveiligmetmedicijnen.nl kunt u kijken met welke medicijnen uw patiënt veilig kunt rijden.
Code 105 op het Rijbewijs
Als iemand een epileptische aanval heeft gehad, staat er wel code 105 op zijn of haar rijbewijs. Als uw patiënt medisch geschikt is om te rijden met epilepsie, krijgt hij of zij code 105 op het rijbewijs. Dit betekent dat uw patiënt privé en beroepsmatig mag rijden, maar dat hij of zij niet beroepsmatig mag rijden als bijvoorbeeld taxichauffeur of rijinstructeur.
Groot Rijbewijs (C, CE, C1, C1E, D, DE, D1 of D1E)
Bij rijbewijzen voor een vrachtauto of bus gelden er strengere regels. Voor het besturen van een vrachtauto of bus gelden er strengere regels:
- Was het de eerste keer dat uw patiënt een epileptische aanval had? Dan mag uw hij of zij 5 jaar niet rijden. Heeft uw patiënt 2 jaar na de eerste aanval geen tweede aanval gekregen? En heeft hij of zij in deze periode ook geen epilepsiemedicijnen nodig gehad? Dan kan het CBR na 2 jaar onderzoeken of hij of zij al eerder veilig kan rijden.
- Heeft uw patiënt al vaker een epileptische aanval gehad? Dan mag hij of zij 10 jaar niet rijden. Heeft uw patiënt 5 jaar lang geen aanval gekregen? En heeft hij of zij in deze periode ook geen epilepsiemedicijnen nodig gehad? Dan kan het CBR na 5 jaar onderzoeken of hij of zij al eerder veilig kan rijden.
Als uw patiënt een groot rijbewijs heeft, gelden er strengere regels. Als iemand medicijnen tegen epileptische aanvallen gebruikt, mag hij of zij niet in een vrachtauto of bus rijden.
Geldigheid van het rijbewijs:
- Blijkt uit het onderzoek dat uw patiënt veilig de weg op kan? Dan is het rijbewijs maximaal 1 jaar geldig. Verlengen we het rijbewijs daarna, dan is dat maximaal 3 jaar geldig. En als we na die 3 jaar het rijbewijs weer verlengen, is dat maximaal 5 jaar geldig.
Overige Neurologische Aandoeningen
Het kan ook zo zijn dat een epileptische aanval het gevolg is van een bepaalde aandoening/ onderliggende neurologische ziekte. Dan zal een onafhankelijk neuroloog u keuren en een advies uitbrengen aan het CBR.
Hersentumor: Een hersentumor kan invloed hebben op de rijgeschiktheid en rijvaardigheid, zeker als er tevens sprake is van neurologische uitval (zoals verlamming) of epilepsie. Zodra gezondheidsproblemen ontstaan die van invloed kunnen zijn op de rijgeschiktheid is het de verantwoordelijkheid van de rijbewijshouder om het Centraal Bureau Rijvaardigheid (CBR) hierover te informeren.
Als er gedurende drie maanden een stabiel beeld is in het functioneren (waarbij er geen lichamelijke of geestelijke functiestoornissen zijn die de rijgeschiktheid negatief beïnvloeden) dan kunt u geschikt worden verklaard voor een termijn van maximaal drie jaar. De beoordeling van de geschiktheid wordt uitgevoerd door een onafhankelijk neuroloog eventueel aangevuld met een rijtest door het CBR.
Narcolepsie: Mensen met narcolepsie kunnen geschikt worden verklaard door het CBR, indien u tenminste twee maanden adequaat behandeld wordt. Dit moet beoordeeld worden door een specialist op het gebied van slaapgerelateerde stoornissen. De geschiktheidstermijn is de eerste keer een jaar.
Obstructief Slaapapnoesyndroom (OSAS): Mensen met een obstructief slaapapnoesyndroom (OSAS) kunnen geschikt worden verklaard door het CBR op basis van een specialistisch rapport. Hierin staat dat er gedurende minimaal twee opeenvolgende maanden adequate behandeling heeft plaatsgevonden. Een adequate behandeling is een Apneu-Hypopneu-Index van kleiner dan vijftien per uur. Dit specialistisch rapport moet opgesteld worden door een specialist op het gebied van slaapgerelateerde stoornissen.
Ziekte van Parkinson: Als er bij mensen met de ziekte van Parkinson het vermoeden bestaat dat er lichamelijke of geestelijke functiestoornissen zijn die een negatieve invloed hebben op de rijgeschiktheid, dan kan er een rijtest plaatsvinden bij het CBR.
Dementie: Als er sprake is van een (vermoeden van) dementie dan is er een specialistisch rapport vereist door een neuroloog of psychiater of klinisch geriater of specialist ouderengeneeskunde. Dit rapport moet informatie bevatten over de ernst van de dementie. Voor het bepalen van de geschiktheid van mensen met een zeer lichte of lichte dementie kan een rijtest met een deskundige van het CBR plaatsvinden. De geschiktheidstermijn is een jaar.
Uiteindelijk bepaalt het CBR of u rijgeschikt bent. Dit doet het CBR op basis van informatie die u zelf verstrekt, aangevuld met de informatie van de behandelaar en/of onafhankelijk specialist.
Wat als u niet meer mag rijden?
Als u niet meer mag rijden, dan kan dit erg vervelend zijn. Het kan namelijk grote invloed hebben op uw dagelijks leven. U kunt kijken naar andere manieren van reizen.
Verbetert uw medische situatie? Bijvoorbeeld omdat u een bepaalde periode geen epileptische aanval meer heeft gehad? Dan kunt u dit altijd bespreken met uw behandelaar of neuroloog. Zij kunnen u adviseren of een nieuwe beoordeling door het CBR zinvol is.
Twijfel over de rijgeschiktheid van een familielid?
Ik twijfel of een familielid of bekende met epilepsie kan autorijden. Leg in een gesprek aan deze persoon de wet uit. Dring erop aan dat de persoon een Gezondheidsverklaring naar het CBR stuurt. Als iemand geen Gezondheidsverklaring wil insturen, kun je dit melden bij het CBR.
Adviezen en begeleiding door de neuroloog
De begeleiding van mensen met epilepsie wordt bepaald door verschillende factoren. Als de diagnose recent is gesteld zijn er andere vragen dan wanneer epilepsie een chronische aandoening is geworden. Door de opkomst van verschillende informatievoorzieningen en door taakdifferentiatie, heeft de neuroloog niet meer de grootste rol in voorlichting en begeleiding.
Adviezen over leefregels en risico’s bij epilepsie moeten zoveel mogelijk op de individu worden afgestemd. In beginsel worden zo min mogelijk beperkingen opgelegd. Het getuigt van goed zorgverlenerschap wanneer er een open gesprek plaatsvindt over de risico’s en andere gevolgen van epilepsie, waardoor de patiënt beter voorbereid is op de keuzes in het leven. De arts is verantwoordelijk voor het geven van adequate adviezen, niet voor het naleven ervan.
Alcohol kan bijdragen aan het optreden van aanvallen. Bij jongeren en mensen die neigen tot alcoholmisbruik moet het gebruik van alcohol soms geheel worden ontraden.
Bij een actieve epilepsie met aanvallen waarbij bewustzijnsverlies optreedt, wordt het zelfstandig gebruik van een bad ontraden vanwege het verdrinkingsgevaar. Bij douchen bestaat het risico op verwondingen bij een val. Soms wordt een douchestoel geadviseerd om dit risico te beperken. Daarnaast worden thermostaatkranen aanbevolen om verbrandingen te voorkomen.
Er zijn doorgaans geen speciale maatregelen nodig bij individuele sporten en teamsporten. Uiteraard kan voorzichtigheid geboden zijn bij het trainen op afgezonderde locaties. Voorzichtigheid is ook geboden bij snelheidssporten als wielrennen, mountainbiken, schaatsen en skiën. Voor gemotoriseerde sporten, bergbeklimmen en parachutespringen gelden regels vergelijkbaar met het rijbewijs.
Het is belangrijk de patiënt goed voor te lichten en te waarschuwen dat de bijsluiter ook melding moet maken van zeldzame bijwerkingen. Voorlichting is nodig over het regelmatig innemen van de medicatie. De keuze om een behandeling te staken moet in nauw overleg met de patiënt en/of zijn of haar ouders worden genomen.
Tabel: Samenvatting Rijgeschiktheid bij Epilepsie
| Situatie | Rijgeschiktheidseisen |
|---|---|
| Eerste epileptische aanval | 6 maanden aanvalsvrij |
| Meerdere epileptische aanvallen | 12 maanden aanvalsvrij |
| Aanvallen tijdens afbouwen medicatie | 3 maanden aanvalsvrij na aanpassing medicatie |
| Alleen aanvallen in de slaap | 1 jaar aanvalsvrij |
