Het rijbewijs kan door de politie worden ingevorderd op grond van het bepaalde in artikel 130 WVW 1994. Dit is het geval als de houder van een rijbewijs vermoedelijk onvoldoende rijvaardig dan wel onvoldoende lichamelijk of geestelijk geschikt is.
In een aantal situaties wordt het rijbewijs ingevorderd door de politie, die het daarna indient bij het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR). De politie moet dit doen op grond van artikel 130 Wegenverkeerswet 1994 (WVW).
Dit artikel zegt dat wanneer de politie (of een ander bevoegd persoon) vermoedt dat een bestuurder van een motorrijtuig niet langer beschikt over de rijvaardigheid, hiervoor schriftelijk mededeling moet doen bij het CBR.
Daarnaast is de bestuurder van het motorrijtuig verplicht om in zo een situatie het rijbewijs aan de politie af te geven. Deze verplichting geldt wanneer de bestuurder de veiligheid op de weg zodanig in gevaar brengt, per direct de rijbevoegdheid moet worden afgenomen.
Gronden voor Invordering op Grond van Artikel 130 WVW
Invordering als bedoeld in artikel 130, tweede en derde lid, van de Wegenverkeerswet 1994 heeft op grond van het volgende plaatsgevonden:
Lees ook: Meer over artikel 5 WVW
- Betrokkene heeft een motorrijtuig bestuurd onder invloed van drogerende stoffen, andere dan alcohol.
- Betrokkene heeft een poging tot zelfdoding ondernomen in het verkeer.
- Er zijn duidelijke aanwijzingen dat betrokkene lijdt aan een aandoening waardoor hij geestelijk en/of lichamelijk niet goed functioneert, dan wel ernstige psychiatrische problemen ondervindt, hetgeen bij twijfel bevestigd wordt door een medisch deskundige.
- Betrokkene heeft met een motorrijtuig tegen de rijrichting in gereden (spookrijden).
- Betrokkene heeft binnen een periode van een jaar tenminste drie aanrijdingen veroorzaakt.
- Betrokkene is rechtstreeks betrokken bij een aanrijding met duidelijke materiële dan wel letselschade en verklaart de aanrijding niet te hebben bemerkt.
- Betrokkene is niet in staat het motorrijtuig in bedwang te houden.
- Betrokkene heeft een aanrijding veroorzaakt door het intrappen van het onjuiste pedaal of door het niet intrappen van het juiste pedaal.
- Betrokkene is bewust ingereden op een andere weggebruiker.
- Bij betrokkene wordt als bestuurder een adem- of bloedalcoholgehalte geconstateerd dat gelijk is aan of hoger is dan 570 µg/l respectievelijk 1,3‰; bij betrokkene wordt in de hoedanigheid van beginnende bestuurder een adem- of bloedalcoholgehalte geconstateerd dat gelijk is aan dan wel hoger is dan 435 µg/l, respectievelijk 1,0‰.
- Betrokkene heeft geweigerd mee te werken naar een onderzoek als bedoeld in artikel 8, tweede of derde lid, van de wet.
- Ten aanzien van betrokkene is binnen een periode van vijf jaar tenminste vier maal proces-verbaal opgemaakt op verdenking van overtreding van artikel 8, tweede, derde of vierde lid, van de wet, waarbij betrokkene ten tijde van de laatste verdenking houder van een rijbewijs was.
- Betrokkene heeft drie maal als beginnende bestuurder een of meer van de strafbare feiten begaan die worden genoemd in bijlage 1, onderdeel IV, bij de Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid en voor deze feiten is hij tijdens of na de in artikel 1, onder beginnende bestuurder, van die regeling genoemde termijn onherroepelijk veroordeeld, dan wel voor deze feiten tijdens of na die termijn ten aanzien van hem een onherroepelijke strafbeschikking uitgevaardigd.
- Ten aanzien van betrokkene is tijdens de duur van het alcoholslotprogramma proces-verbaal opgemaakt op verdenking van overtreding van artikel 8, derde juncto vierde lid, van de wet of van artikel 9, negende lid, van de wet.
- Betrokkene die voor zijn achttiende verjaardag in het kader van begeleid rijden een rijbewijs voor de categorie B heeft behaald, heeft in de periode tot zijn achttiende verjaardag een motorrijtuig bestuurd zonder een op de begeleiderspas geregistreerde begeleider, dan wel met een begeleider van wie hij weet dat deze onder zodanige invloed verkeert van een stof, waarvan het gebruik - al dan niet in combinatie met het gebruik van een andere stof - de rijvaardigheid kan verminderen, dat deze niet tot behoorlijk begeleiden in staat moet worden geacht.
De Procedure Na Invordering
Wanneer het rijbewijs is ingevorderd door de politie op grond van artikel 130 WVW, dan doet de politie hiervan een melding bij het CBR. Zodra het CBR deze informatie ontvangt, gaat zij beoordelen of de bestuurder waarvan het rijbewijs is ingevorderd veilig de weg op kan. Dat wil dus zeggen dat het CBR verder oordeelt over het verdere verloop en welke maatregel er wordt opgelegd. Dit kan bijvoorbeeld een cursus zijn die de bestuurder moet volgen of een onderzoek die de bestuurder moet doen.
Zo een cursus is bijvoorbeeld LEMA (Licht educatieve maatregel alcohol en verkeer) of EMA (Educatieve maatregel alcohol en verkeer). Deze cursussen hebben als doel dat de bestuurder niet meer gaat rijden onder invloed van alcohol.
Een dergelijk onderzoek dat het CBR als maatregel kan opleggen is een onderzoek naar de rijgeschiktheid. Dit wordt opgelegd als de bestuurder in de afgelopen vijf jaar al eens een EMA cursus heeft gevolgd en de bestuurder zich dus nogmaals schuldig maakt aan een overtreding zoals hiervoor genoemd.
Wanneer het CBR beslist om de bestuurder mee te laten doen aan onderzoek, kan het CBR besluiten om tijdelijk de rijbevoegdheid te ontnemen. Dit doet ze door het rijbewijs te schorsen en dan mag de bestuurder voor een bepaalde tijd niet rijden. In de meeste gevallen is dit tot wanneer uit het onderzoek blijkt dat de bestuurder weer geschikt is om de weg op te gaan.
Dit is iets anders dan een rijtontzegging. Een rijontzegging wordt bepaald door de rechter of door het Openbaar Ministerie.
Lees ook: Gids voor het terugkrijgen van je rijbewijs
De invordering door het CBR is namelijk op bestuursrechtelijke grond. In de meeste gevallen zal bij rijden onder invloed van alcohol het rijbewijs worden ingevorderd en op grond van artikel 164 WVW worden gestuurd naar de officier van justitie. Dit is het strafrechtelijke traject waar u mee te maken krijgt. Daarnaast loopt er (parallel aan de strafzaak) ook een bestuursrechtelijke procedure bij het CBR. Deze procedure wordt ook wel de vorderingsprocedure genoemd.
Bij situaties van samenloop van de bestuursrechtelijke invordering en de strafrechtelijke invordering bij deelname aan het alcoholslotprogramma, bijvoorbeeld als het AAG meer dan 350 µg/l is, stuurt de politie het rijbewijs altijd aan het OM.
Binnen het OM is het van belang dat de reden en de gronden in het proces-verbaal van invordering worden vergeleken met de grond van invordering die de politie in het rijbewijzenregister heeft opgenomen. De keuze voor een invordering dient door de politie echter ondubbelzinnig te worden gemaakt.
ZO rijden zorgt voor een INGEVORDERD rijbewijs! | DASHCAM DONDERDAG 🚔 #politie
Bezwaarschrift Indienen
De bestuurder kan het rijbewijs terugkrijgen door een procedure te starten tegen het CBR. Dit kan pas nadat de bestuurder de beslissing van het CBR heeft ontvangen. Dit is enkel in het geval dat het CBR beslist om een onderzoek naar de rijgeschiktheid te starten en daarnaast het rijbewijs schorst.
Het starten van een procedure tegen het CBR wordt gedaan door middel van een bezwaarschrift. Het bezwaarschrift moet binnen 6 weken worden ingediend bij het CBR, vanaf de datum dat het zij het besluit heeft genomen. In het bezwaarschrift kunnen enkel alleen inhoudelijke gronden genoemd worden, waaronder fouten in de procedure. Het is niet mogelijk om persoonlijke omstandigheden te noemen in een bezwaarschrift. Tijdens de behandeling van een bezwaarschrift blijft het besluit van het CBR in stand.
Lees ook: Alles over rijbewijs invordering
Als u het oneens bent met de beslissing van het CBR bestaat er de mogelijkheid om in bezwaar te gaan bij het CBR. Het bezwaarschrift kan gericht zijn tegen een educatieve maatregel of onderzoek. Daarnaast is het mogelijk om bezwaar aan te tekenen tegen de schorsing van de geldigheid van uw rijbewijs in combinatie met een onderzoek.
Belangrijk is dat bezwaar tijdig ingediend wordt, namelijk binnen zes weken nadat het besluit van het CBR genomen is. Daarnaast is het noodzakelijk dat het bezwaarschrift op kundige wijze samengesteld is. Het CBR houdt geen rekening met persoonlijke omstandigheden.
Het gegeven dat u uw rijbewijs bijvoorbeeld niet kunt missen vanwege uw werk is voor het CBR niet relevant. Alleen processuele gronden zullen ertoe kunnen leiden dat het CBR tot een ander besluit komt.
Anders dan in het strafrecht, kunt u niet zomaar naar de rechter stappen om op grond van uw persoonlijke belangen het rijbewijs terug te vragen. Om het rijbewijs terug te krijgen, moet u eerst een bezwaarschrift indienen tegen de beslissing van het CBR. Het bezwaarschrift moet binnen 6 weken zijn ingediend. Als u dan het rijbewijs met spoed wilt terugkrijgen, moet u daarnaast een voorlopige voorziening aanvragen bij de rechtbank. Dit is een spoedprocedure om snel een beslissing van de rechter te krijgen.
Strafrechtelijke Invordering vs. Bestuursrechtelijke Invordering
Let op: als het CBR de geldigheid van uw rijbewijs schorst, dan is dat op basis van het bestuursrecht. Als u het daarmee oneens bent, moet dus de procedure van bezwaar en beroep gevolgd worden. De invordering op strafrechtelijke gronden dient daarvan onderscheiden te worden, deze procedure loopt namelijk niet via het CBR. Als u het oneens bent met de strafrechtelijke invordering dan kunt u een klaagschrift indienen.
Maakt u een ernstige fout in het verkeer? Dan wordt uw rijbewijs door de politie ingevorderd. De politie stuurt het ingehouden rijbewijs naar de officier van justitie bij het Openbaar Ministerie (OM). De officier van justitie beslist binnen 10 dagen of het rijbewijs ingehouden wordt of dat u het terug krijgt. Valt de 10e dag in het weekend of op en feestdag, dan hoort u de beslissing de eerste werkdag daarna.
Krijgt u het rijbewijs niet terug? Dan wordt u opgeroepen voor een OM hoorzitting of u krijgt een dagvaarding om voor de rechter te verschijnen. Bij een OM hoorzitting legt de officier van justitie een straf op. Heeft u zeer dringende redenen waarom u het rijbewijs (voorlopig) eerder nodig heeft?
Rijden Onder Invloed en Het CBR
Wanneer u bent gepakt met rijden onder invloed van alcohol, krijgt u in de meeste gevallen ook te maken met het CBR. Het CBR zal aan u een maatregel opleggen. In principe werkt het zo dat u tot een ademalcoholgehalte van 570 µg/l oftewel een bloedalcoholgehalte van 1,3 ‰ een cursus (LEMA of EMA) krijgt opgelegd.
Krijgt u een EMA, LEMA of onderzoek naar de rijgeschiktheid opgelegd, dan kunt u in beginsel het rijbewijs gewoon behouden, tenzij er sprake is van meer dan drie maal recidive in een periode van 5 jaar. Bij drie maal recidive zal het CBR naast het opleggen van een onderzoek naar de rijgeschiktheid de geldigheid van het rijbewijs schorsen. Daarnaast zal het CBR ook de geldigheid van het rijbewijs schorsen vanaf een ademalcoholgehalte van 785 µg/l oftewel een bloedalcoholgehalte van 1,8 ‰. In dat geval hoeft er geen sprake te zijn van een eerdere overtreding. Het CBR mag uw rijbewijs dan meteen afpakken.
Indien er sprake is van een ademalcoholgehalte vanaf 785 µg/l of vanaf 570 µg/l bij beginnend bestuurders dan is het belangrijk om eerst te proberen om het rijbewijs via het CBR terug te krijgen. U moet dan nog GEEN klaagschrift indienen bij de rechtbank om het ingevorderde rijbewijs via het strafrecht terug te krijgen nu u hierbij geen belang hebt. U zou kunnen denken dat u dan het rijbewijs al via een instantie terug hebt gehad, maar dat is een grote misvatting.
Het risico bestaat namelijk dat de politierechter of de officier van justitie tijdens de OM-zitting later nog een ontzegging van de rijbevoegdheid zal opleggen. Wanneer het rijbewijs dan steeds - na inhouding - bij het OM is gebleven, hebt u recht op aftrek van de tijd dat u het rijbewijs al via het strafrecht kwijt bent geweest. Deze aftrek vindt echter niet plaats wanneer de rechter eerder heeft besloten tot teruggave van het rijbewijs waarna het rijbewijs naar het CBR is toegestuurd.
De invordering van het rijbewijs wegens een CBR-procedure vindt dat plaats op grond van artikel 130 WVW.
Overige Belangrijke Punten
- De politie doet na een ernstige verkeersovertreding ook een melding aan het CBR. Het CBR onderzoekt of de bestuurder wel geschikt en rijvaardig is om aan het verkeer deel te nemen.
- Wanneer u binnen vijf jaar twee keer bent veroordeeld voor rijden onder invloed wordt uw rijbewijs ongeldig.
- Als er voor het beginnersrijbewijs twee ernstige verkeersovertredingen zijn geregistreerd, wordt u door de officier van justitie gemeld bij het CBR. Het CBR kan uw rijbewijs schorsen of een maatregel opleggen.
- Wordt u staande gehouden terwijl de bevoegdheid tot het besturen van een motorrijtuig is ontzegd? Is uw rijbewijs door het CBR ongeldig verklaard of geschorst? Is het rijbewijs door de politie (in)gevorderd? Of is het rijbewijs van rechtswege ongeldig geworden vanwege rijden onder invloed? Dan pleegt u een ernstig verkeersmisdrijf.
In de meeste gevallen zal bij rijden onder invloed van alcohol het rijbewijs worden ingevorderd en op grond van artikel 164 WVW worden gestuurd naar de officier van justitie. Dit is het strafrechtelijke traject waar u mee te maken krijgt. Daarnaast loopt er (parallel aan de strafzaak) ook een bestuursrechtelijke procedure bij het CBR. Deze procedure wordt ook wel de vorderingsprocedure genoemd.
Let op: Alleen wanneer er fouten zijn gemaakt (bijv. overschrijding van de termijnen) waardoor strafrechtelijke invordering niet meer mogelijk is, wil de politie nog wel eens het ingevorderde rijbewijs gelijk naar het CBR doorsturen.
StrafrechtadvocatenNetwerk.nl is de verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens zoals weergeven in deze privacyverklaring. Alle informatie over welke persoonsgegevens StrafrechtadvocatenNetwerk.nl verwerkt en hoe wij hier op een correcte manier mee omgaat, zullen wij hierna uitleggen.
StrafrechtadvocatenNetwerk.nl bewaart uw gegevens niet langer dan noodzakelijk voor de verwerking ervan, voor zover dat nodig is om u in contact te brengen met een advocaat.
U heeft het recht tot inzage, rectificatie en verwijdering van persoonsgegevens. Ook kunt u bezwaar maken tegen het gebruik van uw gegevens of vragen dit gebruik te beperken.
