De Mannheim Mercedes-fabriek is een belangrijke locatie in de geschiedenis van de automobielindustrie. Deze fabriek heeft een cruciale rol gespeeld in de ontwikkeling en productie van vele iconische Mercedes-Benz modellen. Laten we eens dieper ingaan op de rijke geschiedenis van deze fabriek.
De Vroege Jaren: Carl Benz en de Geboorte van de Automobiel
De Duitse ingenieur en industrieel Carl Friedrich Benz kreeg veel patenten. Hij richtte in 1883 de firma Benz & Cie op. Carl Benz bouwde in 1878 een tweetakt gasmotor en ontwikkelde daarna een eencilinder-viertakt verbrandingsmotor. De verbrandingsmotor stelde Carl Benz in staat om in 1886 een driewielig voertuig, de eerste auto, aan te drijven.
Van de driewieler bouwde de firma van Carl Benz in Mannheim een kleine serie die ook werd verkocht in het buitenland. De driewieler had een horizontaal gemonteerde één-cilinder motor, die een vermogen kon opwekken van 0,75 pk. Het voertuig kon hiermee een snelheid van zestien kilometer per uur ontwikkelen. Voor dit voertuig ontwikkelde Carl Benz het differentieel, de riemaandrijving en de autoband.
De door Benz gebouwde eerste auto bevindt zich tegenwoordig in een museum in München. Carl Benz werd op 25 november 1844 in Karlsruhe geboren. Hij studeerde aan de technische school in Karlsruhe. Hij stichtte in 1871 samen met zijn echtgenote Bertha Ringer zijn eerste bedrijf. In 1883 richtte hij in Mannheim een fabriek op voor de productie van industriële machines.
Benz ontwikkelde verschillende tweetaktmotoren en maakte later motorwagen met een watergekoelde viertaktmotor. Met deze driewieler maakte hij in 1885 een eerste tochtje. Op 29 januari 1886 kreeg hij een patent voor zijn uitvinding. Benz introduceerde zes maanden later zijn eerste voertuig met een benzinemotor.
Lees ook: EPC voor Mercedes: Een diepgaande blik
Carl Benz kreeg in 1905 ruzie met zijn aandeelhouders en vertrok uit de bedrijfsvoering van het bedrijf. Hij richtte Benz und Söhne op. Dit bedrijf werd na het vertrek van Carl Benz in 1906 voortgezet door zijn zonen. Het bedrijf werd een toeleverancier van Mercedes-Benz. Carl Benz overleed op 4 april 1929 op 84-jarige leeftijd in Ladenburg. In de jaren die volgden ontstond een autofabriek, die vele modellen voortbracht en aan veel mensen werk bood.
Bertha Benz: De reis die alles veranderde
Bertha Benz: Een Pionier in de Automobielgeschiedenis
Vaak hebben gedreven vrouwen in grote mate bijgedragen tot het welslagen van het levenswerk van hun beroemde echtgenoot. Een van hen is ongetwijfeld Bertha Benz, de vastberaden levenspartner van Carl Benz. Zonder haar sterke wil en het onwankelbare geloof in het succes van haar man had de firma "Benz & Cie." vermoedelijk nooit bestaan.
Bertha Benz gaf haar man alle nodige steun die de geniale uitvinder en ontwerper deed doorzetten in moeilijke perioden van tegenslag en twijfel aan de juistheid van zijn werk. Dankzij haar onwankelbaar optimisme en het vermogen om moeilijke situaties juist in te schatten vond hij altijd weer een uitweg.
Nog tijdens hun verloving, toen de economische situatie van Karl Benz door de schuld van zijn vennoot August Ritter haast uitzichtloos was geworden, nam zij vastberaden een onzelfzuchtige, maar voor Karl Benz echter levensbelangrijke beslissing: Bertha Benz twijfelde niet lang en liet zich haar bruidsschat voortijdig uitbetalen.
Dankzij het onwankelbare vertrouwen van Bertha Benz in haar man en zijn uitvinding zette Karl Benz zijn werk ondanks de opeenvolgende tegenslagen voort. Op 29 januari 1886 was het dan zover: Karl Benz vroeg een octrooi aan voor zijn driewielig "voertuig met gasmotoraandrijving". In dit succes, dat voor de gehele mobiliteit van groot belang was, had Bertha Benz een wezenlijk aandeel.
Lees ook: Gids voor Zekeringen Mercedes Vito W638
Octrooischrift DRP 37435 wordt nu als de geboorteakte van de auto beschouwd. Karl Benz bouwde nog andere, hier en daar verbeterde varianten van zijn Patent Motorwagen. Maar hoewel de uitvinding overwegend enthousiast door het publiek werd ontvangen, bleef het verhoopte economische succes uit. Opnieuw werd Benz door sombere twijfels overmand. En alweer bracht zijn vrouw een oplossing aan. Zij zag in dat de mensen nog wantrouwig stonden tegenover de deugdelijkheid en dus ook de betrouwbaarheid van de "door geheimzinnige krachten" voortbewogen rijmachine.
Bertha Benz had hier ook een antwoord op: de eerste propagandatournee. Zelfverzekerd nam Bertha Benz de stuurkruk van de "Patent Motorwagen" zelf in de hand. Bij valavond bereikten de drie avonturiers behouden hun bestemming. Met een telegram lieten ze Karl Benz weten dat de eerste langeafstandsrit met zijn motorwagen succesvol was verlopen. Het nieuws over de toen sensationele prestatie ging rond als een lopend vuurtje.
Twee jongens en een vrouw op een sissende en puffende koets zonder paard - dit kon alleen maar het werk van de duivel zelf zijn, dacht men. Maar Bertha Benz had bereikt wat ze wilde: de critici waren tenminste overtuigd van de betrouwbaarheid en de Benz Patent Motorwagen ging bij iedereen over de tong. Later schreef Karl Benz in zijn memoires: "Slechts één mens bleef in die dagen, toen het steeds maar slechter bleef gaan, bij me op het schip van het leven. Dat was mijn vrouw.
Gottlieb Daimler en Wilhelm Maybach: Andere Pioniers
Met de uitvinding van de sneldraaiende motor en de auto legden Gottlieb Daimler en Karl Benz in de jaren tachtig van de 19de eeuw onafhankelijk van elkaar de grondslag voor het gemotoriseerd particulier vervoer. Beiden brachten ze hun privé-ontwikkelingswerk met behulp van geldschieters en vennoten in een eigen onderneming onder: in Mannheim richtte Benz in oktober 1883 de firma Benz & Co.
Gottlieb Daimler werd op 17 maart 1834 in Schorndorf geboren. Wilhelm Maybach was geboren op 9 februari 1846 in Heibronn. Toen Daimler Gasmotorenfabrik Deutz verliet in het midden van 1882, volgde Wilhelm Maybach hem naar Cannstatt in oktober 1882. Daar scheepten ze in op het ontwikkelen van lichte, binnenlandse hogesnelheidsverbrandingsmotoren. Doorheen zijn omvangrijk opzoekwerk, kreeg Maybach als beloning een patent, duidend op een niet-genormalideerd, heet buisinjectiesysteem.
Lees ook: Informatie over Mercedes-Benz Autoverzekeringen
Een essentieel element in het opwehhen van hoge snelheden. Een lichte en compacte motor met een verticaal geregelde cilinder, die geschikt was voor installatie in voertuigen. In 1885 was de neiuwe motor geïnstalleerd. Het eerste product van zijn relisatie was de "staalwielauto". Met dit voertuig kreeg Maybach ook de eer voor de introductie van het verschuifbaar tandwielversnellingssysteem in de automobieltechniek.
Gepresenteerd op de Parijse wereldexhibitie van 1889. De Staalwielauto bezonk ook de verjaardag van de Franse automobielindustrie. Toen Daimler het Daimler-Motoren-Gesellschaft stichtte, met Duttenhofer and Lorenz in november 1890, werd Maybach aangesteld tot hoofdingenieur. Hij verliet de onderneming in februari 1891.
Emil Jellinek en de Geboorte van de Mercedes
Mercedes - een Spaanse meisjesnaam die "genade" betekent - was de naam van de in 1889 geboren dochter van de Australische zakenman Emil Jellinek, wie huizen had in Baden bij Vienna en Nice. Jellinek was een progressieve denker met een grote interesse in sport. Hij keerde zijn enthousiasme tot het tijdperk van de automobiel, een uitvinding waarvan hij wist dat het de belangrijkste sleutel voor de toekomst was.
In 1897 maakte hij een trip naar de Daimlerfabriek in Cannstatt, waar hij zijn eerste Daimlerauto bestelde. Een 6 hp "belt-driven" voertig met tweecilindermotor. Maar de auto - besteld in oktober 1897 met een topsnelheid van 24 km/h - was al gauw te traag voor Jellinek. Hij eiste 40 km/h en bestelde nog 2 auto's in september 1898.
Emil Jellinek had goede contacten met de internationale finaiciële wereld en de aristocratie. Hij werd ongelofelijk actief als zakenman. In 1898, begon hij te promoten en verkopen voor Daimler automobielen in het bijzonder, binnen de hogere echelons van de vennootschap. In 1899 deed DMG, Jellinek een aanbod met 10 voertuigen in 1900, hij kreeg er 29.
Jellinek eiste snellere en kractigere voertuigen van DMG. Vanaf 1899 lanceerde hij ze ook in race meetings, waar hij zou racen onder zijn pseudoniem 'Mercédès, de naam van zijn 10-jarige dochter. Oorspronkelijk gebruikte hij de naam niet als een merk, maar meer als een team- en rijdersbenaming.
Aan het begin van april 1900 sloot Jellinek een afspraak met DMG, betreffende de omzet van de Daimler-auto's en motoren. Deze beslissing werd genomen om een nieuwe motor te ontplooien, houdend aan de naam "Daimler-Mercedes", zodoende introduceerde Jellinek's pseudoniem als een productbenaming. Twee weken later bestelde Jellinek 36 van de voertuigen aan een totale prijs van 550 000 Mark.
Benz & Cie. en de Concurrentie met Mercedes
Door de voortdurend toenemende vraag naar stationaire motoren was de "Benz & Co. Rheinische Gasmotoren-Fabrik" genoodzaakt om naar een groter fabrieksgebouw te verhuizen. In 1890 werd de "Rheinische Gasmotoren-Fabrik" door de komst van de nieuwe vennoten Friedrich von Fischer en Julius Ganß de op één na grootste motorenfabriek van Duitsland.
De doorbraak tot de grotere verkoopcijfers voor "Benz & Co." kwam er met de "Velo". Een goedkope, lichte auto, die in de periode van 1894 tot 1901 werd geproduceerd. Deze auto wordt met een totale productie van ong. "Benz & Co." groeide aan het eind van de 19de eeuw uit tot een wereldwijd toonaangevende autoconstructeur.
In 1899 werd de firma omgevormd tot een naamloze vennootschap. Naast Karl Benz werd Julius Ganß als directielid commercieel directeur. Van 1890 tot 1899 steeg het personeelsbestand in de autobouw van 50 tot 430 arbeiders. Op 24 januari 1903 beëindigde Karl Benz zijn activiteiten in de firma, maar trad hij tot de raad van toezicht toe.
Karl Benz verliet de onderneming omdat de bedrijfsleiding een groep Franse constructeurs naar de fabriek in Mannheim had gehaald, als een tegengewicht tegen de concurrentie van Mercedes. Hierdoor waren binnen het bedrijf conflicten ontstaan. Met Karl Benz verlieten ook zijn zonen Eugen en Richard het bedrijf. Richard keerde echter in 1904 als hoofd van de bouw van personenauto's naar Mannheim terug.
Benz Söhne in Ladenburg
In 1906 richtte Karl Benz de firma "Carl Benz Söhne" op in Ladenburg, met Karl Benz en zijn zoon Eugen als eigenaar. Nadat de productie van zuigmotoren op gas in het nieuwe bedrijf was mislukt, concentreerden ze zich op de bouw van auto's. In de eerste 25 jaar van de 20ste eeuw werden ong. 350 "Carl Benz Söhne"-voertuigen gefabriceerd.
De familie was intussen naar Ladenburg verhuisd. In 1912 verliet Karl Benz de onderneming als vennoot en liet hij de leiding over aan zijn zonen Eugen en Richard. Het bedrijf breidde zich uit en sprak nieuwe afzetmarkten aan, zoals de export naar Engeland. Daar werden de auto's van "Benz-Söhne" dikwijls als taxi gebruikt en waren ze zeer geliefd om hun betrouwbaarheid.
In 1923 maakte de firma het laatste voertuig, maar een jaar later werden nog eens twee voertuigen van 8/25 pk gemonteerd, die Karl Benz als privé- en bedrijfswagen gebruikte.
De Fusie en de Geboorte van Mercedes-Benz
Gottlieb Daimler maakte de vooruitgang van zijn uitvinding niet meer mee, hij stierf al in 1900. Karl Benz volgde de hoge vlucht van gemotoriseerd vervoer wel en beleefde nog de uiteindelijke doorbraak van zijn idee. Hij stierf op 4 april 1929 in zijn huis in Ladenburg.
Op 28 juni 1926 fuseerden Benz & Cie. en DMG uiteindelijk na lange onderhandelingen als het bedrijf Daimler-Benz, waarbij al de auto's Mercedes-Benz werden gedoopt. Op 4 april 1929 stierf Karl Benz in zijn huis in Ladenburg op 84-jarige leeftijd aan een longontsteking.
Het Karl-Benz Huis in Ladenburg
Op 21 juni 1905 kocht het echtpaar Benz het huis op het Ladenburgse perceel nr. 4180, slechts een paar stappen verwijderd van de Neckar, voor 48.500 goudmark. Hier woonde Karl Benz tot aan zijn dood op 4 april 1929, zijn vrouw Bertha Benz tot haar dood op 5 mei 1944. In het bijbehorende park liet Karl Benz de vermoedelijk eerste garage ter wereld in de stijl van een verdedigingstoren bouwen.
Daar bracht hij zijn Benz "Victoria" onder en verrichtte hij in de torenkamer ongestoord zijn ingenieurswerk. Karl Benz liet het woonhuis tweemaal ombouwen. In 1921 werd een veranda met plat dak aangebouwd. Enkele jaren later kreeg het huis zijn huidige vorm. Tot 1969 woonden de afstammelingen van Karl en Bertha Benz in het huis, tot het in het bezit van de stad Ladenburg overging.
Na omvangrijke renovatiewerken werd op de benedenverdieping een tentoonstelling ingericht, die vooral gewijd is aan de technische verwezenlijkingen van Karl Benz. De verzameling omvat demonstratiemodellen van zijn belangrijkste uitvindingen, de fuseebesturing, de elektrische ontsteking met bougie en de oppervlaktecarburateur.
Tegenwoordig dient het Karl Benz-huis vooral als thuisbasis en vergaderplaats van de Gottlieb Daimler- en Karl Benz-stichting, die in 1986 naar aanleiding van het 100-jarig jubileum van de auto als wettelijk zelfstandige stichting werd opgericht.
Automuseum Dr. Carl Benz in Ladenburg
Het automuseum Dr. Carl Benz werd in 1996 dankzij een privé-initiatief opgericht. Meer dan 70 tentoongestelde voertuigen en talrijke museumstukken belichten het leven van Karl Benz en tonen het belang van de uitvinding van de auto voor de geschiedenis van de mobiliteit van het prille begin tot nu.
In die tijd zal menigeen verbaasd hebben opgekeken toen in 1908 uit de eigenlijk als motorenfabriek opgevatte manufactuur de eerste auto's van het merk "C. Benz Söhne" naar buiten reden. Dit centrum van de mobiliteit is nu gelukkig weer in zijn oude glans hersteld: als kostbaar gerestaureerd industrieel monument en automuseum.
Daarbij is het niet alleen de historische fabriekshal zelf die de bezoeker fascineert: blikvangers zoals de laatste twee in Ladenburg gebouwde voertuigen van het merk "C. Benz Söhne" en biografische expositiestukken over het leven van Karl Benz, zoals zijn oude werkkamer, brengen de geschiedenis weer tot leven.
De Mercedes-Benz W 21 Lang
Van de Mercedes-Benz W 21 Lang zijn er een dikke 6000 geproduceerd in allerlei verschillende carrosserievarianten.
Is het design van de W 21 in 1933 met zijn hoekige grille nog wat stijfjes, al in 1934 vinden er stilistische aanpassingen plaats. De grille wordt licht wigvormig, wat enige tientallen jaren zo zal blijven!
Het aantal modelvarianten neemt dan ook toe en zo komt er o.a. een variant met een tot 3050 mm verlengde wielbasis. Op zo’n verlengd chassis wordt nu de cabriolet B gebouwd. De B biedt plaats aan vier inzittenden, vandaar.
De productie van de W 21 stopt in juli 1936. Van de lange wielbasisvariant zijn 6341 stuks gebouwd, dit vrijwel fifty-fifty in Untertürkheim en Mannheim.
Een Persoonlijk Verhaal: De Teruggevonden Mercedes van een Noorse Opa
Ik ben een 53-jarige Noor die voor een Noorse maatschappij in Nederland werkt. Vanaf oktober 2015 ben ik lid van de Mercedes-Benz Club Nederland. De reden om lid te worden is dat ik de oude Mercedes van mijn opa terug vond en deze kon kopen.
Mijn opa (de vader van mijn moeder), Olav Karlsen, werd in 1896 geboren vlak bij Hamar. Hij werkte in het begin als machine-operateur in een kleine papierfabriek, maar in de jaren ’20 begon hij ook met het repareren van fietsen, motoren en auto’s naast zijn baan in de papierfabriek. Zijn bijbaan groeide uit tot een garage, een tankstation en een taxibedrijf. Zijn BP-garage was trouwens tegenover de boerderij waar de kunstschilder Edward Munch geboren is.
We denken dat de door mij teruggevonden auto destijds tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers naar Noorwegen is gebracht. In 1946 heeft mijn opa de auto van de Noorse overheid gekocht, samen met een Opel Blitz van 1938 (deze auto is in het bezit van mijn neef). Mijn opa heeft de auto opgeknapt in het begin van de jaren 50 en gaf de auto zijn zwarte kleur en een andere voorbumper en velgen van een nieuwere Mercedes.
Hij was de eigenaar van 1946 tot en met 1959, maar had spijt gedurende de rest van zijn leven dat hij die had verkocht. De Mercedes cabrio van mijn opa was vaak een thema in mijn jeugd, maar iedereen dacht dat de auto rond 1965 gesloopt was. Dat bleek niet het geval te zijn geweest.
Vorige jaar was mijn neef op een begrafenis en kwam toevalligerwijs in gesprek met een Noor die de eigenaar van de auto bleek te zijn geweest in de jaren 60. Hij vertelde dat hij de auto destijds in 1965 had verkocht aan een Deense bouwvakker en dat deze de auto wegens pech had achtergelaten bij een Deens tankstation. Daar was hij aangetroffen door twee jonge broers. Deze broers wilden de auto in bezit krijgen maar hadden daarvoor de papieren nodig die nog in het bezit waren van de laatste Noorse eigenaar, want de auto stond nog steeds op Noors kenteken.
De Deense broers schreven een brief aan de man die mijn neef ontmoette en zo werd geregeld dat de auto kon worden overgedragen. Op internet vond ik iemand met dezelfde achternaam en een adres in dezelfde straat als op de 50 jaar oude brief. De Deense man die ik terugvond bleek één van de twee broers die de auto op het tankstation hadden aangetroffen. Hij is altijd van plan geweest die te restaureren maar is er nooit aan toegekomen.
Mijn nieuwe Deense vriend is echt een Mercedeskenner. Hij heeft een ongelofelijke Mercedes-detailkennis en zou een heel goede partner in een Mercedesquizwedstrijd zijn. Hij was in de jaren 60 automonteur in een Mercedesgarage voordat hij begon te studeren. Hij heeft nog drie Mercedes-schatten, waarvan één in restauratie en twee restauratie-objecten.
De brief die het mogelijk maakte om de auto terug te vinden werd geschreven op 30 oktober 1965. Exact 50 jaar na die bewuste datum op 30 oktober 2015 kwamen we in Denemarken aan om de auto te halen. De auto staat nu dus in Nederland en, zoals u op de foto kunt zien, moet er heel veel aan gebeuren. Toch wordt de auto gerestaureerd.
Conclusie
De Mannheim Mercedes-fabriek en de omliggende locaties, zoals het Karl-Benz huis en het Automuseum Dr. Carl Benz, vormen samen een belangrijk onderdeel van de automobielgeschiedenis. Van de baanbrekende uitvindingen van Carl Benz tot de moderne productie van Mercedes-Benz voertuigen, deze locaties blijven een eerbetoon aan de innovatie en het vakmanschap die de auto-industrie hebben gevormd.
