Het melden van een verdacht voertuig is cruciaal voor de veiligheid en het voorkomen van criminaliteit. Dit proces vereist zorgvuldige documentatie en snelle actie. In Nederland zijn er verschillende manieren om een verdacht voertuig te melden, afhankelijk van de situatie.
Dit artikel biedt een overzicht van de stappen die u kunt nemen en de relevante wetgeving die van toepassing is.
Wanneer is een voertuig verdacht?
Deze vorm van criminaliteit verwijst naar een breed scala aan misdaden die verband houden met voertuigen, zoals diefstal, inbraak en vandalisme. Deze criminaliteit kan zowel personenauto’s als vrachtwagens, motorfietsen en andere gemotoriseerde voertuigen omvatten. Daders van deze vorm van criminaliteit maken vaak gebruik van verschillende technieken om hun doelwitten te benaderen, variërend van het eenvoudigweg openbreken van een deur tot het gebruik van geavanceerde technologieën om beveiligingssystemen te omzeilen.
Een voertuig kan als verdacht worden beschouwd in verschillende situaties, bijvoorbeeld:
- Het voertuig staat op een ongebruikelijke plaats of tijd.
- Er worden verdachte gedragingen waargenomen in de buurt van het voertuig.
- Het voertuig heeft valse kentekenplaten.
- Het voertuig is betrokken bij een misdrijf.
Noteer kenteken, merk/type, kleur en verdachte gedragingen (bijv. Dit overzicht biedt een roadmap voor het navigeren van strafbare zaken.
Lees ook: LZV in Nederland: Eisen en Regels
Verdachte in een gestolen auto aangehouden | INFRA Zuid-Oost | Politie Landelijke Eenheid
Hoe meld ik een verdacht voertuig?
U kunt op verschillende manieren aangifte doen of iets melden aan de politie. Dit is afhankelijk van waar het over gaat.
1. Bij acuut gevaar: Bel 112
Bel 112 bij acuut gevaar (bijv. aangifte gedaan (politie.nl) van diefstal of inbraak en is er een verdachte aangehouden?
2. Geen spoed, wel politie: Bel 0900-8844
Meld.nl fungeert als veilig kanaal om misdaad te melden, terwijl civielrechtelijke stappen schadevergoeding en preventie mogelijk maken.
Lees ook: Voertuigregistratie en onbekende entiteiten: Wat u moet weten
3. Online aangifte of melding
Wilt u zelf zoeken? Wilt u liever zelf zoeken door een overzicht van alle aangifte- en meldformulieren? Klik dan hieronder op de knop.
Ga naar alle aangifte- en meldformulierenLijst van A t/m ZHeeft u meer uitleg nodig bij aangifte doen?
4. Aangifteloket Gestolen Voertuigen
Gaat het om de diefstal van een aanhanger zonder eigen kenteken? Is het voertuig in het buitenland gestolen? U kunt alleen telefonisch aangifte doen, bij het Aangifteloket Gestolen Voertuigen. U kunt het loket elke dag bellen van 07.00 tot 23.00 uur. Tussen 23:00 uur en 07:00 uur is het loket gesloten maar krijgt u een medewerker van politie aan de lijn die ervoor zorgt dat uw voertuig nationaal en internationaal als gestolen gemeld wordt. Bel zo snel mogelijk, dat vergroot de kans op terugvinden. Zorg dat u het rijbewijs en kentekenbewijs bij de hand hebt.
Lees ook: Belastingen bij Voertuig Invoer
Relevante wetgeving
Verschillende wetsartikelen zijn relevant bij voertuigcriminaliteit:
- Art. 310/311 Sr: Diefstal of gekwalificeerde diefstal (max.
- Art. 326 Sr: Valsheid in geschrifte (vervalsen kentekenbewijzen, max.
- Art. 41 WVW 1994: Rijden met valse kentekenplaten (max.
- Art. 165 WVW: Informatieplicht kentekenhouder bij verkeersmisdrijf.
De rechtbanken en gerechtshoven hebben in de loop der jaren zogenaamde oriëntatiepunten voor straftoemeting ontwikkeld. Deze geven weer welke straf rechters bij bepaalde strafbare feiten ongeveer opleggen. Bij diefstal of inbraak waarbij geen dreiging of geweld is gebruikt, gaat het over het algemeen om een eenvoudig, licht misdrijf: de officier van justitie eist maximaal 1 jaar gevangenisstraf. Lichte misdrijven worden door de politierechter behandeld.
Rechten als slachtoffer
Als slachtoffer van diefstal of inbraak heeft u een aantal rechten. Zo heeft u recht op informatie over het strafproces. Vraagt u als slachtoffer van diefstal of inbraak een schadevergoeding, dan wordt u (gedeeltelijk) procespartij.
- Eis schadevergoeding tijdens strafproces via art.
- Vorder smartengeld (tot €20.000) en herstelkosten via art.
Soms wordt een getuige van diefstal of inbraak ook gehoord door de rechter of rechter-commissaris tijdens de rechtszaak. In dat geval wordt u door de officier van justitie of rechter-commissaris opgeroepen. U ontvangt een aangetekende brief. Hierin staat waar en wanneer u als getuige moet verschijnen. U bent verplicht te komen.
Bij mediation in strafzaken gaan verdachte en slachtoffer vrijwillig met elkaar in gesprek onder begeleiding van 2 mediators. Het doel van de mediation is herstel, het komt niet in plaats van een strafprocedure. Voorwaarde voor deze vorm van mediation is dat de verdachte verantwoordelijkheid neemt voor wat is gebeurd en dat het slachtoffer met de verdachte in gesprek wil. Mediation in strafzaken is kosteloos voor beide partijen.
Verkeersovertreding of misdrijf met onbekende bestuurder
Soms wordt een verkeersovertreding of misdrijf ter plekke geconstateerd. De bestuurder van het voertuig kan dan direct staande worden gehouden. Soms kan de politie alleen een kenteken registreren en is er dus sprake van een onbekende bestuurder bij de overtreding. Politie en justitie weten in dit geval niet wie het voertuig bestuurde op het moment van het incident. Toch zullen ze iemand aansprakelijk willen stellen voor bijvoorbeeld het verlaten plaats ongeval (art.
In deze gevallen richt men de aandacht daarom in eerste instantie op de kentekenhouder. Zo kan het zijn dat u als eigenaar van een voertuig opeens een brief van justitie ontvangt waarin u aansprakelijk wordt gesteld voor een verkeersdelict dat u niet zelf gepleegd heeft. Wat kunt u op zo’n moment doen?
Een onbekend gebleven bestuurder bij een overtreding of misdrijf is een bestuurder van een motorvoertuig waarmee een verkeersovertreding of -misdrijf is gepleegd, wiens identiteit de politie niet kon vaststellen. De politie heeft in zo’n geval enkel de beschikking over het kenteken van het voertuig. Wanneer de politie een verkeersovertreder niet staande heeft kunnen houden, zal men de identiteit van de onbekende bestuurder proberen te achterhalen via de kentekenhouder. De kentekenhouder van het voertuig zou namelijk moeten weten wie er op het moment van het incident achter het stuur zat.
Dit is natuurlijk niet het geval indien er sprake is van diefstal of joyriding (art. 11 WVW). Men stelt in eerste instantie de kentekenhouder aansprakelijk voor het vergrijp dat met zijn of haar voertuig gepleegd is. Hoe het vervolgens verder gaat, is afhankelijk van de aard en zwaarte van het delict.
Als de bestuurder de maximale snelheid met meer dan 30 km/u heeft overtreden, kan er een ‘verzoek tot contact’-brief ontvangen worden door de kentekenhouder. Aangezien er in deze gevallen een strafbeschikking volgt en verder geen juridische consequenties volgen, besparen politie en justitie zich de moeite van het opsporen van de bestuurder. De kentekenhouder wordt aansprakelijk gesteld en ontvangt een boete.
Als de verkeersovertreding wat ernstiger is, treedt bij een onbekende bestuurder art. 181 WVW in werking. Uit dit wetsartikel volgt dat de eigenaar of houder van het motorrijtuig aansprakelijk wordt gesteld voor het met zijn of haar voertuig gepleegde vergrijp, tenzij deze de naam en het volledige adres van de bestuurder bekend maakt. De kentekenhouder kan ontkennen dat hij zelf achter het stuur heeft gezeten. Daarnaast kan het de kentekenhouder in sommige gevallen niet verweten worden dat hij niet bekend is met degene die het voertuig bestuurde.
Bij een verkeersmisdrijf willen de politie en justitie de identiteit van de onbekend gebleven bestuurder dus koste wat kost achterhalen. De bestuurder wordt immers verdacht van een ernstig strafbaar feit. Het betreft artikel 165 van de Wegenverkeerswet 1994. In dit artikel staat: wanneer er sprake is van een strafbaar feit dat in de WVW staat aangemerkt als misdrijf, maar de bestuurder bij ontdekking van dat feit onbekend is gebleven, dan is de eigenaar of houder van het voertuig waarmee het feit is gepleegd, verplicht binnen een bepaalde termijn de naam en het volledige adres van de bestuurder bekend te maken. Als enige uitzondering geldt de situatie waarin de eigenaar of houder niet kon weten wie de bestuurder was.
Een procedure op grond van artikel 165 WVW begint met een brief aan de kentekenhouder. Hierin vermeldt justitie welk strafbaar feit met het voertuig van de kentekenhouder is gepleegd. Daarnaast vordert (oftewel eist) men bekendmaking van de identiteit van de bestuurder. Bij de brief wordt een standaardformulier meegezonden. Wat de kentekenhouder ook invult, belangrijk is dat het formulier binnen de in de brief gestelde termijn wordt teruggestuurd.
Indien u als eigenaar of houder van een voertuig medewerking weigert door het formulier niet op tijd terug te sturen, schendt u de informatieplicht. Dit is ook het geval wanneer u zegt de identiteit van de bestuurder niet te kennen, maar die wel zou moeten kunnen kennen. Het gevolg hiervan is een straf.
Sancties en straffen
Zoals we al zagen, geldt in het geval van de WAHV (Wet Mulder) dat de kentekenhouder direct een strafbeschikking krijgt opgelegd in de vorm van een geldboete. Hij of zij dient dan een bedrag over te maken aan het CJIB en daarmee is de kous af. Als er sprake is van een verkeersovertreding die niet valt onder de WAHV maar onder de WVW (bijvoorbeeld het negeren van een roodkruis (feitcode r610)), wordt de kentekenhouder aansprakelijk gehouden totdat deze (schriftelijk) gegevens van de onbekende bestuurder doorgeeft aan politie of justitie.
Indien de kentekenhouder voldoet aan de informatieplicht en een ingevuld formulier retour stuurt, wordt de bestuurder volgens dat formulier vervolgd voor het feit. Het niet voldoen aan de informatieplicht in artikel 165 WVW geldt als een overtreding. Hier staat maximaal een geldboete van de 2e categorie óf een hechtenis van 2 maanden op. Deze straf is veel lager dan voor zeer ernstige verkeersdelicten waarbij de bestuurder wél bekend is.
Advies bij aansprakelijkheid
Wanneer u als kentekenhouder aansprakelijk wordt gesteld voor een met uw voertuig gepleegde overtreding of misdrijf, roept dat vaak allerlei vragen op. U wilt natuurlijk weten wie er op het moment van het incident achter het stuur zat. Als u deze vraag kunt beantwoorden, volgt al gauw een nieuwe: wil ik politie of justitie hierover informeren? Geen gemakkelijke kwestie.
Uw verkeersrechtadvocaat van Ingevorderd-rijbewijs.nl kan dit soort vragen voor u beantwoorden. Hij of zij weet precies hoe u zich in dit soort kwesties het best kunt opstellen en wat wel en niet te doen. Onze gespecialiseerde advocaten staan u graag bij om samen tot een passende oplossing te komen. We zijn gevestigd in het hele land. U vindt ons bijvoorbeeld in Den Haag, Rotterdam, Amsterdam, Groningen, Leeuwarden, Utrecht of Apeldoorn.
In beginsel krijgt de eigenaar de boete wanneer het gaat om een overtreding die valt onder de Wet Mulder. Indien de eigenaar niet de bestuurder was, dan moet hij zelf de boete verhalen op de bestuurder. Wanneer u wegrijdt bij een mogelijke staandehouding of een stopteken negeert, dan kan de politie een negeren stopteken politie boete opleggen. De boete wordt dan gestuurd naar de kentekenhouder van de auto. Wanneer hij niet de bestuurder was, dan dient hij de naam en adresgegevens van de daadwerkelijke bestuurder door te geven aan de politie. De politie kan die persoon dan oproepen tot verhoor. Wanneer het gaat om een lichte Wet Mulder overtreding, dan dient u de boete zelf te betalen. Gaat het om ernstigere vergrijpen, dan komt de straf voor rekening van u als kentekenhouder, tenzij u niet kan worden verweten dat u de gegevens van de feitelijke bestuurder niet kent.
