Soorten voertuigen op het spoor: Een overzicht

Wist je dat er nog veel meer voertuigen zijn die het spoor gebruiken om overheen te rijden? Niet alleen de locomotief die je al kent van voor onze trein, maar ook hele bijzondere andere voertuigen!

Een voorbeeld van een railfiets

Draisines: De voorlopers

Veel van deze apparaten zijn zogeheten Draisines: lichte, simpele spoorvoertuigen die vroeger bedoeld waren voor baaninspecties en om onderhoudspersoneel op hun plaats te brengen. De hier beschreven voertuigen worden ook draisine genoemd. Dit is een oud woord voor fiets.

Aan het plafond van het museum zijn vier verschillende draisines te zien.

  • De spoorfiets van Simplex is de lichtste, hij weegt nauwelijks meer dan twee fietsen. Hij is gemaakt door de Nederlandse fietsfabrikant Simplex. Tot de Tweede Wereldoorlog kwamen ze in het hele land voor.
  • Bij de handwieldraisine brengen twee personen met handels de ketting in beweging die de achterwielen aandrijft. De inspecteurs hoeven zelf geen fysieke inspanning te leveren, zij zitten op het bankje aan de voorkant met zicht op het spoor.
  • De motordraisine of railauto heeft een kleine benzinemotor die voor de voortstuwing zorgt. De inspecteurs konden hiermee sneller rijden en grotere afstanden afleggen. Deze Simplex M.G. is rond 1910 in gebruik geweest bij de Noord-Brabantsch-Duitsche Spoorweg-Maatschappij (NBDS). Het is het enige bewaard gebleven voertuig van die maatschappij.
  • De Velocipede Car is een houten draisinedie door twee tegenover elkaar zittende mensen kan worden bereden. Met hun handen bewogen ze samen een handvat heen en weer dat het achterwiel aandreef.

Verschillende soorten spoorvoertuigen

In de jaren 1930-1940 kwamen de Michelines op het spoor. Dat waren voertuigen met dieselmotor en rubberbanden (Frankrijk; bandenfabrikant Michelin). In Nederland werden benzine- en dieselmotoren beproefd als krachtbron in "oliemotorrijtuigen" ("Ome Keesjes").

Lees ook: LZV in Nederland: Eisen en Regels

Lightrail (ook: "light rail" of "lichte rail") is een uit de USA stammende term voor vervoerssystemen met als kenmerk laag gewicht en licht uitgevoerde onderbouw, in tegenstelling tot heavyrail (of zware rail).

Soms lagen de verbindingen op een eigen baanlichaam, maar meestal gewoon in het bestaande wegdek. In vele landen kent men het tramverkeer als middel om binnen de stad massaal transport te laten plaatsvinden. Kenmerk is de geringe afstand tussen haltes. Soms strekt het net zich ook uit tot (ver) buiten de stad, maar het heeft meestal een regionaal karakter.

Hybride systemen ontstaan door een combinatie van tram en metro, waarbij op een bepaalde plaats het bovengronds vervoer overgaat in het ondergronds transport en andersom.

Een lightrail voertuig in Keulen

Innovatieve oplossingen: De ECO RailRunner

Tot voor kort was het voor de collega’s van Strukton op het project PHS Rijswijk-Rotterdam een pittige wandeling om op hun werkplek te komen. De route van de bouwkeet in Rijswijk naar hun werkplek in het station van Delft is maar liefst twee kilometer, door de spoortunnel. In het station van Delft wordt momenteel flink gewerkt aan de uitbreiding van de sporen. De werklocatie is niet te bereiken met de auto en dus moesten werknemers lopen. Geen ideale situatie. Vooral aan het einde van de dag, wanneer je moe bent, is er een kans op vallen of struikelen.

Lees ook: Voertuigregistratie en onbekende entiteiten: Wat u moet weten

Strukton bedacht daarom samen met Riel Rail Systems een duurzame oplossing: de ECO RailRunner, een zespersoons karretje met terreinbanden én spoorwielen. Het voertuig is volledig elektrisch en heeft geen CO2-uitstoot of andere uitlaatgassen. Beter voor ieders gezondheid, zeker in een tunnel. De ECO RailRunner heeft een actieradius van 60 kilometer en gaat de hele dag mee. Tussendoor opladen is niet nodig, dat gebeurt ’s nachts bij de keet. Het voertuig is eenvoudig te bedienen en je kunt zelf het spoor in- en uitrijden.

Wagonduwers en meer

De Maxi-Rangierer is “als wegvoertuig” een driewieler. De Trackmobile gebruikt op het spoor stalen wielen. Er wordt gesproken over Unimog.

Er zijn “hoogrijdende” voertuigen. Daar tegenover staan wegwielen. raken de wegwielen bij het op het spoor rijden de rails niet. gebeurt de aandrijving door de stalen spoorwielen. wegwielen met rubberen banden ook voor de aandrijving op het spoor gebruikt. van de wegwielen slaat.

De voertuigen vallen wettelijk onder de “motorrijtuigen met beperkte snelheid (mmbs)”. betaald en er is geen rijbewijs voor vereist. km/uur. als als landbouwvoertuig te laten keuren. die ingezet worden bij Hooghovens/Corus/Tatasteel. worden gereden. per uur mag en kan worden gereden.

Lees ook: Belastingen bij Voertuig Invoer

Veiligheid en regelgeving

Spoorwegondernemingen en voertuighouders moeten een veilige treindienst aanbieden en zijn daarom gehouden aan verplichtingen in wet- en regelgeving. ILT houdt toezicht op de spoorvoertuigen die in gebruik zijn in Nederland.

De tabel hieronder bevat een aantal fasen uit de levenscyclus van een spoorvoertuig.

  1. Alle betrokken partijen, die in het voertuigregister zullen worden vermelden, moeten eenmalig een organisation code aanvragen.
  2. Een voertuighouderkenmerk op een spoorvoertuig laat zien wei de houder is.
  3. De Entity in charge of maintenance (ECM) is verantwoordelijk voor de veiligheid van de voertuigen waarvan zij het onderhoud verricht.
  4. De houder wijst een onderhouds-verantwoordelijke aan. Voor deze taak moet aan de ECM verordening 2019/779 worden voldaan.

Populaire artikelen:

Tags

Plaats een reactie