Het alarmsysteem van uw Volvo XC90 is ontworpen om uw auto te beschermen tegen diefstal en inbraak. In deze handleiding leggen we uit hoe u het alarm kunt activeren, deactiveren en wat u moet doen als het alarm onverwachts afgaat. Ook bespreken we de automatische functies en hoe u het alarm kunt uitschakelen zonder een werkende sleutel.
Alarm Activeren en Deactiveren
Het alarm wordt geactiveerd wanneer de auto wordt vergrendeld en gedeactiveerd wanneer de auto wordt ontgrendeld.
Activering van het alarm
Vergrendel de auto en activeer het alarmsysteem van de auto door:
- Op de vergrendelingsknop op de transpondersleutel te drukken.
- Het gemarkeerde gebied op de buitenkant van de portierhandgreep aan te raken.
- Op het met rubber beklede drukplaatje op de achterklep te drukken.
Als de auto is voorzien van een elektrische achterklepbediening, kan ook met de knop aan de onderkant van de achterklep de auto vergrendeld en het alarmsysteem ingeschakeld worden.
De richtingaanwijzers van de auto geven een lang lichtsignaal af ter bevestiging dat het alarm is ingeschakeld en dat alle portieren zijn gesloten.
Lees ook: Functionaliteit van de Charcoal Volvo
Deactivering van het alarm
Ontgrendel de auto en deactiveer het alarmsysteem van de auto door:
- Op de ontgrendelingsknop op de transpondersleutel te drukken.
- Een van de portierhandgrepen beet te pakken.
- Op het met rubber beklede drukplaatje op de achterklep te drukken.
De richtingaanwijzers van de auto geven twee korte lichtsignalen af ter bevestiging dat het alarm is uitgeschakeld.
Wat te doen bij een geactiveerd alarm
Om het alarm uit te schakelen wanneer het eenmaal is afgegaan, moet u op de knop UNLOCK van de afstandsbediening drukken. De richtingaanwijzers van de auto geven ter bevestiging twee korte lichtsignalen af.
Als alternatief kunt u de auto in contactslotstand I zetten door de draaiknop naar START te draaien en weer los te laten.
2005 Volvo XC90 EASY alarm module replacement!!
Lees ook: Bouwen met LEGO Technic: Volvo ZEUX
Automatische Functies
Automatische herinschakeling van het alarm
Als u de portieren of de achterklep niet binnen twee minuten na uitschakeling van het alarm opent wanneer u de auto via de afstandsbediening hebt ontgrendeld, wordt het alarm automatisch weer ingeschakeld. De auto wordt bovendien vergrendeld. Deze functie voorkomt dat u de auto onbedoeld kunt achterlaten zonder het alarm in te schakelen.
Automatische activering van het alarm
In bepaalde landen (zoals in België, Israël e.d.) wordt het alarm na enige vertraging automatisch ingeschakeld, wanneer het bestuurdersportier werd geopend en gesloten maar daarna niet werd vergrendeld.
Alarm Uitschakelen Zonder Werkende Sleutel
Ook als de sleutel niet werkt, bijvoorbeeld als de batterij leeg is, kan de auto worden ontgrendeld en kan het alarmsysteem worden gedeactiveerd.
- Open het bestuurdersportier met het afneembare sleutelblad. Het alarm gaat af.
- Plaats de sleutel op het sleutelsymbool in de back-uplezer, die in de bekerhouder van de tunnelconsole zit.
- Draai de startknop rechtsom en laat de knop los. Het alarm wordt uitgeschakeld.
N.b. Als de sleutel door de back-uplezer gelezen moet worden, moet u er wel voor zorgen dat in het gebied geen andere autosleutels, metalen voorwerpen of elektronica liggen (bijvoorbeeld mobiele telefoons, tablets, laptops of laders).
Alarmsignalen en Indicaties
Alarmsignalen
Een sirene met reservebatterij geeft de geluidssignalen voor het alarm af. De geluidssignalen duren telkens 25 seconden.
Lees ook: Veldhoven Volvo sloperij
Wanneer het alarm afgaat, gaan alle richtingaanwijzers knipperen totdat u het alarm uitschakelt. Bij inactiviteit gaan ze na vijf minuten automatisch uit.
Als het portier waardoor het alarm geactiveerd is open blijft staan, wordt de alarmcyclus maximaal 10 keer herhaald.
Slot- en alarmindicatie
Een rode led op het dashboard geeft de status van het alarmsysteem aan:
- De led is uit - het alarm is uitgeschakeld.
- De led licht om de twee seconden eenmaal op - het alarm is ingeschakeld.
- De led knippert snel vanaf het moment van uitschakelen van het alarm, maximaal 30 seconden of tot aan het moment dat contactslotstand I wordt ingeschakeld doordat u de startknop naar START draait en weer loslaat - het alarm is afgegaan.
Wat activeert het alarm?
Een geactiveerd alarmsysteem gaat af als:
- Een portier, de motorkap of de achterklep wordt geopend.
- Er beweging in de passagiersruimte wordt waargenomen (als er een bewegingsmelder aanwezig is).
- De auto wordt opgetakeld of weggesleept (op auto's met een niveausensor).
- Een kabel van de startaccu wordt losgekoppeld.
- De sirene wordt losgekoppeld.
Beperkt Alarmniveau
Een beperkt alarmniveau houdt in dat de bewegingsmelders en niveausensoren tijdelijk worden uitgeschakeld. Om te voorkomen dat het alarmsysteem onbedoeld afgaat als u bijvoorbeeld een hond in een vergrendelde auto achterlaat of bij gebruik van een autotrein of een veerverbinding, moet u de bewegingsmelder en de niveausensoren tijdelijk deactiveren. De te volgen procedure is identiek aan die bij tijdelijke uitschakeling van de Safelock-functie.
Storingen en Onderhoud
Als er een storing in het alarmsysteem is opgetreden, verschijnen het symbool en de melding "Storing alarmsysteem Service vereist" op het bestuurdersdisplay. Neem dan contact op met een werkplaats - geadviseerd wordt een erkende Volvo-werkplaats.
N.b. Probeer niet zelf de onderdelen van het alarmsysteem te repareren of te wijzigen. Dergelijke pogingen kunnen van invloed zijn op de verzekeringsvoorwaarden.
De bewegingsmelders laten het alarm afgaan bij bewegingen in de passagiersruimte - ook eventuele luchtstromen worden geregistreerd. Het alarm kan dan ook afgaan, als u de auto met een raam of panoramadak open laat staan of als u de interieurverwarming gebruikt. Om dat te voorkomen: Sluit bij het verlaten van de auto alle ramen en het panoramadak. Bij gebruik van de geïntegreerde standkachel van de auto (of een draagbare variant daarvan op stroom) dan dient u de blaasmonden dusdanig af te stellen dat deze niet omhoogwijzen.
