BMW 330e M Sport Review: De Ultieme Plug-in Hybride?

Ben je in de markt voor een nieuwe BMW 3-Serie? En twijfel je tussen een benzine-, diesel- of plug-in hybride-aandrijflijn? De nieuwe BMW 3-Serie van de G20-generatie maakte een aantal maanden deel uit van de Autovisie-garage. Eerst als 320d Touring, daarna als 330e in sedanvorm. Dat de 3-Serie ook als plug-in hybride een échte Dreier is, staat vast. Maar het model heeft ook een aantal specifieke voor- en nadelen ten opzichte van z’n broers en zussen.

Kracht en Efficiëntie: Een Bekend Verhaal

Het is inmiddels een bekend verhaal: wie een PHEV koopt, krijgt bijna standaard een extra bak aan vermogen. Zo’n auto moet immers snel genoeg zijn als enkel de verbrandings- of elektromotor het werk moet doen, dus beide kunnen niet van een te klein formaat zijn. Het bijeffect is dat je veel vermogen rijgt als ze hun krachten bundelen. Ook kan een PHEV meer remenergie terugwinnen met een grotere elektromotor. Dat geldt ook voor de BMW 3-Serie met stekker.

Waar een reguliere 320i bijvoorbeeld 184 pk heeft, krijg je in de 320e 204 pk aan vermogen. De BMW 330e levert zelfs 292 pk, tegenover de 258 pk van een 330i. En het mooie is: voor al die pk’s hoef je eigenlijk niet (veel) bij te betalen. Dat is te danken aan ons bpm-stelsel. Het bpm-bedrag wordt namelijk bepaald op basis van de CO2-uitstoot van een model. Hoe lager de uitstoot, hoe goedkoper de consumentenprijs. Omdat een PHEV op papier heel erg weinig uitstoot, zeker ten opzichte van een reguliere benzine- of dieselvariant, is de nettoprijs van zo’n stekkerauto bijna gelijk of soms zelfs lager dan die van een reguliere variant. Zo ook bij de 3-Serie.

Die net besproken 320i kost minstens 49 mille, terwijl de 320e er ‘al’ voor 48.132 euro is.

Praktische Kanttekeningen: Ruimte en Gewicht

Wel direct even een praktische kanttekening: de plug-in hybrides van BMW zijn minder ruim dan de reguliere benzine- en dieselmodellen. Dat komt omdat BMW de batterij die de elektromotor voedt onder de bagageruimte plaatst. Dat betekent dat je minder ruimte hebt in bijvoorbeeld een 330e ten opzichte van een 330i. Waar laatstgenoemde - in het geval van de sedan - 480 liter met zich meeneemt, kan de stekker-Dreier maar 375 liter tot zich nemen. En da’s toch een beetje krap.

Lees ook: Luxe en Performance: BMW 330e

Kijken we naar de Touring, dan bedraagt het verschil tussen beide versies 90 liter: 500 voor de 330i tegenover 410 liter voor de 330e. Nog iets praktisch: die batterij zorgt ook voor flink meer gewicht. Een BMW 3-Serie met de ‘e’ in de naam is zo’n 300 kilo zwaarder dan z’n batterijloze broers. Dat ondervonden we overigens niet als een heel groot probleem, zoals je in bovenstaande video hoort.

Sla je vaak wat aan de haak? Dan zit je minder goed met een BMW 330e. Die mag namelijk maar 750 kg trekken.

Slimme Technologie voor Efficiëntie

Een groot voordeel van de BMW 330e is dat-ie slim is en met je mee denkt. De auto zorgt er namelijk altijd zelf voor zo efficiënt mogelijk met de energie om te gaan, afhankelijk van de rijmodus die je selecteert. Wil je sportief rijden, dan zorgt de verbrandingsmotor ervoor dat er altijd genoeg energie in de batterij zit zodat de elektromotor de viercilinder kan ondersteunen tijdens accelereren. Kies je voor de eco-stand, dan gaat de BMW zo zuinig mogelijk met de energie om. Navigeer je bijvoorbeeld naar een stadscentrum, dan zal de BMW 330e ervoor zorgen dat je genoeg energie hebt om de laatste paar kilometers in de bebouwde kom elektrisch af te leggen. Dat is niet alleen gunstig voor de uitstoot van fijnstof en stikstof in de stad, maar zorgt ook voor een gunstig verbruik van je rit.

Gebruik je de 330e zoals het moet, dan kun je inderdaad zuinig rijden. De BMW 330e is in staat om zo’n 40 tot 60 kilometer volledig elektrisch te rijden. Houd je daarna je gaspedaal in bedwang, dan is het mogelijk om - zonder elektrokracht - een verbruik van ongeveer 1 op 17 te halen. Dat is mogelijk omdat de PHEV, zodra de accu leeg is, als een gewone hybride functioneert. Hij kan alle energie die vrijkomt door het remmen opslaan en hergebruiken, zodat de accu efficiënt wordt bijgeladen. Zo zit er altijd voldoende energie in de accu voor het meeste start-stop- en stadsverkeer.

Rijd je relatief korte ritten, dan kun je ontzettend zuinig rijden. Wij reden drie maanden en duizenden kilometers met de 330e, en kwamen uit op een gemiddeld verbruik van 1 op 22.

Lees ook: Plug-in Hybride Test: BMW 330e

BMW 330e Touring: GOEDKOPER dan de INSTAPPER

De Keerzijde: Afhankelijkheid van Rijstijl en Afstand

Een belangrijke kanttekening daarbij is dat ons gebruiksprofiel niet representatief is voor de gemiddelde rijder. We hebben namelijk ook prestatietests gedaan met veel brandstofverbruik tot gevolg. Ook reden we in die periode veel lange afstanden en kwamen we op plekken waar geen laadmogelijkheden zijn. Daar zit dan ook het grootste probleem van een plug-in hybride, en dus ook van deze BMW 330e. Het verbruik is namelijk ontzettend afhankelijk van je rijstijl en het aantal kilometers dat je aflegt.

Rijd je elke dag niet meer dan 40 tot 60 kilometer, dan kun je al je kilometers volledig elektrisch en dus heel zuinig maken. Maar: hoe langer de rit wordt, hoe meer je verbruik stijgt. Dat is geen specifiek probleem voor de 3-Serie, maar wel een belangrijk punt om in gedachte te houden als je gaat kiezen voor een auto als deze.

Past een PHEV-aandrijflijn bij je gebruikspatroon, kun je veel elektrische kilometers maken en hoef je weinig de verbrandingsmotor te gebruiken, dan kun je heel erg zuinig met een BMW 330e rijden. Ben je een enorme kilometervreter en ben je ook niet in staat om je auto makkelijk op te laden, dan is een andere aandrijflijn waarschijnlijk beter geschikt.

Belangrijk is in dat geval ook om te weten dat de benzinetank in de 330e maar 40 liter meet, terwijl die in een 330i een volume van 59 liter heeft.

BMW 330e M Sport Edition: Business en Sportiviteit in Één

De BMW 3 Serie Sedan & BMW 3 Serie Touring 330e zijn nu te bestellen als speciale M Sport Editions bij Van Poelgeest. De hybride business sedan en stationwagen zijn tijdelijk verkrijgbaar in een gelimiteerde M Sport Edition. Deze luxe Edition combineert de rijke uitrusting van de Business Edition met de geweldige, sportieve opties van het Model M Sport. Daarmee is de BMW 330e M Sport Edition een volmaakte bundeling van business en sportiviteit.

Lees ook: Luchtinlaat problemen bij de BMW 330e?

*Het actie aanbod is geldig op productie auto’s vanaf november 2025.

De BMW 330e Touring: Ruimte en Rijplezier

Qua ontwerp zullen veel mensen het met me eens zijn als ik zeg dat de BMW 330e Touring geslaagd is. Zelfs als de auto is gespoten in metallic zwart, zoals onze testwagen. De aandrijving is, zoals we vaker zien in moderne auto’s, een hybride. Onder de motorkap ligt een 2.0-liter viercilindermotor, gekoppeld aan een automatische versnellingsbak en elektromotoren. Als rijder heb je de keuze om ze te combineren voor meer vermogen of juist te scheiden om volledig elektrisch te rijden.

Het verbruik is volgens de fabrikant slechts 1 liter per 100 kilometer, met een maximale elektrische actieradius van 90 kilometer. Het benzineverbruik in onze testperiode lag echter beduidend hoger: 3,6 liter per 100 kilometer. Het elektrische bereik is een ander verhaal. Op het digitale dashboard zagen we een elektrische actieradius die nooit hoger kwam dan 45 kilometer-de helft van de claim. Toch kom je, dankzij de sterke regeneratieve remmen, vele malen verder. Helaas toont het systeem niet hoeveel extra kilometers je wint.

Het grootste voordeel van een stationwagen is natuurlijk de ruimte die hij biedt. In de BMW 330e Touring is die ietwat beperkt door de elektromotor en het accupakket. Toch heb je nog altijd 410 liter bagageruimte, wat allesbehalve slecht is. Belangrijker is dat er geen tildrempel is: gewoon neerzetten en doorschuiven. Dat maakt het ook prettiger voor de hond des huizes, omdat het beestje gewoon makkelijk in -en uit kan stappen.

Rijden met Plezier: De Ervaring Achter het Stuur

Het motto van BMW is al jarenlang: “Rijden met plezier”. Het eerste dat opvalt na het instappen is de zitpositie: laag, met goede stoelen die prima ondersteuning bieden, en een dik stuur. Zou er een kern van waarheid zitten in BMW’s slogan? We drukken de start-stopknop in-en horen niets. Compleet stil. Op het grote digitale dashboard zien we de bevestiging dat de aandrijving naar de achterwielen gaat.

Met die slechte stereotype grap achter de rug kijken we naar het middenconsole. Links daarop zijn de rijmodi-knoppen overzichtelijk geplaatst. Bovenaan begint het met Sport, gevolgd door Hybrid en Electric. Elke modus is, zoals we gewend zijn van BMW, naar eigen smaak in te stellen. Onze favoriet? De XtraBoost-modus in de Sport-sectie. Het lineaire vermogen komt dan het beste tot zijn recht: de kracht is direct beschikbaar en blijft constant, ongeacht het toerental. Pas bij 5.000 toeren per minuut haal je het maximale vermogen eruit.

Hoe verfijnd de aandrijflijn ook is, zonder een goed chassis is dat niks waard. Gelukkig stelt het onderstel niet teleur. De afstelling is precies waarom je voor een stationwagen kiest in plaats van een SUV of crossover. BMW’s M-Performance-team heeft hier geweldig werk geleverd. De demping is stevig, zonder oncomfortabel te zijn. De veiligheidssystemen kijken op de achtergrond met je mee, terwijl je met onwaarschijnlijke snelheden door bochten kunt sturen. De auto blijft ten alle tijden strak en beheerst.

Een goede aandrijflijn en een sterk chassis zijn echter niets zonder degelijke remmen. In de Sport-modus zijn ze uitstekend. In alle andere modi merk je echter dat het rempedaal actief wordt ingedrukt wanneer de auto regeneratief remt-een nogal onplezierige ervaring. Dit was de voornaamste reden dat we de auto tijdens bijna de hele testperiode in XtraBoost en handmatige schakelmodus hielden. Niet omdat dat vele malen leuker rijdt natuurlijk, dat zouden we nooit doen.

Pluspunten en Minpunten: Een Afweging

Gedurende je rit kijk je zo nu en dan natuurlijk naar je digitale dashboard en infotainmentsysteem. Wat dan opvalt, is de resolutie van het scherm. Het is duidelijk dat we fan zijn van het chassis en de aandrijflijn. Daar hebben we inmiddels genoeg over geschreven. Het laatste punt dat we onder de aandacht willen brengen, is het camerasysteem. Dat is uitmuntend. Geweldige resolutie en nauwelijks vertraging in het beeld. Tijdens het parkeren kun je ervoor kiezen om de 3D-functie in te schakelen. Dan zie je je auto van buitenaf, waardoor je enorm makkelijk kunt beoordelen of je netjes geparkeerd staat.

Dus, het rijdt lekker. Goede camera’s en infotainment. Alles koek en ei? Nee, helaas niet. Sterker nog, zodra we stoppen met rijden, zien je al snel de mindere punten. Laten we beginnen met de BMW-betaalmuur. Daarmee kunnen klanten betalen voor additionele opties waar de auto al gewoon toe in staat is. Een voorbeeld: grootlichtassistentie. We hadden de optie om daarvoor €189,- te betalen, waarna het systeem werd vrijgegeven. Dat betekent dus dat de auto deze functie al heeft, maar BMW ervoor kiest om deze achter een betaalmuur te zetten.

Hoewel het scherm een fijne resolutie heeft en goed is afgewerkt, hadden we heel graag fysieke knoppen voor de aircobediening gewild. Nu moet je door het scherm scrollen tot je bij de climatecontrol-instellingen bent. Vervolgens moet je goed kijken wat je precies gaat veranderen, want erg intuïtief is het niet. Het spreekt voor zich dat je dit allemaal doet terwijl je aan het rijden bent.

We geven graag toe dat het interieur erg goed is gemonteerd-geen opvallende piepjes of kraakjes. Dat gezegd hebbende, voelt de binnenkant niet als iets dat €67.000,- kost. Dat heeft te maken met de grote hoeveelheid goedkoop aanvoelend plastic. Dit doet afbreuk aan de kwaliteitsbeleving van de auto wat gewoon zonde is. Gelukkig bieden de Duitsers ook de optie om het interieur te bekleden met leder, iets wat we ten zeerste aanraden.

Zijn er dingen waar we het nog niet over gehad hebben? Jazeker! De meest noemenswaardige daarvan is de achterklep. Je hebt de keuze om ofwel alleen de ruit te openen, ofwel de volledige achterklep. Dit is een handige feature die sneller en makkelijker werkt dan de elektrische achterklep.

Prijskaartje: Is Het de Investering Waard?

De kosten voor al dit moois zijn al globaal benoemd, maar om precies te zijn kostte “onze” BMW 330e Touring €67.306,-. Dat is best een smak geld natuurlijk.

Dan rest natuurlijk de vraag: is het ons dat waard? De BMW 330e Touring heeft zijn gebreken. Het materiaalgebruik is ondermaats en de betaalmuur is ronduit irritant. Maar zodra je rijdt, maakt deze auto erg veel goed. Het antwoord op de vraag of BMW’s slogan nog steeds klopt? Absoluut. De BMW 330e Touring rijdt je met plezier.

De BMW 330e combineert prestaties met efficiëntie en geavanceerde hybridetechnologie. Hierdoor wordt een dynamische rijervaring geboden. Alle hybride BMW modellen belichamen de typische kwaliteit en sportieve uitstraling van BMW, elk met hun eigen karakter. Voor de liefhebbers van sportiviteit is er de BMW 330e M-Sport die beschikt over M-Sport exterieur en interieur opties.

BMW 330d vs 330e: Welke Kiezen?

De BMW 330e is voorzien van een tweeliter turbomotor uit de BMW 320i en een elektromotor die samen goed zijn voor 292 pk en 420 nm. Wel moeten die motoren aardig wat kilootjes meeslepen. De plugin-hybride weegt 1745 kg. De BMW 330d is nog een ‘ouderwetsche’ zes-in-lijn turbodiesel en goed voor 265 pk. Belangrijker is het koppel van 580 nm die al bij 1750 toeren tot je beschikking staat. De BMW 330d is met de zware zescilinder in de neus ook geen lichtgewicht maar de weegschaal stopt al bij 1565 kilogram. Dat is toch 180 kilogram lichter dan de 330e.

De BMW 330e voelt wat agressiever aan en draait met wat meer plezier hoge toeren. Dat geeft een gevoel van snelheid, maar de cijfers laten toch iets anders zien. De BMW 330e is bij sprintjes op de Autobahn maar heel nipt sneller dan de BMW 330d. Met één grote kanttekening: alleen als er voldoende sap in de batterij zit. Als de batterij het nulpunt nadert zakt het vermogen ietsjes terug en is de machtige zes-in-lijn opeens superieur.

Voor beide motoren geldt overigens dat ze het fijnste rijden als je het gaspedaal op 80% indrukt. Dan kun je - zeker in de diesel - surfen op die enorme koppelgolf en ben je heel vlot en vloeiend onderweg. Ook de plugin-hybride heeft dankzij de elektromotor veel koppel onderin en kan schakellui gereden worden.

Er kan maar één winnaar zijn en dat is vanzelfsprekend de BMW 330d. Iedereen die wel eens een BMW zescilinder turbodiesel heeft gereden kan dit bevestigen. De krachtbron produceert een bijzonder fraai en kenmerkend BMW zescilinder dieselgeluid.

Bij de BMW 330e is het eerder omgekeerd. Daar hoor je vooral heel veel ‘motorgeluid’ uit de radiospeakers komen. Nu heb ik niets tegen wat extra speakerhulp zolang het maar goed is uitgevoerd. En daar gaat het mis, want het klinkt gewoon niet heel erg prettig. Vooral boven de 4.000 toeren gaat het mis. Doe mij toch maar de stille BMW 330d. Die auto geeft je door die heerlijke motor altijd het gevoel dat je in iets bijzonders rijdt.

Een BMW 330d is met die grote dikke zescilinder natuurlijk niet direct een ultiem zuinigheidswonder. Was dat het doel, dan had ik beter een BMW 320d kunnen meenemen. Toch noteer ik hier de eerste grote verrassing. In de praktijk is de BMW 330d helemaal niet zo’n zuipschuit. Zonder moeite haal je 1 op 17 en haal je met gemak 1000 kilometer op een tank. Ook als je vol aan het trappen bent op de Duitse Autobahn zakt je gemiddeld verbruik niet snel onder de 1 op 11. Heel erg netjes voor een auto met een dergelijke motor.

De BMW 330e is natuurlijk ideaal bij korte ritten tot circa 35 kilometer. Dan kun je volledig elektrisch rijden. Het gaat bij de BMW 330e mis als de benzinemotor moet helpen. Dan moet de benzinemotor opeens heel veel kilootjes meeslepen. En dat zie je terug in het verbruik. Helemaal als je gaat trappen op de Autobahn is de lol er snel af.

Conclusie: Een Weloverwogen Keuze

De nieuwe BMW 3-serie is een heerlijke auto. Ongeacht of je de BMW 330e of 330d kiest. Echt een sportsedan van de oude stempel. De besturing is bij beiden heerlijk precies, het onderstel voortreffelijk, de gewichtsverdeling nagenoeg perfect en de achterwielaandrijving zorgt voor zoveel meer beleving. Gek genoeg voelt de BMW 330e wat lichtvoetiger aan, ondanks de extra kilootjes. De accu’s zorgen voor een lekker laag zwaartepunt. Toch is de BMW 330d in staat tot hogere bochtsnelheden. Dat komt allereerst omdat op de BMW 330d hele sportieve Michelin 4S zijn gemonteerd en de 330e het moet doen met Pirelli P Zero banden.

Als je los gaat op de optielijst schiet de prijs omhoog. Dat hangt echt af van je persoonlijke situatie. Rijd je vaak korte ritten, dan is de BMW 330e toch wel heel voordelig in gebruik. Je kunt er tot 40 kilometer prima elektrisch mee rijden. In alle andere gevallen kies ik toch voor de BMW 330d, ook al zijn de verschillen klein. De BMW 330d is een auto zonder compromissen. Een auto die net die paar procentpuntjes beter rijdt en dat is voor mij belangrijk. Ik wil bij een BMW 3-serie geen compromissen.

Populaire artikelen:

Plaats een reactie