De Opel Insignia OPC, gelanceerd in 2009, is een opvallende verschijning in het segment van sportieve middenklassers. Met zijn krachtige motor, opvallende design en comfortabele rijeigenschappen, biedt deze auto een unieke combinatie van prestaties en dagelijks gebruiksgemak. Laten we eens dieper ingaan op wat deze auto te bieden heeft.
Een sportieve auto komt het best tot zijn recht in een blauw jasje. Althans, dat zijn wij van mening betreffende een groot van het wagenpark. Eerder reden we de Opel Astra OPC in een agressief blauwe kleur, hetzelfde geldt voor deze Insignia OPC. Qua uiterlijk lijkt Opel een voltreffer te hebben geschoten. De reguliere Insignia is (mits in een goede kleur en met goede grote velgen) al een dikke verschijning, maar de OPC overtreft dat heel duidelijk. Om er maar eens een technische term tegen aan te gooien: de roadpresence is goed.
In de huidige verschijningsvorm ziet ‘ie er niet uit als een lieverdje, zeker niet met de 20-inch grote wielen en luchthappers op de voorzijde. De testlocatie aller testlocaties, dat is waar wij een middag met de Insignia OPC mochten spelen om een oordeel over de rijeigenschappen te vormen: de Nürburgring.
Dit wereldberoemde Duitse traject van 22,8 kilometer door de Eiffel wordt door elke zichzelf respecterende autofabrikant gebruikt om te testen - ook Opel gebruikte het traject bij de ontwikkeling van de Insignia OPC. Met 176 bochten, enorme hoogteverschillen, verschillende soort asfalt en per uur veranderende weersomstandigheden vormt de Nürburgring een veelbesproken tafereel voor snelle auto’s. Deze middag is het geheel afgehuurd door Opel. Op een paar testrijders na, is het geheel leeg en hebben wij het rijk alleen. Het is droog en we schieten de baan op om eens lekker los te gaan.
Opel Insignia OPC op de Nürburgring Nordschleife
Motor en Prestaties
Gewoon is ook zeker niet de motor. We mogen wel stellen dat deze zescilinder in dit segment de laatste der Mohikanen kan worden genoemd. Daar waar een V6 tien jaar geleden nog geen uitzondering was in het segment van middenklassers, is het inmiddels goed zoeken naar een dergelijke motor, het Duitse trio Mercedes, BMW en Audi uitgezonderd.
Lees ook: Bekijk de volledige analyse van de Opel Grandland automaat.
De 2.8 zescilinder benzinemotor in de Insignia OPC levert 325pk en 400nm koppel. Bij het vloeren van het gaspedaal komt de 1700 kilo zware Duitser in beweging en klinkt er een zware brul. De motor heeft even toeren nodig om echt vaart te maken, maar eenmaal op dreef lukt het om in zes seconden op de honderd kilometer per uur te komen. Dankzij een performance package is de topsnelheid niet begrensd op 250 kilometer per uur, maar kan er indien nodig zelfs 270 op de klokken verschijnen.
De reden is het hart van deze Insignia OPC: het V6 blok met turbo. Dit lijkt een oldskool turbo-blok: er zijn geen twinturbo fratsen of een combinatie met een supercharger. Daardoor is de motor nogal doods beneden de 2500 toeren, de acceleratie is dan simpelweg niet overtuigend. Kom je boven die grens, dan sleurt de 2.8 V6 weer eindeloos door tot aan de rode lijn. Even afzakken tot negentig per uur en dan zonder schakelen weer door naar de op 250 km/u begrensde top is er dus niet bij, tenzij je het niet erg vindt dat de Panda’s en Priussen je de eerste meters om de oren vliegen.
Op de snelweg zul je dus af en toe moeten schakelen om het tempo er echt lekker in te houden. Daar valt op zich mee te leven, maar op andere momenten is de geringe trekkracht een stuk vervelender. Zoals in die bochtige weg heuvelopwaarts. De aan te vallen bocht is iets ruimer dan een hairpin, de snelheid bocht in is +/- 40 km/u. Na de apex gaat het gas er vol op en dan gebeurt er… niks. Natuurlijk had ik die bocht in de eerste versnelling kunnen nemen, maar dat zou niet nodig hoeven zijn. Gelukkig schakelt de zesbak verder goed.
Schakelen is een duidelijk minder punt, en dan drukken we ons nog vriendelijk uit: het gaat nogal hakerig en zoekerig en de schakelslag mag veel korter bij zo’n sportief geval. Zeker op ‘de Ring’, in achtervolging op een van Opels testrijders, wil je met korte slagen van twee naar drie en van drie naar vier en weer terug. Tak-tak-tak. Dat gaat niet. De bak is simpelweg niet toegerust voor deze auto: een misser.
Wel lekker is de nieuwe zestraps automaat voor de Insignia OPC. Naast de automatische modus biedt deze transmissie de bestuurder de mogelijkheid om manueel te schakelen met (optionele) schakelflippers aan het stuur. De elektronische sturing van de transmissie is verbonden met het mechatronische FlexRide-chassis van de Insignia OPC. Door het inschakelen van sport- of OPC-modus schakelt de automaat sneller terug en houdt deze de versnellingen langer vast. Ook schakelt de elektronische schokdempersturing over naar minimale carrosseriebewegingen en reageren het stuur en gaspedaal directer.
Lees ook: Alles over de Opel Combo
Om het vermogen normaal op de weg te kunnen brengen, besloot Opel de Insignia OPC van vierwielaandrijving te voorzien. Niet de meest lichte oplossing, niet de meest zuinige oplossing - de OPC zuipt als een olieboot, maar wat kan ons dat schelen? - wel de meest gripvolle oplossing.
Ondanks de erg hobbelige wegen en een straf rijtempo heb ik de Insignia OPC op geen misstap kunnen betrappen. Het onderstel incasseert allemaal zonder drama. Scherpte biedt de OPC stand weldegelijk en de bodyroll is er al helemaal niet.
Neem je te veel snelheid de bocht mee in, dan trakteert de Insignia je allereerst op veilig onderstuur. Bij gas los merk je dat er enige beweging in de achterkant zit, maar listig wordt de Insignia OPC op droog in eerste instantie niet. De bochtsnelheden zijn wel hoog, de plakkerige Pirelli P Zero banden helpen daar zeker aan mee.
Standaard rolt de Insignia op 19” lichtmetaal met 245/40 banden, maar het testexemplaar was uitgerust met 20” gesmede velgen met 255/35 banden. Achter die velgen prijken mooie geperforeerde (alleen voor) schijven en remklauwen met het opschrift Brembo. De meegegoten zwevende schijven zijn speciaal voor de Insignia OPC ontwikkeld en gecombineerd met vier zuigers en high performance remblokken. Ondanks een nogal geïnspireerde rijstijl gaven de remmen geen krimp, ze bleven het gewoon doen zoals het hoort.
Ook voor het uitlaatsysteem werd de hulp van een bekende naam ingeroepen: Remus assisteerde Opel bij het ontwikkelen van de uitlaat. Deze is enkele kilogrammen lichter dan de standaard exemplaren en natuurlijk hebben de ingenieurs ook aan de sound gedacht. Het uitlaatgeluid heeft net een scherper randje gekregen zonder te luid zijn. Slechts heel af en toe is het geluid iets te brommerig, maar daar hoef je niet wakker van te liggen.
Lees ook: Opel Astra uit 2000 taxeren
Vering en demping zijn de Insignia’s grootste troef. De OPC krijgt ook het instelbare onderstel Flexride mee. In de comfort stand zal de fanatieke stuurman niet klagen, maar ook oma achterin hoeft geen extra kukident om haar glimlach te behouden. In de hardste stand (toepasselijk OPC genaamd) wordt het onderstel duidelijk harder, maar nog steeds is er een zekere mate van soepelheid aanwezig.
Ik zou je niet af laten schrikken door alle verhalen op fora. Daar komen 9 v/d 10 mensen naartoe als ze problemen hebben en dan lijkt het al gauw dat ze geteisterd worden door problemen terwijl er veel meer auto’s rondrijden zonder problemen.
Even wat onderzoek gedaan naar de haldex koppeling. De haldex koppeling gaat vaak kapot in de eerste 10.000 tot 20.000 km. Het lijkt te komen doordat er keringen danwel pakkingen lekken tussen de haldex koppeling en het differentieel. olie dan in de haldex koppeling, als dit mengt gaat de boel kapot. keringen en pakkingen voldoende. Als deze kapot is gaat de auto bonken en wringen bij scherpe bochten.
Interieur en Comfort
Het interieur ziet er voornaam, degelijk en modern uit. Hoewel er veel knoppen op het dashboard zijn, ziet het geheel er niet rommelig uit. Dat geldt wel voor het stuurwiel. Helaas zijn hier teveel knoppen waardoor je het overzicht snel kwijt raakt. We tellen alleen op het stuur al zestien(!) verschillende knopjes voor de bediening van audio, navi en cruisecontrole.
Op het middenconsole vinden we een touchpad, dat dient voor de bediening van het multimediasysteem. Dit systeem vergt zeker enige gewenning, maar eenmaal je eigen gemaakt werkt het prima. De auto is verder ook behoorlijk praktisch. Zonder moeite kunnen er vier volwassenen mee, en als het moet zelfs vijf.
In het interieur worden de spannende lijnen van de OPC niet echt doorgezet. De optionele Recaro’s met ook al optioneel zwart leer zitten prima en zien er dito uit. Het “hout” uit andere Insignia is vervangen door zwarte sierstrips, waardoor ze bijna wegvallen tegen het zwarte dashboard. Een leuk aluminium stripje was waarschijnlijker wat spannender geweest. Dat Opel toegang heeft tot dat materiaal blijkt uit het sportstuur waar de tijgertanden in aluminium terug te zien zijn.
Opvallend is de enorme rust aan boord, ook op hoge snelheden. Het lijkt alsof je een stuk langzamer rijdt dan de snelheidsmeter aangeeft. De automaat schakelt soepel door de versnellingen en hapert slechts zelden. Drempels voel je nauwelijks, maar bochten kunnen scherp worden genomen.
Verbruik en Kosten
Het gemiddelde verbruik van de Insignia OPC is op papier al hoog. Dat komt vooral door de gedateerde techniek, alhoewel we daarmee geen afbreuk willen doen aan de fantastische kwaliteiten van deze auto. De fabrieksopgave voorspelt 10,7 liter per honderd kilometer, een slordige 1 op 9,5 kilometer dus. In de praktijk is dit met een kalme rechtervoet haalbaar, maar veel zuiniger wordt het niet. En in principe hoeft dat ook niet voor een sporter uit dit segment.
Helaas wordt een hoge CO2-uitstoot in dit land beboet, hetgeen leidt tot een basisprijs voor deze auto van 73 mille. Kleed je ‘m dan helemaal compleet aan, kom je uit op een slordige tachtigduizend euro. En dat is wel even slikken.
Een definitieve Nederlandse prijs is er nog niet, maar naar verwachting wordt het zo tussen de 62 en 65 mille. Een hele bak met geld, waarvoor ook concurrenten in zicht komen zoals de BMW 335i en Audi S4. De vierdeurs staat voor 62.350 euro in de prijslijst (43.900 euro in België) en dat is fors. Het is zowel in Nederland als in België weliswaar tien mille minder dan een Audi S4 en ongeveer hetzelfde als een kale BMW 335Xi, aan het niveau van beide auto’s kan de Insignia niet tippen. Daarvoor mist-ie scherpte in z’n besturing, mist-ie de ultieme balans, schakelt-ie te beroerd en heeft-ie te veel hard plastic binnenin. Z’n enige opponent is dan ook de iets duurdere (5.000 of 3.000 euro, afhankelijk van of je Nederlander of Belg bent) Volkswagen Passat R36.
Speciale Edities
Opel heeft een speciale editie van de OPC in de prijslijst gezet. De Opel Insignia OPC is er voor degenen die het genoegen mogen smaken een Insignia te rijden én budget over hebben voor wat peper onder de motorkap. Hij is al enige tijd leverbaar als vierdeurs, vijfdeurs en stationcar. Dat laatste getal geldt echter niet voor de nieuwste Insignia-variant. In de nieuwe OPC Unlimited loopt de teller rustig door tot 270 km/u.
Toch komt Opel volgens Alain Visser, marketingtopman bij Opel, met de Unlimited tegemoet aan de wens van klanten. ‘Kopers van de Insignia OPC zijn vaak ervaren en verantwoorde bestuurders die graag van alle technische mogelijkheden van hun auto willen genieten’, aldus Visser.
Bovendien haalt alleen de vierdeurs uitvoering met handbak deze snelheid. Bovendien is de Unlimited-editie op alle overige punten identiek aan de standaard Insignia OPC. Ook de optische kenmerken springen weinig in het oog. Voor wie een meer extravagante smaak heeft, staat er ook een speciale versie met matzwarte lak op het programma.
Erg veel redenen om voor de Unlimited te kiezen, zijn er in onze ogen niet. Alle andere onbegrensde auto’s die je op de Duitse snelweg tegenkomt, zijn niet bij te houden. De BMW M5 rijdt bijvoorbeeld 331 km/u wanneer de begrenzer eraf wordt gehaald. De enige meerwaarde - afgezien van die extra 20 km/u als je geluk hebt - is de OPC Performance-rijtraining op het testcircuit van Opel in Dudenhofen.
Conclusie
De Opel Insignia OPC is een unieke auto. Niet alleen door zijn kenmerkende zescilinder die vrijwel nergens meer gevonden wordt, maar ook dankzij het comfortabele karakter in combinatie met een enorme bak aan power. Het is jammer dat de akoestiek van de Insignia OPC een beetje achterblijft bij het uiterlijk: dat is dik, vol en toch beschaafd terwijl het motorgeluid tam is. Misschien niet als je achter de uitlaat hangt, maar wel binnenin, achter het stuur.
Tussen alle saaie en behoudende zakenauto's is die vernieuwer de Opel Insignia. De Opel Insignia onderscheidt zich van andere grote zakenauto's met vooruitstrevende techniek, veel aandacht voor vormgeving en een hoge mate van comfort. Dat geldt des te meer voor de Sports Tourer. Opnieuw is het lijnenspel bovengemiddeld elegant. Dankzij een enorme achterklep is de bagageruimte optimaal bereikbaar.
De nieuwe 1.6 liter turbomotor zal door het uitgesproken karakter niet bij iedereen in de smaak vallen. In tegenstelling tot moderne motoren van andere fabrikanten is de 1.6 turbo niet snel én zuinig; de Opel-motor is snel of zuinig. Een tussenweg is er niet. Wanneer kalm wordt gereden is het verbruik zeer laag, maar voelt de Insignia ondergemotoriseerd en ontbreekt de grootsheid die deze auto juist zo aantrekkelijk maakt. In de Sport-stand loopt het verbruik snel op.
We hoeven je er niet meer van te overtuigen dat de Opel Insignia een van de allerfraaiste Opels sinds decennia is. Jammer genoeg gooit de kredietcrisis roet in het eten van leasend Nederland en moeten we allemaal een stapje terug doen van onze baas. Dus waar je vroeger met tranen in je ogen moest instappen in een Vectra, daar had je nu vol levensvreugde in een Insignia willen stappen.
Toch, voor de mensen die wel het genoegen mogen smaken een Insignia te rijden én budget over hebben voor wat peper onder de motorkap, is er de OPC. Als vierdeurs, vijfdeurs en stationcar.
