Auto en WIA-uitkering: Wat zijn de regels?

Het bezitten van een auto kan invloed hebben op uw recht op een WIA-uitkering. Er zijn verschillende regels en voorwaarden waarmee u rekening moet houden. Dit artikel geeft u een overzicht van de belangrijkste aspecten, zoals de vermogensgrens, de inlichtingenplicht en het gemeentelijk beleid.

De inlichtingenplicht

De inlichtingenplicht binnen de Participatiewet is de laatste tijd vaak in het nieuws. Deze inlichtingenplicht houdt in dat de bijstandsgerechtigde mededeling (uit eigen beweging of op verzoek) moet doen van alle feiten en omstandigheden waarvan hem of haar duidelijk moet zijn dat dit van invloed kan zijn op het recht op bijstand. Onder deze inlichtingenplicht valt onder andere het (financiële) vermogen van de bijstandsgerechtigde.

Het is om die reden heel prettig als iemand die een auto op naam krijgt, dat meldt bij de gemeente. Doet hij dat niet, dan wordt vaak een boete opgelegd wegens schending van de inlichtingenplicht.

Op grond van artikel 17, eerste lid PW moet de belanghebbende ‘op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling doen van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op (…) het recht op bijstand.’ Dit betekent concreet 2 dingen. Ten eerste dat iemand de gegevens zo snel mogelijk aanlevert bij de gemeente. Wat zo snel mogelijk is, dat bepaalt de gemeente zelf. Ten tweede betekent het dat iemand autobezit alleen dan hoeft door te geven, als dit van invloed kan zijn op het recht op bijstand. En daar wordt het interessant.

Bij het ontvangen van een bijstandsuitkering hoort een groot aantal regels. Dat is prima, maar dan moeten die regels wel duidelijk zijn. Er staan namelijk behoorlijk zware sancties op het overtreden van deze regels. Over de exacte uitleg van sommige regels zijn zelfs de professionals het niet eens. Hoe kan de burger dan precies begrijpen wat er van hem wordt verwacht?

Lees ook: Hoe auto afschrijving berekenen?

WIA-aanvraag en uitkering: Alles wat je moet weten

Vermogensgrens en de auto

De Participatiewet hanteert een vermogensgrens van € 6.295,00 voor een alleenstaande en € 12.590,00 voor een alleenstaande ouder of voor de gehuwden tezamen. Bij vermogen boven deze grens vervalt het recht op bijstand.

In de context van de Participatiewet in Nederland is er een vermogensgrens vastgesteld in artikel 34. Deze grens bepaalt hoeveel vermogen iemand mag hebben om in aanmerking te komen voor bijstand. De waarde van de auto meetelt als vermogen. Als de waarde van de auto, samen met andere vermogensbestanddelen, boven de vermogensgrens uitkomt, kan dit invloed hebben op de bijstandsuitkering.

Als vermogen wordt aangemerkt de waarde van de bezittingen waarover de bijstandsgerechtigde beschikt of redelijkerwijs kan beschikken, verminderd met de aanwezige schulden.

Een vraag die we vaak krijgen: mag ik een auto als ik in de bijstand zit? Het antwoord is: ja, u mag een auto hebben, maar u moet dat wel mededelen aan de gemeente. Daarnaast mag de auto niet te duur zijn. U hebt een inlichtingenplicht in de bijstand. Dat betekent dat u op grond van artikel 17 van de Participatiewet duidelijkheid moet verstrekken over uw auto. In beginsel valt een auto onder het begrip vermogen in de zien van artikel 34 derde lid. Gemeenten maken hierop in veel gevallen buitenwettelijk begunstigend beleid, waarin zij een vrijlatingsgrens opnemen. Is de auto meer waard dan telt het meerdere als vermogen.

De waarde van de auto kan door de gemeente worden bepaald op basis van de ANWB/BOVAG koerslijst. Tegenbewijs is mogelijk, bijvoorbeeld een betalingsbewijs of een advertentie van de auto of van vergelijkbare auto’s. Een aankoopbewijs is over het algemeen niet voldoende. Dan zou te gemakkelijk een “opzetje” kunnen worden gemaakt tussen koper en verkoper en op papier een prijs (ver) onder de marktprijs kunnen worden afgesproken. Zorg er daarom voor dat kan worden aangetoond hoeveel voor de auto is betaald en dat aannemelijk kan worden gemaakt dat het om een marktconforme prijs gaat.

Lees ook: Vind de perfecte autodealer in Huizen

De auto wordt niet automatisch tot het vermogen gerekend; er wordt rekening gehouden met de noodzaak en het gebruik van de auto.

Het bruto wettelijk minimumloon per 1 januari 2025 is vastgesteld op € 2.191,80 per maand, exclusief vakantiegeld. Het bruto wettelijk minimumloon per 1 juli 2024 is vastgesteld op € 2.133,60 per maand, exclusief vakantiegeld.

Vermogensgrenzen in 2025

Hoe duur een auto mag zijn als je in de bijstand zit, hangt af van de waarde van de auto én van je totale vermogen. De vermogensgrens ligt dit jaar op €7.770 voor een alleenstaande zonder kinderen en €15.540 voor alleenstaande ouders of samenwonenden.

Ja, als u te veel vermogen hebt, moet u eerst dit geld opmaken. U krijgt geen uitkering als uw vermogen boven een bepaalde grens komt. Die vermogensgrens is € 15.150,- voor een gezin of alleenstaande ouder en € 7.575,- voor een alleenstaande. Maar u mag uw vermogen niet te snel opmaken.

Gemeentelijk beleid

Er is geen eenduidig antwoord op te geven. De meeste gemeentes hebben in hun beleidsregels staan dat een auto maximaal € 7.500 mag kosten. Is uw auto meer waard? Dan heeft u in principe geen recht op bijstand.

Lees ook: Elektrische Auto Pechhulp

Gemeenten kunnen in hun beleid opnemen dat auto's vanaf een bepaald bouwjaar en onder een bepaalde dagwaarde als algemeen gebruikelijke bezitting worden vrijgelaten. Zo hanteert de gemeente Amsterdam bijvoorbeeld een grens van € 3.500,00 voor de waarde van een auto. Wanneer de dagwaarde van de auto meer is dan dit bedrag wordt dit bij het vermogen opgeteld.

Mocht een gemeente dergelijk beleid hanteren betekent dit dat het bezit van een auto (tot bijvoorbeeld de waarde van € 3.500,00) geen invloed heeft op het vermogen van de bijstandsgerechtigde. Als vervolgens de bijstandsgerechtigde geen mededeling doet van het bezit van een auto met een waarde onder de vrijgelaten grens is dit ook geen schending van de inlichtingenplicht.

Gemeenten willen heel graag weten of iemand met een uitkering een auto (of motor, boot of camper) op zijn naam krijgt. Dat is logisch, want het kan gevolgen hebben voor het recht op die uitkering. Daarnaast kan het ook een fraudesignaal zijn. Denk aan de bijstandsgerechtigde die ineens een bestelbus koopt. Dan is het interessant om te weten waar hij die bus voor nodig heeft.

Als in het beleid van de gemeente is vastgelegd dat auto’s ouder dan (bijvoorbeeld) 7 jaar, of met een waarde lager dan (bijvoorbeeld) € 2.000,-, niet meetellen voor het vermogen, dan heeft het bezit daarvan dus géén invloed op het vermogen. En dan kun je mensen wel vragen, maar niet verplichten om dit door te geven op grond van de Participatiewet.

Iemand die in auto’s handelt moet dat namelijk wel melden. Ook als het gaat om auto’s die volgens het gemeentelijk beleid niet meetellen voor het vermogen. Handel wordt namelijk gezien als werk, en de inkomsten daarvan (lees: de prijs die voor de auto’s wordt betaald) worden gekort op de uitkering.

Het feit dat we het willen weten (de gemeente het wil weten?), betekent niet automatisch dat voor het niet doorgeven een boete kan worden opgelegd. Daarvoor is een aantal vragen van belang, zoals die hierboven beschreven zijn. Het blijft natuurlijk behoorlijk ingewikkeld, dus maak het voor de mensen die een uitkering ontvangen heel concreet en geef duidelijke voorbeelden. Bijvoorbeeld: ‘Koopt u een auto van uw spaargeld en is de auto minder waard dan € 2.000? Dan hoeft u dat niet aan ons door te geven. Of: Voor de waarde van de auto kijken wij naar de ANWB-koerslijst. De prijs daar kan anders zijn dan het bedrag dat u voor de auto heeft betaald. Twijfelt u? Bel ons gerust!’

Wilt u ook graag zicht op het autobezit dat niet gemeld hoeft te worden? Dan kunt u jaarlijks een steekproef doen op autobezit en iedereen uitnodigen van wie u nog niet wist dat die een auto had.

Aanschaf en verkoop van een auto

Vervolgens rijst de vraag wat de regels zijn voor aan- of verkoop van een auto. Als deze wordt gekocht in de bijstandsperiode met het eigen spaargeld is er in beginsel geen sprake van vermogenstoename en hoeft dit niet te worden gemeld zo lang de vermogensgrens niet wordt overschreden. Als iemand de auto heeft gekregen is er sprake van vermogenstoename en moet dit worden gemeld.

Als een auto wordt verkocht in de bijstandsperiode moet de opbrengst worden gemeld bij de gemeente. Uit de rechtspraak vloeit namelijk voort dat het ontvangen van stortingen en een bijschrijving op de bankrekening een omstandigheid is waarvan het de bijstandsgerechtigde duidelijk moet zijn dat dit van invloed kan zijn op het recht op bijstand.

Wanneer op basis van het gemeentelijk beleid de auto niet als vermogen wordt aangemerkt hoeft de verkoop door de bijstandsgerechtigde in de bijstandsperiode niet te worden gemeld. Weliswaar valt de opbrengst van de verkoop van een vrijgelaten bezitting op grond van artikel 34, tweede lid, aanhef en onder a van de Participatiewet niet onder de uitzonderingsbepaling, toch moet in beginsel aangenomen worden dat de verkoopopbrengst van een vrijgelaten bezitting voor de bijstandsgerechtigde niet beschikbaar is om in andere bestaanskosten te voorzien. Aangezien een dergelijk gebruiksgoed, na verkoop ervan, veelal wordt vervangen, dan wel dat met de verkoopopbrengst een ander, soortgelijk, gebruiksgoed wordt aangeschaft.

Dit wordt ook wel het vervangingsvermoeden genoemd. Uit de rechtspraak komt naar voren dat gelet op dit vervangingsvermoeden en de gevolgen daarvan, het voor de bijstandsgerechtigde niet zonder meer duidelijk kan zijn dat de opbrengst van de verkochte vrijgelaten auto van invloed kan zijn op het recht op bijstand.

Het blijft voor gemeenten echter altijd mogelijk om nader onderzoek te doen naar de vermogenssituatie van de bijstandsgerechtigde waar medewerking aan zal moeten worden verleend.

Bijzondere bijstand voor auto

In sommige gevallen kun je bijzondere bijstand aanvragen voor kosten die met je auto te maken hebben, bijvoorbeeld als je de auto dringend nodig hebt voor medische behandelingen of mantelzorg en er geen alternatief vervoer beschikbaar is. De gemeente beoordeelt of de kosten noodzakelijk zijn en of je geen andere manier hebt om ze te betalen. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om reparatie, verzekering of brandstofkosten. Let op: je moet altijd eerst toestemming vragen en bewijzen waarom de kosten écht nodig zijn.

Onze advocaat kan je ondersteunen bij het aanvragen of bezwaar maken als de gemeente je verzoek afwijst.

Juridische hulp bij problemen

Als je problemen krijgt met de gemeente over je auto en je bijstandsuitkering, kan dat vervelend zijn. Bijvoorbeeld als de gemeente vindt dat je auto te duur is of als ze weigeren bijzondere bijstand te geven voor noodzakelijke autokosten. Onze advocaat kijkt dan nauwkeurig of het besluit van de gemeente klopt en of ze de regels goed hebben toegepast. Soms gaat het mis doordat de gemeente verkeerde aannames doet over de waarde van je auto of je totale vermogen.

Als het besluit onterecht is, helpt onze advocaat je met bezwaar maken of het starten van een procedure. Zorg dat je je BSN en alle relevante documenten, zoals de gemeentelijke brief en gegevens over je auto, bij de hand hebt zodat we meteen aan de slag kunnen.

Als we je kunnen helpen, vragen we een toevoeging aan, waardoor onze juridische ondersteuning voor jou kosteloos is. Binnen vijf werkdagen stelt de advocaat een bezwaarschrift op, dat jij eerst kunt bekijken voordat het wordt ingediend. Vervolgens wachten we de reactie van de gemeente af. Zodra die binnen is, bespreken we samen de uitkomst en wat je daarna het beste kunt doen. Zo sta je er niet alleen voor als je problemen hebt met de gemeente over jouw auto en bijstand.

Onze juridische hulp is voor jou gratis als je hulp nodig hebt bij problemen met je bijstandsuitkering vanwege je auto in de bijstand. Wij regelen gesubsidieerde rechtsbijstand via de Raad voor Rechtsbijstand, ook wel een ‘toevoeging’ genoemd. Hierdoor betaal je meestal alleen een kleine eigen bijdrage.

Geen zorgen hierover: als bijstandsgerechtigde kun je vaak via een bijzondere bijstandsaanvraag bij jouw gemeente de eigen bijdrage terugkrijgen. Onze advocaat helpt je bij het aanvragen hiervan. In sommige gemeenten regelt de gemeente dat de eigen bijdrage direct aan ons wordt betaald, terwijl je in andere gevallen eerst zelf betaalt en het bedrag later terugkrijgt.

Uitkering en auto op naam: Controle door de gemeente

Gemeente controleren het recht op een bijstandsuitkering/PW-uitkering regelmatig door het instellen van een heronderzoek. In het kader van dat heronderzoek wordt u dan onder andere gevraagd om de bankafschriften van de afgelopen drie (3) maanden te verstrekken. De gemeente controleert bij het heronderzoek van uw uitkering ook of u een auto op naam heeft staan door een koppeling met de RDW gegevens.

Indien blijkt dat er in een periode van een jaar of meerdere jaren dat u een uitkering heeft veel auto’s op uw naam hebben gestaan, zal de gemeente u verzoeken om per auto aan te geven wat het aankoopbedrag was en voor hoeveel u de auto weer verkocht heeft. Daarbij dient u ook de aankoop- en verkoopnota te overleggen alsmede het vrijwaringsbewijs.

Lukt u het niet om deze gegevens te overleggen en geen voor de gemeente duidelijke verklaring over uw autobezit te geven, dan kan de gemeente besluiten om uw uitkering over bepaalde maanden of helemaal in te trekken/beëindigen, omdat de gemeente stelt dat sprake is van handel in auto’s en u door de inkomsten uit deze autohandel een inkomen heeft verdiend gelijk aan - of hoger dan de voor u geldende bijstandsnorm of dat het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld. De in die maanden of periode verstrekte bijstand zal dan worden teruggevorderd.

In die situaties is het van zeer groot belang dat tijdig bezwaar wordt ingediend tegen de terugvordering van de bijstandsuitkering. Indien u een apart besluit heeft ontvangen over de intrekking (beëindiging) van uw bijstandsuitkering dient ook hiertegen bezwaar te worden ingediend.

Bezwaarschrift indienen

Wij kunnen namens u bezwaar indienen tegen een intrekkingsbesluit en een herzienings-/terugvorderingsbesluit als u van mening bent dat er bijvoorbeeld geen sprake is geweest van autohandel en wij van mening zijn dat er ook juridische gronden zijn om het intrekkingsbesluit en terugvorderingsbesluit van de gemeente aan te vechten.

Wij kunnen samen met u de zaak op ons kantoor bespreken, maar het kan ook telefonisch, via skype of bijvoorbeeld via facetime. Wij werken door heel Nederland.

Een bezwaarschrift dient binnen zes weken na dagtekening van het besluit te zijn ingediend.

Wij adviseren u als u een intrekkings-, herziening - of terugvorderingsbesluit heeft ontvangen dan ook direct telefonisch contact met ons kantoor op te nemen om een afspraak te maken, zodat tijdig bezwaar kan worden ingediend.

Bel ons direct!! U heeft recht op een algemene bijstandsuitkering als u voldoet aan de voorwaarden. En u niet genoeg inkomen of vermogen heeft om van te leven. u woont in Nederland. u heeft niet genoeg inkomen of vermogen om van te leven.

Heeft u niet genoeg inkomen of eigen vermogen om van te leven? Dan heeft u recht op een bijstandsuitkering. U heeft onvoldoende inkomen als uw (gezamenlijke) inkomen lager is dan het sociaal minimum dat voor u geldt: de bijstandsnorm.

Bent u gehuwd of samenwonend? Of heeft u een gezamenlijke huishouding met een ander? Dan telt het gezamenlijke inkomen en het gezamenlijke vermogen van u en van uw partner.

Uw gemeente kijkt ook of uw financieel vermogen niet hoger is dan de wettelijke grens om nog bijstand te krijgen. Dit heet de vermogensgrens. Heeft u te veel vermogen? Dan heeft u geen recht op bijstand. Een voorbeeld van vermogen is spaargeld.

De gemeente berekent het vermogen aan de hand van de bankgegevens van u en uw gezin. Ook kijkt de gemeente of u waardevolle bezittingen heeft. Heeft u schulden? Dan trekt de gemeente die schulden van uw vermogen af. Hierdoor is uw vermogen lager. Voorwaarde is wel dat u kunt bewijzen dat u die schulden moet terugbetalen. De gemeente trekt studieschulden of schulden die u later mag terugbetalen niet van uw vermogen af.

Heeft u meer vermogen dan de vermogensgrens? Dan kunt u hiermee zelf in uw levensonderhoud voorzien. U heeft geen recht op bijstand totdat u dit vermogen dat boven de grens uitkomt daaraan heeft besteed. Ook als u in een eigen huis woont, kunt u recht hebben op bijstand.

Heeft u een tweede woning of vakantiehuis in binnen- of buitenland? De waarde van die woning wordt opgeteld bij uw vermogen. Komt uw vermogen boven de vermogensgrens?

Heeft u vragen over uw situatie? Neem dan contact op met uw gemeente. Of met sociaal raadslieden bij u in de buurt. Hier krijgt u gratis informatie en advies bij financiële of juridische problemen. Of hulp bij het invullen van formulieren of het schrijven van een bezwaarschrift.

Populaire artikelen:

Plaats een reactie